Onderzoek naar kinderporno op internetsites

Er lopen momenteel ,,minstens tien'' opsporingsonderzoeken naar kinderporno in Nederland. Verschillende politiekorpsen proberen mensen te traceren die op internet kinderporno verspreiden of verhandelen. De onderzoeken zijn ongeveer een maand geleden gestart. Het is nog onduidelijk wanneer de eerste verdachten kunnen worden aangehouden. Justitie stuit op verzet van internetproviders die weigeren mee te werken bij het vaststellen van de identiteit van verdachte cliënten. Dit zegt een woordvoerder van het landelijk parket.

Gisteren zijn in 19 landen in totaal 130 mensen opgepakt in een wereldwijde operatie tegen handel in kinderporno op internet. Het Britse National Criminal Squad (NCS), dat de operatie coördineerde, trof de laatste maanden zo'n 60.000 nieuwe pornografische afbeeldingen op het net aan. Deze ,,grootste politionele samenwerking ter wereld'', aldus de Britse politie, was toegespitst op 440 regelmatige bezoekers van sites, die ook in de beelden handelden. Slechts weinigen konden worden getraceerd, omdat de meesten een valse naam gebruikten. De aanhoudingen werden verricht in Groot-Brittannië, België, Frankrijk, Duitsland, Israël, Italië, Portugal, Rusland, Spanje, Zweden, Turkije, Verenigde Staten, Canada, Australië, Nieuw-Zeeland, Japan, Taiwan en Zuid-Korea.

Nederlandse opsporingsdiensten hebben wel meegeholpen bij het onderzoek, maar hebben zelf geen arrestaties verricht. De woordvoerder van het landelijk parket zegt dat in deze zaak in Nederland eerder al drie huiszoekingen zijn verricht in Meppel, Nijmegen en Dordrecht. Toen werd één verdachte aangehouden. Wanneer de ,,minstens tien'' onderzoeken afgerond zullen zijn, kan de zegsman niet zeggen.

Justitie klaagt over de geringe animo bij internetproviders om gegevens van verdachten beschikbaar te stellen waardoor de identiteit van verdachte surfers zou kunnen worden vastgesteld. ,,Kennelijk vinden de providers de strafbare feiten niet ernstig genoeg om mee te werken'', aldus de woordvoerder van het landelijk parket. Justitie is in gesprek met providers. Als de gesprekken niets opleveren, overweegt justitie providers via de rechter te dwingen persoonlijke gegevens van verdachten over te leggen.

Directeur Hans Leenmans van de branchevereniging Nederlandse Internet Providers vindt het verwijt van justitie ,,uitermate vreemd en raar''. De privacywet verbiedt volgens Leenmans zelfs het verstrekken van persoonlijke gegevens. In het verleden moesten providers schadevergoedingen betalen aan voormalige cliënten, nadat het doorspelen van gegevens aan justitie wel tot hun arrestatie had geleid maar niet tot veroordeling. Leenmans: ,,We proberen met justitie al drie jaar lang een convenant op te stellen over de vrijwaring van aansprakelijkheid. De tekst ligt bij justitie, maar zij reageert er niet op. Het openbaar ministerie weigert de aansprakelijkheid op zich te nemen.''

De Britse onderzoekers vonden de pornografische afbeeldingen, nadat internetproviders hun toegang hadden verschaft tot hun servers en nieuwsgroepen. Zo konden zij ook archieven van de nieuwsgroepen raadplegen.