Het ging toch al niet geweldig

Het bedrijfsleven reorganiseert, de overheid krijgt minder geld binnen en consumenten wachten angstig af. De economie was al in mineur. De aanslagen gaven een laatste duw naar beneden.

Wat zijn de directe financiële gevolgen van `11 september?'

De directe economische kosten van 11 september zijn hoog. De financiële sector in New York, met name de beurs, was drie volle dagen dicht, vliegtuigen stonden aan de grond, verzekeringsclaims moeten worden uitgekeerd en consumenten hadden wel iets anders aan hun hoofd dan het uitgeven van hun geld. En dan zijn er nog het verwoeste vastgoed en de neergestorte vliegtuigen zelf, en de opruimkosten. Schattingen komen over de hele linie lopen op tot 70 miljard dollar, maar de gegevens zijn arbitrair: partijen die schade hebben geleden zullen dit om reden van verzekeringsclaims en financiële steun van bijvoorbeeld de overheid geneigd zijn te overdrijven. Op dit moment is er bijvoorbeeld nog een conflict tussen de eigenaar van de Twin Towers en de verzekeraars. Slechts één van de Towers was verzekerd, vanuit de gedachte dat de kans dat de twee torens allebei door hun `eigen ramp' zouden worden getroffen astronomisch klein werd geacht. De juridische strijd gaat er nu om in hoeverre de twee `rampen' (de twee vliegtuigen) een gemeenschappelijke oorzaak hebben of niet.

Wat zijn de gevolgen voor de vliegtuigmaatschappijen?

Die zijn enorm. Niet alleen is er de schade van het uitvallen van vluchten na de ramp. Veel consumenten hebben hun vertrouwen in vliegen in het algemeen verloren. Er circuleren schattingen dat het grensoverschrijdende toerisme met een kwart kan teruglopen als gevolg van dit vertrouwensverlies. Het neerstorten van nóg een vliegtuig op 12 november op New York heeft de latente vliegangst verder vergroot. Verhoogde veiligheidsmaatregelen verhogen intussen de vaste kosten, en verlengen de wachttijden. Voor bijvoorbeeld het Zwitserse Swissair en het Belgische Sabena was de ramp de druppel die de emmer deed overlopen. Beide zijn nu vrijwel failliet.

Kunnen de verzekeringsmaatschappijen de claims aan na 11 september?

Ja. Gewone verzekeraars schuiven hun grootste risico's veelal door naar de grote herverzekeraars. Tot de bekendste behoren de Münchener Ruck en Allianz uit Duitsland, Swiss Re uit Zwitserland, Lloyd's of London uit het Verenigd Koninkrijk en Berkshire Hathaway uit de VS. Deze herverzekeraars hebben enorme reserves, en konden de claims van 11 september zonder veel problemen aan. Wel waren er gewone verzekeraars die hun risico kort na de aanslagen niet helemaal in kaart hadden. Het Nederlandse ING bijvoorbeeld kwam er tot zijn schrik pas na een maand achter dat het zelf de herverzekeraar bleek te zijn voor personeelsrisico's van bedrijven op de bovenste verdiepingen van de Twin Towers.

Wat zijn de economische gevolgen van de aanval op 11 september?

Allereerst is er het vertrouwensverlies bij consumenten en bedrijven. Het vertrouwen in de economie, en daarmee indirect de bereidheid om geld uit te geven of te investeren, kelderde in de VS en Europa na de aanslagen. Omdat de consumtenbestedingen bijna twee derde uitmaken van alle uitgaven in de economie, tikt vertrouwensverlies zwaar aan in de economische groei. Bovendien gaan de kosten van vervoer omhoog, en daalden de koersen van aandelen. Het ziet er echter naar uit dat veel effecten tijdelijk zijn. De angst voor miltvuur in de Verenigde Staten ebt weg, de militaire acties in Afghanistan verlopen voorspoedig, en van vervolgaanslagen is het (nog) niet gekomen. De beurzen zijn inmiddels terug op hun niveau van vóór de aanslagen.

Hoe kan het dat 11 september als de opmaat voor een recessie wordt gezien?

Dat heeft te maken met de toestand van de wereldeconomie van vóór de aanslagen. Die was al niet al te best, voor een groot deel als gevolg van een veel te groot optimisme aan het einde van de jaren negentig. De opgeblazen beurskoersen liepen daarna al leeg, de overinvesteringen leidden al tot een investeringsstop, en de verslechterende werkgelegenheid leidde al tot terughoudend bestedingsgedrag bij consumenten. De aanslagen kwamen psychologisch gezien op een extra ongelukkig moment, omdat ze het resterende vertrouwen wegnamen en voor veel bedrijven de fatale klap waren. Zo bezien draagt 11 september wel bij aan het huidige conjuncturele dal, maar het is er zeker niet de oorzaak van.

Gebruiken veel bedrijven 11 september als excuus om hun eigen falen te verdoezelen?

Dat is moeilijk te zeggen, juist omdat de economie al wegzakte voordat de aanslagen werden gepleegd. Piëteit en de dreiging publiekelijk te worden neegesabeld als een onheilstijding ten onrechte aan de ramp is gekoppeld hebben bedrijven er van weerhouden de ramp te misbruiken. Wel zijn er bedrijfstakken die daadwerkelijk een harde tik hebben gehad van 11 september.

Welke bedrijfstakken zijn dat?

Naast de al genoemde luchtvaartsector zijn dat ook de vliegtuigbouwers, zoals Boeing en EADS (de moeder van Airbus), en indirect alle toeleveranciers. De toeristenbranche heeft het op dit moment ook zwaar. Dat betreft niet alleen de touroperators, maar ook hotelketens en alle andere bedrijven die geld verdienen aan het toerisme.

Welke landen hebben het meest te lijden?

Iedereen lijdt, maar extra wrang zijn de gevolgen voor de Derde Wereld. Zoals de Wereldbank eerder deze maand omschreef krijgt het toerisme naar deze landen de grootste tik omdat toeristen niet durven vliegen of een vijandige atmosfeer vrezen aan te treffen in het land van bestemming. Het versterken van het conjuncturele dal heeft de prijzen van grondstoffen, zoals koffie of koper, extra gedrukt. Het zijn vooral de ontwikkelingslanden die deze producten maken en delven, zodat de inkomstenstroom tegenvalt. Bovendien trekken banken en beleggers zich in onzekere tijden terug op hun thuismarkt. De stroom van investeringskapitaal naar de Derde Wereld vermindert daardoor dit jaar met een derde.

Zijn er ook landen of bedrijfstakken die juist profiteren?

Nauwelijks. Voor de hand ligt de defensieindustrie, maar de bedragen die daar door overheden nu extra worden neergeteld wegen economisch niet op tegen de vruchten die zouden zijn geplukt als datzelfde geld aan andere zaken zou zijn besteed.

    • Maarten Schinkel