India eist actie tegen terreur uit Pakistan

India en Pakistan proberen via de diplomatieke kanalen een oorlog te voorkomen. Dat heeft de Indiase premier Atal Behari Vajpayee vanochtend gezegd in de Noord-Indiase stad Lucknow.

Terwijl zich in het Indiase deel van Kashmir en langs de bestandslijn met Pakistan opnieuw schermutselingen voordeden, zei Vajpayee dat een oorlog tussen beide landen ,,niet noodzakelijk'' is. Hij herhaalde het Indiase standpunt dat Pakistan moet aantonen dat het bereid is ,,serieus'' te praten over vrede. Dat kan alleen als Islamabad hard optreedt tegen de terroristische groeperingen die vanuit Pakistan guerrilla-operaties en aanslagen voorbereiden op Indiaas grondgebied.

Pakistan lijkt intussen vergaande stappen te willen zetten om de oorlogsdreiging af te wenden. President Pervez Musharraf heeft volgens The New York Times de militaire inlichtingendienst opgedragen om de steun te staken aan buitenlandse militanten die in Kashmir vechten.

De Amerikaanse krant baseert zich op hoge functionarissen in de Pakistaanse regering. Als het bericht waar is, verliezen de twee belangrijkste groepen Lashkar-e-Taiba en Jaish-e-Muhammad hun bescherming van de Pakistaanse autoriteiten.

Deze organisaties onderhouden ook nauwe banden met het terroristische netwerk Al-Qaeda van Osama bin Laden en worden door India verantwoordelijk gehouden voor talloze aanslagen, onder meer die op het Indiase parlement op 13 december.

Pakistan geeft toe dat zo'n 70 procent van alle aanslagen in India van de hand van deze twee groepen is, zo meldt The New York Times. De Pakistaanse regering zou inmiddels vijftig leden van beide groeperingen hebben laten oppakken, onder wie enkele leiders.

Musharraf zou daarnaast ook de tak van de militaire inlichtingendienst willen sluiten. Die houdt zich veelal bezig met steunoperaties aan de militante groepen in het Indiase deel van Kashmir.

Volgens westerse diplomaten neemt de Pakistaanse president met deze acties de meest gedurfde maatregel om de spanningen met India te verminderen. In het Pakistaanse leger bestaat van oudsher veel steun voor guerrilla-operaties in het Indiase deel van de omstreden bergstaat.

Autochtone moslimgroeperingen in Kashmir die vechten voor afscheiding van het Indiase deel van Kashmir houden wel ,,morele en politieke'' steun van de Pakistaanse regering. Het gaat onder meer om de Hizbul Mujahedeen, die actief was tijdens het begin van de opstand in Kashmir, in 1989, maar later werd overvleugeld door onder meer Lashkar-e-Taiba. De `inheemse' groepen moeten zich van Islamabad wel van hun buitenlandse leden ontdoen, voornamelijk Tsjetsjenen en Arabieren.

Lashkar-e-Taiba dreigde gisteren nog met het opblazen van de Taj Mahal, de islamitische graftombe in stad Agra, en de belangrijkste toeristische trekpleister in India. De groepering zou ook hebben gedreigd andere monumenten en belangrijke gebouwen in India op te blazen.

De spanningen tussen Islamabad en New Delhi zijn de afgelopen dagen iets gezakt. Zowel Musharraf als Vajpayee reist vandaag naar de Nepalese hoofdstad Kathmandu voor de jaarlijkse Zuid-Azië-topconferentie. Onduidelijk is nog of beide leiders bilateraal met elkaar zullen spreken.

Beide landen hebben hun posities langs de ruim drieduizend kilometer lange grens versterkt.

Als Pakistan niet tegemoetkomt aan de Indiase eis de terreurgroepen die India verantwoordelijk houdt voor de aanslag op het parlement uit te schakelen, sluit dat land een oorlog niet uit.