Vertrek Van Gijzel klap voor PvdA

Het plotselinge vertrek van Van Gijzel (PvdA) uit de Tweede Kamer behelst meer dan een botsing van karakters.

Het plotselinge vertrek van de PvdA-parlementariër Rob van Gijzel gisteren is in zijn fractie hard aangekomen. Zijn collega's Rob Oudkerk en Peter van Heemst lieten zich na afloop van de fractievergadering verbitterd uit over de stap van Van Gijzel, die volgens hen totaal onnodig was. Fractievoorzitter Ad Melkert verklaarde uit alle macht geprobeerd te hebben om Van Gijzel binnen de fractie te houden en zei dat diens vertrek hem ,,geweldig dwarszit''.

Dat is op zijn minst begrijpelijk wegens, zoals Oudkerk zei, het beeld dat Van Gijzels aftocht heeft opgeroepen: namelijk dat van de PvdA als starre bestuurderspartij, die fractiediscipline boven alles stelt, geen eigenzinnige parlementariërs duldt en bovenal van Melkert die als fractievoorzitter ruw met zijn mensen omgaat. De fractievoorzitter, die ook de regie niet geheel in de hand heeft gehad, de afgelopen weken. ,,Ach, ook politiek is mensenwerk, en dan gebeuren dit soort dingen wel eens'', zei Oudkerk gisteren.

VVD-fractievoorzitter Dijkstal ontweek gistermiddag vragen om commentaar. Voor VVD-minister Korthals (Justitie) is met het vertrek van Van Gijzel wel een onmiddellijk gevaar geweken, maar de verhouding met de PvdA-fractie blijft gevoelig. Het risico van een politieke vendetta tussen PvdA en VVD valt niet geheel uit te sluiten. Bedacht moet immers worden dat de actie van Van Gijzel tegen Korthals plaatshad een week nadat de VVD'er Henk Kamp PvdA-staatssecretaris Ella Kalsbeek (Justitie) niet erg zachtzinnig had aangepakt.

Het spektakel rond de aftocht van Van Gijzel nodigt uit tot een simpele conclusie: hier moest een warmbloedig en oprecht volkstribuun wijken voor de emotieloze machtspoliticus Ad Melkert. Deze liet de belangen van het kabinet prevaleren boven het aan de kaak stellen van het schandaal rond de fraude bij de bouw van de Schipholspoortunnel en mogelijk bij andere grote bouwprojecten. Maar zo eenvoudig liggen de zaken niet.

Aan de wortel van het conflict tussen Van Gijzel en de rest van zijn fractie ligt een motie die hij twee weken geleden samen met Gerd Leers (CDA) indiende tegen de VVD-minister Benk Korthals. Deze wordt daarin opgeroepen om in beroep te gaan tegen de schikking die het openbaar ministerie in Haarlem trof met aannemersbedrijven die verdacht werden van grootschalige fraude bij de aanleg van de Schipholtunnel. Van de minister werd hiermee echter het onmogelijke gevraagd: omdat hijzelf verantwoordelijk is voor het OM, moest hij tegen zichzelf in beroep. De motie werd evenwel aangenomen, zij het zonder steun van regeringspartij VVD, en kon dus niets anders betekenen dan een politiek signaal dat een Kamermeerderheid niet gelukkig was met de gang van zaken. Uiteindelijk zou de Kamer moeten instemmen met de te voorziene weigering van Korthals om de motie uit te voeren. Ook dat was wel duidelijk. [Vervolg VAN GIJZEL: pagina 3]

VAN GIJZEL

Van Oven neemt de hoofdrol over

[Vervolg van pagina 1] Terzijde moet hierbij worden opgemerkt dat Van Gijzels collega Gerrit-Jan van Oven, voormalig officier van justitie en auctor intellectualis van de motie, een belangrijke bijrol heeft gespeeld. Hij heeft nu het woordvoerderschap van Van Gijzel overgenomen: van bijrol naar hoofdrol, wat een cynische bijsmaak geeft. Maar puur professioneel gezien op het niveau van politiek handwerk, heeft Van Oven het slimmer aangepakt dan Van Gijzel.

Aan de andere kant kan worden opgemerkt dat de mantel van het slachtofferschap het opgestapte Kamerlid niet geheel past. Van Gijzel was na drie termijnen in de Kamer door de kandidaatsstellingscommissie op een oneervolle 43ste plek op de lijst voor de aanstaande Kamerverkiezingen geplaatst. Hij was met andere woorden al min of meer op weg naar de uitgang. Maar vorige week woensdag gaf hij in het televisieprogramma van Barend en Van Dorp te kennen dat zijn motie helemaal niet symbolisch was en dat hij uit was op de scalp van de minister van Justitie. In het verleden heeft Van Gijzel in de nasleep van de Bijlmer-enquête al eens geprobeerd D66-minister Borst ten val te brengen – ook toen kwam Melkert tussenbeide.

Melkerts interventie afgelopen donderdagmiddag was dus gebaseerd op de wetenschap dat Van Gijzel als recidivist mogelijk de daad bij het woord zou voegen. Van Gijzel bleek na de ingreep van de fractievoorzitter met geen mogelijkheid af te brengen van zijn voornemen om de fractie te verlaten. Een weekeinde lang soebatten door de gehele partijtop inclusief minister-president Wim Kok, formeel nog altijd partijleider, mocht niet baten.

Van Gijzel laadt daarmee op zijn minst de verdenking op zich dat hij liever wilde opbranden dan uitdoven.

hoofdartikelpagina 9

    • Frank Vermeulen