Het einde van de nachtrust

Mobiliteit is het toverwoord van de moderne tijd. Op kantoor is het oude bureau vervangen door een inklapbaar `werkstation' dat zich tot winkelwagenformaat laat opvouwen om naar de volgende vergadering te worden gereden. Persoonlijke telefoongesprekken zijn niet meer gebonden aan thuistelefoon of cel, maar worden luidkeels gevoerd in de trein of afgehandeld in de supermarkt. Dankzij schootcomputers kan er worden geïnternet en getypt in de koffiekamer, de hal of desnoods het plantsoen. Woonkamers zijn veranderd in multifunctionele doe-hokken van waaruit flexkrachten en telewerkers hun op drift geraakte levens plannen. Onder het motto `Everything, everywhere and all the time' is het westerse leven een orgie van mobiliteit geworden.

Zelfs de meest inerte bezigheid, slapen, is nu opgenomen in deze nomadische wervelwind. Dromen is niet meer beperkt tot het matras in de slaapkamer. Er kan gedut worden op kantoorsofa's, forenzen doen hazeslaapjes in bus of trein, er wordt geslapen in kelders of op dakterrassen, in tot bedstee omgebouwde kasten, opvouwbare futons of wiegende hangmatten. Auping, fabrikant van slaapmeubilair, signaleerde deze ontwikkeling en vroeg drie beeldend kunstenaars en zeven vormgevers om commentaar te leveren. In de tentoonstelling Mobiel Dromen in de Rotterdamse Kunsthal geven zij tien visies op de mobiele samenleving.

De kunstenaars in het gezelschap benaderen het thema op een vrije, associatieve wijze. Zo maakte Rudy Luijters met een grote collectie polaroids een vergelijking tussen de zwermdrift van bijen en het uitzwermen van vakantiegangers over de snelwegen. De tientallen caravans geven een overweldigende indruk van een tijdelijke volksverhuizing in de richting van massaal nagejaagde vrijetijdsdromen; de opslag van de caravans gedurende de koude maanden doet denken aan een winterslaap. Merijn Bolink roept met zijn trompe-l'oeil Sprong - een half twee-, half driedimensionale voorstelling van een hert dat over een stoel en een tapijt springt - het droomgevoel op dat ons 's nachts transporteert naar andere dimensies.

De bijdragen van de vormgevers zijn praktischer. Eibert Draisma van NL Architecten nam het mobiel dromen zelfs heel letterlijk en ontwierp een slaapmuts voor ongestoord slapen in trein, metro of vliegtuig. Met een even simpel als ingenieus ophangingsysteem van een lus rond het voorhoofd, oksels en borst, voorkomt de muts knikkebollen. Hierdoor schrikt de dommelaar niet iedere keer op als zijn nekspieren zich ontspannen en zijn kin naar zijn borst valt. Als deze slaapmuts aanslaat zou dat wel eens een ware revolutie op slaapgebied kunnen ontketenen: voor het eerst is het mogelijk zittend te slapen zonder periodieke onderbrekingen. Met zeven verschillende uitvoeringen variërend van gecamoufleerde hiphopmuts tot chic bontje roept dit ontwerp om directe toepassing.

Dat is iets minder waarschijnlijk voor de droomlandschappen van Wim Poppinga en Christoph Seyferth. Poppinga maakte mobiele eilandjes van zes tegen elkaar aangeschoven poefs. De gewelfde en met kunstgras beklede terpen nodigen uit om eens lekker achterover te gaan liggen om je te verliezen in gemijmer over malse weiden en schapenwolkjes. Seyferth neemt geen genoegen met een enkel heuveltje en brengt een compleet landschap binnen de muren van de huiskamer. Zijn sculpturale Domestic Landscape is een met vilt bekleed golvend, metalen skelet dat tegelijkertijd tafel, bank en bed is. Het is alsof je leeft op een uit zijn voegen gegroeide maquette van de Ardennen.

Maar in plaats van de natuur naar binnen brengen, kun je de architectuur natuurlijk ook mee naar buiten nemen. Dat doet Jurgen Bey met zijn reiskledinglijn S.L.A.K. De strak gesneden jurken, truien en jasjes zijn voorzien van een parachute-achtig pakket op de rug dat zich laat uitpakken en opblazen tot lichtgewicht tent. Volgens eenzelfde principe heeft Ester van de Wiel een T-shirt ontworpen waarvan de schoudervulling is om te bouwen tot een kruising tussen douchecabine en hightech-burqa.

Hella Jongerius heeft al eerder laten zien dat wat haar betreft huiselijkheid en mobiliteit prima te combineren zijn. In haar softoffice, nog te zien in de Rotterdamse galerie Vivid, is een computerscherm geïntegreerd in het voeten- einde van een bed. En gelijktijdig eten en werken wordt vergemakkelijkt door een kruising tussen toetsenbord en gewoon bord.

Het in de Kunsthal getoonde Shelter Bed behelst ook een versmelting van uiteenlopende functies. Wat op het eerste gezicht een variatie lijkt op de aloude mummy-slaapzak is bij nader inzien een fusie tussen pak en beddegoed. Krijtstreep mouwen en pijpen steken door de gewatteerde deken, zodat de slaper zo van zijn veldbed kan opstaan en zonder omkleden naar kantoor kan lopen. De enige overgang die nu nog gemaakt moet worden tussen jachtige werkomgeving en slaaptoestand is een mentale. Niet voor niets is het Shelter Bed voorzien van de waarschuwing `Saddle your dreams before you ride `em'.

Mobiel Dromen:

Ontwerpen voorbij de slaapkamer.

T/m 31 mrt 2002 in de Kunsthal,

Westzeedijk 341,

Rotterdam.

Open: di-za 10-17u en zon 11-17u.

Inl 010-4400301 of www.kunsthal.nl

    • Edo Dijksterhuis