`Ik schrapte Konttinens slot en schreef een ander eind'

Twee boeken, van Aili Konttinen en Marilyn French, leerden Kristien Hemmerechts het heft in eigen handen te nemen.

De titel luidt Blijf toch bij ons, Ingertje! – dat weet Kristien Hemmerechts heel zeker. Wie het boek schreef dat haar als tienjarig meisje zo diep raakte, weet ze zich niet meer te herinneren. Haar exemplaar is bij een verhuizing verdwenen. Het blijkt, dankzij de archieven van de Amsterdamse Universiteitsbibliotheek, de Finse Aili Konttinen. Blijf toch bij ons, Ingertje, een kinderboek voor meisjes in de leeftijd van 10 tot 12 jaar, verscheen in 1960, in de serie Skandinavisch Goud, in een Nederlandse vertaling.

,,Het boek speelt in Zweden', herinnert Hemmerechts zich, ,,Ingertje is een kind dat in de stad opgroeit. Ze is enig kind, niet erg gezond en moet van de arts een zomer naar buiten, naar een boerderij. Daar vindt ze alles vies en akelig. Ze komt terecht in een groot, rommelig gezin, met veel warmte en ze bloeit helemaal op. Aan het eind van de zomer komt haar moeder haar weer ophalen – dat is een stadse mevrouw, heel deftig en keurig, emotioneel veel afstandelijker en koeler. Iedereen vindt het vreselijk dat Ingertje weer weg gaat, maar ja, de moeder is de moeder en dus gaat ze terug – dat moet in een kinderboek. Ik herinner me heel goed dat ik het boek in bed heb uitgelezen, het licht heb uitgeknipt, het boek onder het bed heb geschoven en dat ik toen vreselijk begon te huilen. Ik kon niet slapen zolang dat boek daar lag, met die wending. Toen heb ik het licht weer aangeknipt, het slot weggeschrapt en een ander einde geschreven.'

In Hemmerechts' versie blijft het meisje op de boerderij wonen en gaat de moeder alleen terug naar de stad. Voor het eerst zette Hemmerechts in fictie de wereld naar haar hand: ,,Ik accepteerde dat eind niet en greep in. Als schrijver heb je binnen je verhalen de macht die je in de echte wereld niet hebt. Je kunt in je werk wraak nemen op de werkelijkheid, dat speelt bij mij vaak. Je moet in je leven glimlachen, je aanpassen, toegeven, zodat de mensen zich een beetje aardig tegenover jou opstellen – dat is wederzijds. Maar in je werk kun je mensen helemaal uitkleden – figuurlijk dan. Ze lezen je boek en beseffen niet eens dat het over hen gaat. Ik kan een personage nemen met karaktertrekken en houdingen die ik belachelijk vind, maar waartegen ik in het echte leven geen verzet heb. In een boek kan ik tonen hoe idioot dat personage is. Ik kan die persoon gaan ironiseren. Neem Jane Austen. Men zegt dat zij als spinster een vrij teruggetrokken leven leidde, maar in haar werk zet zij heel de maatschappij voor schut. Ik stel mij voor dat zij in het echte leven vaak moest luisteren naar idiote mensen, voor wie ze thee moest zetten en met wie ze beleefd moest converseren. Zodra die mensen de deur uit waren kon ze schrijven, ze belachelijk maken.'

Hemmerechts (1955, geboren in Brussel) komt uit ,,een achtergrond en een cultuur die tamelijk passief en receptief is ten aanzien van gezag'. Het is volgens haar een van de grote verschillen tussen Vlamingen en Nederlanders: ,,Nederlanders hebben veel meer het gevoel dat zij een situatie kunnen sturen. Vlamingen zien het land waarin ze leven, de structuren en de instellingen als iets dat hun wordt opgelegd, als iets waar ze geen verweer tegen hebben. De rooms-katholieke kerk bevestigde dat.' Als vijftienjarig meisje had Hemmerechts zelf een weinig rooskleurig toekomstbeeld. ,,Wij moesten op school een opstel schrijven over ons leven als we vijfentwintig zouden zijn. Ik zat in mijn grijze auto, schreef ik, ik breng mijn grijze kinderen naar de grijze school, daarna ging ik naar mijn grijze kantoor en kook grijze groenten voor mijn grijze man. Alles in mijn opstel was grijs. Ik kreeg wel een goed cijfer, want alle anderen hadden een roze toekomstbeeld geschetst.'

