Stunten naast de spitzen

Breakdancers worden liefdevol onthaald door de gevestigde dansgezelschappen. Tot een geslaagd samengaan leidt het zelden, maar er is hoop.

Hiphopdans doet zijn intrede in de wereld die Nederlandse moderne dans heet. Mobiel bellende Marokkaanse jongeren en grijzende abonnementhouders zitten ineens samen in de zaal. Vooral voor de laatste groep voelt het wat ongemakkelijk; bij een op de hiphopcultuur geïnspireerde voorstelling als X-press die Fransman Lionel Hoche voor het Nederlands Dans Theater maakte, stak het traditionele NDT-publiek de vingers in de oren en beperkte men zich tot een beleefdheidsapplaus. Dankzij het eisenpakket van staatssecretaris Van der Ploeg (`jong en allochtoon') staan gevestigde dansgroepen echter in de rij om de hiphop en daarmee een nieuw publiek binnen te halen.

De rage begon in Frankrijk en België met groepen als Aktuel Force en de Namur Break Sensation die, geheel autodidact, een poging deden theater, moderne dans en hiphop samen te brengen. Kunst, dat wil zeggen elitekunst, levert het tot op heden niet op. Wel veel theatrale show met dramaturgische elementen afkomstig uit de ervaring die enkele leden hebben opgedaan door te werken met `echte' choreografen en regisseurs. De populariteit van de hiphop ging aan choreografen als Alain Platel, van huis uit pedagoog, niet voorbij en hij lijfde bijvoorbeeld de dansende Marokkaanse Belg Abdelaziz Sarrokh in. Platels fysieke theatertaal sloot aan bij de dynamiek van de hiphop, schouwburgen stroomden vol met (allochtone) jongeren. Op de golven van het succes richtte Sarrokh, tijdens zijn opleiding tot elektricien nog dansend in het buurthuis, zijn eigen groep Hush Hush Hush op, die steevast voor uitverkochte zalen staat.

Via België werd Nederland wakker geschud. Organisaties als de Rotterdamse Kunststichting inviteerden gevestigde gezelschappen à la het Scapino Ballet om de tafel. Krisztina de Châtel, met haar geraffineerde gevoel voor trends en marketing, zocht aansluiting bij jongeren en ging in Dynamix met skatedance in zee. Veel meerwaarde leverde hetm net zo min als bij Sarrokh trouwens, niet op. Bij Scapino mochten de jongens van de breakdancegroep 010 BBoyz in Twools zo'n tien minuten lang lekker stunten naast de parmantige spitzen, bij De Châtel bleven de dansers en de skaters ondanks kunstzinnige intenties twee aparte werelden. Het leek erop dat die twee culturen elkaar niet zouden bereiken in de serieuze kunst.

Nu gloort er voor het eerst een sprankje hoop. De Rotterdamse choreografe Conny Janssen ging na het proefdraaien tijdens een workshop vorig jaar aan de slag met de 010 BBoyz, wat tijdens het recente Holland Dance Festival resulteerde in de voorstelling Meet me, a dancer. Janssen was zich bewust van het gevaar te blijven steken in de clichés van de stoere kunstjes en de maillotkunst en zocht daarom naar overeenkomsten. Janssen: ,,Je moet de jongens geen arabesk laten doen, daarin voelen ze zich belachelijk en mijn dansers zouden bijkans hun nek breken bij de toeren die de breakers uithalen. Ik wilde dat de breakers de ruimte opzochten en gingen partneren. Daarin laat ik ze de taal van de moderne dans spreken. Het was heel mooi om dat inburgeringproces te zien, de eerste aarzelingen en onzekerheden om de dames geen pijn te doen. Nu zijn ze zover dat ze zelfs zijn gaan tellen. We hebben elementen als de isolaties van bewegingen, het gevecht met de zwaartekracht en de acrobatiek met elkaar gemeen. Ik stileer hun idioom, doseer het en breng dynamiekwisselingen aan die zij nauwelijks kennen. De headspin zit weliswaar in de voorstelling, maar niet meer als kunstje.''

In Meet me, a dancer is voor het eerst voorzichtig sprake van een synthese. Een synthese die ook de Amerikaanse choreograaf en regisseur Rennie Harris (37) zoekt in de combinatie authentieke hiphopdanscultuur en theater. Hiphopdans is al dertig jaar oud en was ooit een underground uiting van de zwarte cultuur in de Verenigde Staten. Dankzij de commerciële vormen die geïntroduceerd werden door Michael Jackson en blanken als Vanilla Ice, wordt hiphop, net als ooit de jazzmuziek, salonfähig. Zij het dat Harris de enige is aan de andere kant van de oceaan die binnen de institutionele kaders werkt om hiphopdans uit de `old and true school' te verbreiden.

Zelf afkomstig uit die hoek tracht hij de hiphop met zijn battles in zijn voorstelling Rome & Jewels op een hoger plan te brengen. Incidenteel werkt hij samen met gezelschappen als het Memphis Ballet, al zegt Harris (37), in Nederland vanwege het Holland Dance Festival: ,,Ik ga vaak naar moderne dans maar het raakt me eigenlijk nooit. Ze noemen zichzelf wel modern, maar in feite zijn ze heel traditioneel en zeker niet hedendaags.'' Wat hem betreft zal de hiphop de moderne dans geen nieuwe horizon opleveren.

Aangenaam verrast was hij daarom toen hij tijdens het Holland Dance Festival de voorstelling van Conny Janssen en de 010 BBoyz zag. ,,It had spirit man, I was blown away'', zegt Harris. ,,Voor het eerst zag ik dat de rauwe dynamische taal van de hiphop en de flow van de moderne dans samen konden komen.'' Janssen daarentegen was niet helemaal overtuigd van de fusie tussen het musicaltheater en de hiphop die Harris presenteerde: ,,Het blijft toch een beetje Amerikaanse show met wat vormingstheater.'' Maar ze onderkent de drive, het dansplezier en virtuositeit die ze zelf, op autonome wijze, onderbrengt in de ernst van de kunst.

Janssen: ,,Ik weet niet of hiphopelementen nu een onderdeel van mijn taal gaan worden, daarvoor is het nu nog te vroeg, maar ik vind het wel belangrijk om met moderne dans te experimenteren. De 010 BBoyz zullen hun slobberbroeken en de scheve mutsen nooit verruilen voor een strakke maillot, maar we kunnen wel van elkaar leren.'' Harris heeft al aangekondigd iets te zien in een samenwerking met haar en de jongens.

`Meet me, a dancer' van Conny Janssen Danst en de 010 BBoyz is nog te zien t/m 14/12 in o.m. Leiden, Groningen, Eindhoven. Inl. (010) 4529912.

`Rome & Jewels' van Rennie Harris Puremovement is te zien op 21,23 en 25/12 in het Muziektheater in Amsterdam.Inl. (020) 6255455. Meer hiphopdans op festival Act 2001 t/m 2/12. Inl. (010) 2709371.