Telecom in Europa nog steeds te duur

De Europese consument betaalt nog te veel voor internetten en mobiel bellen. De voormalige staatstelefoonbedrijven verdedigen veelal met succes hun oude privileges. Nationale toezichthouders op de telecommarkt, die vaak te weinig geld en mankracht hebben, schieten tekort.

Dit zijn de voornaamste conclusies van het gisteren verschenen `Zevende rapport over de liberalisering van de telecommunicatie' van de Europese Commissie. De harmonisatie van regelgeving en liberalisering in Europa heeft bijgedragen aan ,,groei, lagere tarieven, keuzevrijheid en nieuwe geavanceerde diensten'', aldus Commissaris Erkki Liikanen (Informatiemaatschappij en Ondernemingen).

Liikanen is echter kritisch over de nog steeds hoge marktaandelen van voormalige staatsbedrijven. Dit zorgt voor scheve concurrentieverhoudingen. Toezichthouders tonen ,,gebrek aan initiatief en/of competentie in bijna alle lidstaten'', zo staat in het rapport. Zij moeten meer anticiperen op marktontwikkelingen en zwaardere sancties kunnen opleggen. Geschilprocedures, die nu nog vaak worden gebruikt door ex-monopolisten om tijd te rekken, moeten sneller. Onder meer in Nederland zijn hierover klachten. Het rapport waarschuwt voor ,,politieke interventies'' die de slagvaardigheid van toezichthouders ondermijnen.

De tarieven voor internationale telefoongesprekken zijn sinds 1998 met 45 procent omlaaggegaan. Maar volgens Liikanen verloopt de openstelling van netwerken voor nieuwkomers op de markt in veel lidstaten verder ,,zeer teleurstellend''. Dit heeft vooral remmend gewerkt op de ontwikkeling van snel internet (breedband, ADSL), een van de prioriteiten op de top in Lissabon van maart 2000. Liikanen kondigde gisteren aan dat hij dit jaar nog inbreukprocedures begint tegen lidstaten die Europese regels niet uitvoeren. Het zou met name gaan om Spanje, Portugal, Griekenland en Ierland. ,,Onze enige intentie is een eerlijk speelveld'', zei Liikanen.

Volgens de EU-regels moeten de `oude' operatoren tegen tarieven op kostbasis nieuwkomers toegang verlenen tot wijkcentrales die directe toegang geven tot de consument (de zogenoemde local loop). Toezichthouders blijken onvoldoende toe te zien op de bedragen die de ex-monopolisten rekenen. De dominante telecombedrijven bieden zelf snel internet aan via de local loop, terwijl concurrenten niet of nauwelijks een eerlijke kans krijgen het netwerk te gebruiken.

Liikanen constateert overigens ook dat de markt voor nieuwkomers moeilijker is geworden door terughoudendheid van investeerders. Dat komt door de hoge schuldratio's in de sector als gevolg van grote investeringen die zijn gedaan in nieuwe technologieën voor mobiel telefoneren.

De Europese telecomsector blijft volgens het rapport groeien, ondanks de economische groeivertraging. In 2001 nam de totale marktomzet toe tot 218 miljard euro (480 miljard gulden), een stijging van 9,5 procent, slechts 3 procentpunt minder dan in 2000. De mobiele telefonie zag de omzet met 22,3 procent stijgen tot 82 miljard euro. In augustus 2001 had 73 procent van de EU-huishoudens een gsm, in Nederland 75 procent.