Alles wasemt triestheid bij Koltès

,,Niemand die ooit zal weten wie van wie hield de hele nacht door, daar op de rand van de brug,'' zegt de zwervende hoofdpersoon uit 500 Kilo Gespierde Razernij, de jaarlijkse Toneelschuur Productie rondom oud en nieuw. Rafaël Troch speelt deze volstrekt verlopen man. Hij doopt zijn hoofd in een emmer water om de verzopen kat die hij is te symboliseren. Haveloze kledij, verwarde haren, in zijn ogen de starre glans van ontluikende gekte en voor alles: een maniakaal spreker.

Onder supervisie van regisseur Bart Danckaert viel het oog op een tekst van de Franse toneelschrijver Bernard-Marie Koltès. Zo'n tien jaar terug genoot Koltès grote bekendheid in Nederland om zijn wanhopige teksten, geschreven op de rand van de wanhoop en vaker eroverheen. Ook nu voert de verschrikkelijke en intense eenzaamheid van de naamloze ik-figuur de boventoon.

Hij sliert door gore hoerenbuurten, scheldt op iedereen, bedient zich van straffe metaforen, zoals de mannen met hun `nerveuze rug' die hij op zijn zwerftochten door het duister passeert. Hij zal voorgoed een vreemde blijven onder alle anderen.

Acteur Rafaël Troch staat weliswaar als enige acteur op het podium, desalniettemin is hij niet alleen. Een zeskoppige popband begeleidt hem, animerend Susies Haarlok geheten. Dit is geen traditionele band die, zoals bij Orkater, vooral sfeervol-anekdotische muziek brengt ter begeleiding van de handeling. Ruige rock brengen die jongens met jankende gitaren, obstinate pianosoli, een plots weemoedige tuba, een ritme dat aan garagerock doet denken. Mijn geliefde band The Gun Club leek af en toe om de hoek te komen kijken. We kunnen ook aan The Wipers denken, die ongepolijste stijl. Er zijn schitterende momenten waarop Rafaël Troch met zijn stem improviseert zoals de muzikanten dat doen, waardoor een mooie symbiose ontstaat tussen stem en muziek. Het is dan even pure jazz.

Maar er is een groot bezwaar aan deze muzikaal-theatrale uitvoering, en die schuilt in de tekst van Koltès. Zelden zoveel redundantie gehoord. Nu is herhaling een wezenlijke literaire stijlfiguur die getuigt van obsessie, maar Koltès kent geen grenzen. En met Koltès weet evenmin acteur Troch maat te houden. Hij vereenzelvigt zich met zijn hoofdpersoon op een buitensporige manier. Dat geeft aanvankelijk een zeer authentieke vertolking. Maar de herhaling wreekt zich.

Er is het gegeven dat deze verregende man, als acteur frontaal tot het publiek spelend, een kamer voor een nacht wil. Iedereen kan hem die kamer schenken: het liefst een stralend-blonde vrouw die door hem obsessief wordt achtervolgd. Een andere mag ook. Die geïdealiseerde vrouw transformeert tot zijn moeder. Dan wordt het larmoyant, niet in intentie maar in taalgebruik en spel. Alles wasemt triestheid. Dit is de monoloog van een razende, naar wie het steeds moeilijker wordt te luisteren

Rafaël Troch verdient bewondering dat hij de bij tijd en wijle krankjoreme monoloog van Koltès met slingerende associaties over het voetlicht gooit. Uiteindelijk gaan de de muzikanten enorm tekeer, het lijkt wel of ze verlost zijn van de loden last van taal. Ze swingen.

Ondertussen is die eenzame man van Koltès toch maar dood gegaan aan levensverdriet. Het had ook kleiner en verstilder gekund. Dan had ik als toeschouwer meer compassie kunnen opbrengen.

Voorstelling: 500 Kilo Gespierde Razernij door Toneelschuur Producties. Tekst: Bernard-Marie Koltès; regie: Bart Danckaert; muziek: Susies Haarlok. Gezien: 30/12 Toneelschuur, Haarlem. Te zien t/m 10/1 aldaar. Inl. 0235312439; www.toneelschuur.nl