Hermans maakt haast met vrijheid in onderwijs

Na Ritzen (PvdA) wilde minister Hermans (VVD) het onderwijsbeleid heel anders aanpakken. Met minder regels en met meer vrijheid. Maar dat kost tijd.

Als een paard dat aan het einde van de rit de stal ruikt, zo hard galoppeert minister Loek Hermans (Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen) naar de eindstreep. De typering is van Kamerlid U. Lambrechts (D66), maar die wordt door vrijwel alle partijen onderschreven, zo bleek deze week bij de behandeling van de onderwijsbegroting in de Kamer.

De VVD'er Hermans (51) heeft haast, zo lijkt het. Tijdens het laatste jaar van zijn ministerschap wil hij onder meer nog wetsvoorstellen door de Kamer loodsen over een hervorming van het hoger onderwijs, een andere rol van de Onderwijsinspectie en nieuwe eisen voor leraren. Eindelijk, verzuchtte Kamerlid C. Ross (CDA) deze week, ,,na jaren van oorverdovende stilte zet Hermans zijn ambitieuze woorden ook kracht bij''.

,,Een verademing'' noemde voorzitter Leijnse van de HBO-Raad de wisseling van de wacht op het departement. Toen Hermans in 1998, toen commissaris van de koningin in Friesland, minister werd, had het onderwijsveld er acht jaar met Jo Ritzen (PvdA) opzitten, die, opnieuw in de woorden van Leijnse, ,,zo buigzaam was als een stalen pijp''.

Ritzen, die uitging van gelijkheid van kansen voor alle leerlingen, had zich in het onderwijsveld maar weinig populair gemaakt met zijn uitgesproken opvattingen over het onderwijs en met zijn neiging om beleid in zoveel mogelijk regels te willen vastleggen.

Vanaf het begin bleek dat Hermans radicaal andere opvattingen heeft over het onderwijs. In tegenstelling tot zijn voorganger is Hermans een groot voorstander van het creëren van verschillen. ,,Gelijke kansen moet niet betekenen dat alles maar gelijk is'', zei de minister onlangs. Hermans gruwt van eenvormigheid liever ziet hij ,,een hoogvlakte met toppen''.

Meer vrijheid moest er komen voor de instellingen, vond Hermans. Overbodige regels moesten worden geschrapt, de scholen moeten zélf kunnen kiezen wat goed voor ze is. Differentiatie is daarom ook helemaal niet erg, betoogt de minister keer op keer. Als de ene universitaire opleiding beter is dan de andere, mag die ook best wat meer kosten. En als ouders zo graag honderden guldens extra aan de school van hun kind willen geven, láát ze. ,,Wat moet ik dan'', riep hij onlangs nog in de Tweede Kamer uit, ,,zeggen dat ze dat niet mogen doen?''

Toch heeft het lang geduurd voordat de sterk liberale inslag van Hermans ook echt tot uiting kwam in nieuw beleid. Als Hermans al veranderingen inzette, deed hij dat stil en voorzichtig.

Wat ook meespeelde, was dat Hermans zich geconfronteerd zag met impopulaire maatregelen die zijn voorganger in gang had gezet en die híj moest uitvoeren, zoals het studiehuis. En volgens een ambtenaar van OCenW had de minister een lange inwerktijd nodig om de vele details en ingewikkelde wetten onder de knie te krijgen.

Nu, ruim drie jaar na zijn aantreden, begint de vaart er dan toch goed in te komen.

Er is intussen wel veel extra geld, wat dat betreft heeft de minister het tij mee. Was er in 1998 nog zo'n 38 miljard gulden begroot voor het onderwijs, in de huidige begroting is dat gestegen naar 51 miljard.

Misschien is de hervorming van het hoger onderwijs wel de grootste onderwijsvernieuwing onder Paars II. Universiteiten en hogescholen moeten zich voorbereiden op `ondernemerschap', vindt Hermans. En ook wordt snel het Angelsaksische bachelor/masterstelsel ingevoerd.

Internationalisering, concurrentie, Hermans praat er graag én veel over. Dat neemt niet weg dat het grootste probleem hardnekkig is: er wil niemand voor de klas staan. Het aantal vacatures blijft stijgen, vooral in het voortgezet onderwijs, en de piek is nog lang niet in zicht. Het aanschrijven van oud-leraren, wat Hermans wil, is tot nu toe maar weinig effectief gebleken.

Maar ja, zegt Hermans, wat wil je ook na twintig jaar bezuinigen? Hij heeft hooguit een omslag in werking gezet, die tijd nodig heeft. En de klus is nog lang niet geklaard, vindt hij. Daarom wil hij terugkeren na de verkiezingen. ,,Alles wat ik in gang heb gezet, vergt wel vijf tot tien jaar voordat het rond is'', zei Hermans daar zelf over. De liberale facelift van het onderwijs is nog maar net begonnen.

    • Guus Valk