In 1977 studeerde Hemmerechts een jaar in Amsterdam, `heel bepalend', aldus de schrijfster. ,,Nederlanders hebben zelfvertrouwen, gaan dingen even doen, even regelen. Vlamingen zijn fatalistisch, zitten vol ontevredenheid en wrok, maar dat vreet binnenin. Voor ons zijn Nederlanders vaak brutaal en luid, een Vlaming laat zijn ergernis van binnen etteren.'

Rond haar vijfentwintigste las ze The Women's Room (1977) van de Amerikaanse feministe Marilyn French. ,,Van French leerde ik dat ik, als ik dat grijze niet wilde, zelf mijn eigen kleur kon kiezen. Het feminisme vertelde mij dat je het passieve, die slachtofferrol af moest gooien, dat je je leven in eigen hand moest nemen. The Women's Room speelt in Amerika, in de jaren vijftig. Het gaat over een onafhankelijke vrouw die trouwt, kinderen krijgt en dan eigenlijk helemaal in de schaduw van haar man terechtkomt. Ik herinner mij lange bevallingsscènes. Later gaat ze terug studeren, geloof ik.'

Het was ook de tragiek van Sylvia Plath, vertelt Hemmerechts: ,,Aan de ene kant keek zij enorm op naar haar man en aan de andere kant wilde zij ook zelf naar voren treden. He a genius, I his wife. Tegelijkertijd had ze enorm veel ambitie als dichteres. Bij die vrouw ging er zoveel energie verloren in dat conflict tussen twee beelden! Ik heb dat ook meegemaakt. Ik was pas getrouwd. Ik was bij mijn moeder en die zei tegen mij dat er een knoop van het overhemd van mijn man miste. Ik dacht: nu ben ik dus verantwoordelijk voor de knopen aan zijn hemd. Als ik achteraf bedenk hoe mijn leven is gaan lopen en draaien, zijn Blijf toch bij ons, Ingertje! en The Women's Room cruciaal voor mij geweest. Beide boeken hebben me elk op hun manier geleerd het heft in eigen handen te nemen.'

Zijn ze ook bepalend geweest voor Hemmerechts' schrijverschap? ,,Ik denk het wel. Voor schrijven heb je lef nodig. Ik het begin schreef ik in het Engels, omdat ik dat niet in het Nederlands durfde te doen. Ik had wel lef in het Engels, maar niet in het Nederlands. Ik blijf nog altijd vinden, ook vandaag, dat er veel lef komt kijken bij het naar buiten treden met een boek. En ook pretentie: ik denk dat dit goed is. Dat is niet niks. Het is net zoals ik met dat boek over Ingertje heb gedaan: het slot van het boek herschrijven. Door wat je schrijft, ontwerp je je leven. Dat is heel belangrijk. Schrijven is uiteindelijk controlefreak zijn, willen vormgeven, zelf de architect zijn van je leven. Het schrijven is voor mij een weg geweest om mijn leven te ontwerpen. Dat is mijn privé-domein, daarin doe ik geen concessies, daar raakt niemand aan.'

Aili Konttinen: Blijf toch bij ons, Ingertje! Meulenhoff, Amsterdam. Uitverkocht. Marilyn French, The Women's Room. Uitverkocht. In het Nederlands verschenen als: Ruimte voor vrouwen. Uitverkocht.

    • Margot Dijkgraaf