`Ellende op het spoor neemt nog steeds iedere week toe'

Sinds het Kamerdebat in december hing het vertrek van NS-directeur Huizinga in de lucht, maar nu is het definitief.

Op de stoel van de directie of de raad van commissarissen wilde ze niet zitten, liet minister Netelenbos afgelopen juni nog tijdens een spoeddebat in de Tweede Kamer over de NS weten. Maar dat de overheid weer meer greep op het geprivatiseerde bedrijf moest krijgen, was toen al ook voor haar duidelijk.

Aanleiding voor dat spoedoverleg was een combinatie van grote en kleine gebeurtenissen, zoals de rellen bij het Centraal Station in Amsterdam op Koninginnedag en uitspraken van NS-directeur Huisinga in de media dat de ellende op het spoor nog wel anderhalf jaar zou duren. Vorige maand, vlak voor de Tweede Kamer met kerstreces ging, werd duidelijk dat de minister wel degelijk op de stoel van in ieder geval de raad van commissarissen zou plaats nemen als de uitval van treinen onaanvaardbaar hoog bleef.

Maar of de minister de commissarissen zou dwingen om Huisinga weg te sturen, bleef onduidelijk. Anderzijds had Timmer al eerder vorig jaar zijn lot verbonden aan dat van de directie door te verklaren dat hij ook op zou stappen als de directie weg moest.

De verhouding tussen het Rijk en NS is in de afgelopen anderhalf jaar meer dan twintig keer in de Kamer aan de orde geweest. Iedere keer bleek dat de relatie tussen de overheid en NS in het eerste overgangscontract na de verzelfstandiging abominabel geregeld was. ,,Zo kan het niet langer'', kreeg de minister keer op keer van een ontevreden Kamermeerderheid te horen. Maar concrete middelen om het bedrijf sancties op te leggen waren er, behalve boetes, niet. Vorige maand moest Netelenbos onder zware druk van de Tweede Kamer toezeggen in te grijpen als NS slecht blijft presteren. De minister weigerde te zeggen wat die ingreep precies inhoudt, maar de Tweede-Kamerleden concludeerden dat de huidige directie van de Spoorwegen dan moet opstappen.

Eind vorig jaar spraken minister en Tweede Kamer over de gang van zaken op het spoor. Netelenbos gaf de fracties die opnieuw vaststelden dat ,,het een puinhoop is met de treinenloop' gelijk met de verzuchting dat ,,het niet meer te filmen is', zoveel ellende als zich heeft opgehoopt bij het spoorbedrijf. Zelfs het SGP-Kamerlid Van den Berg liet weten, er nu schoon genoeg van te hebben. Deze NS-klant uit Nunspeet constateerde dat de ellende op het spoor iedere week toeneemt en nam dat de NS-top persoonlijk kwalijk. ,,Wij gaan er niet over, maar ik vind het onbegrijpelijk dat ze er nog zitten. Bij ieder gewoon bedrijf hadden ze allang op moeten stappen'', voegde hij de minister in het debat toe.

Vorige maand gaf Netelenbos dan voor het eerst toe aan de zware druk van de verschillende fracties om daadwerkelijk met harde hand in te grijpen. Als begin dit jaar inderdaad zou blijken dat de gemiddelde punctualiteit over 2001 onder de 80 procent is gebleven, zou ze voormalig Philips-topman Timmer als voorzitter van de Raad van Commissarissen in beweging brengen, zo beloofde ze de Kamer toe. Ze weigerde iedere verdere toelichting, maar de meeste fracties in de Tweede Kamer trokken hieruit de conclusie dat Netelenbos dan toch eventjes op de stoel van de NS-top zou gaan zitten om het vertrek van de NS-directie te bewerkstelligen.

Na het ultimatum ruzieden in de aanloop naar de jaarwisseling directie en ondernemingsraad nog over de vraag wie schuldig is aan de vertragingen en slechte prestaties. Personeels-directeur Noten legde de schuld deels bij sabotage plegende conducteurs die treinen met opzet te laat lieten vertrekken om zo de prestatiestatistieken te vervalsen. De ondernemingsraad reageerde gepikeerd: dergelijke aantijgingen hadden intern afgehandeld moeten worden. In het kat-en-muis spelletje tussen personeel en directie had de ondernemingsraad eerder die maand al het vertrek geëist van de directie als uiterlijk 7 januari de bedrijfsvoering niet aanzienlijk verbeterd zou zijn. De directie moest dat ultimatum uit de media vernemen. ,,Ik ben gedwongen om te reageren via allerlei externe kanalen'', aldus Noten. Dat verdient het NS-personeel niet.' Over het vervolg was hij somber. ,,Verbeteringen dwing je niet af met een ultimatum, dat weet de OR ook.''

Intussen kwam de NS-directie in een soort wanhoopspoging met een forse bijstelling van de dienstverlening waardoor het gehate `rondje om de kerk' feitelijk tot het verleden behoort. De ingreep kwam te laat om de chaos nog op tijd te verminderen. De minister zou naar verwachting later vanmiddag een toelichting geven op de gebeurtenissen.