Uitval Bush naar Irak `slechts stof in de wind'

Speculaties zijn weer losgebarsten over aanvallen op Irak na president Bush' waarschuwing dat `Afghanistan nog maar het begin is'. Maar de feitelijke ontwikkelingen wijzen in een andere richting.

Is een Amerikaanse strafexpeditie tegen Irak ophanden in het kader van de oorlog tegen het terrorisme? Daarover wordt druk gespeculeerd na de waarschuwing van president Bush van maandag dat ,,Afghanistan nog maar het begin'' is. ,,Als iemand een terrorist onderdak biedt, is hij zelf een terrorist [..] Als ze massavernietigingswapens ontwikkelen die zullen worden gebruikt om landen te terroriseren, worden ze ter verantwoording geroepen'', zei hij. De Iraakse president Saddam Hussein ,,zal dat wel merken''.

De Arabische Liga, de campagne van een groep haviken binnen de Amerikaanse regering voor aanvallen op Irak indachtig, interpreteerde Bush' uitspraak gisteren meteen als stap dichter naar militaire actie. Zij onderstreepte dat de Arabieren zo'n aanval absoluut niet zullen accepteren. Dat zou het einde betekenen van de ,,verstandhouding'' tussen de Arabische wereld en Bush' antiterreurcoalitie, zei Amr Mussa, secretaris-generaal van de Liga.

Ook Rusland, nieuwe vriend van Amerika en oude van Saddam Hussein, toonde zich bezorgd. ,,De weerkaatsende geluiden in de internationale pers inzake het mogelijke gebruik van geweld tegen Irak zijn verontrustend'', zei onderminister van Buitenlandse Zaken Aleksandr Saltanov. Volgens hem is er niet het minste bewijs dat Bagdad iets te maken heeft met de aanslagen op New York en Washington van 11 september. En wat betreft het probleem-Irak als zodanig, ,,er is geen militaire oplossing''. Hij wees op de ,,grote waarschijnlijkheid'' van een radicalisering van de stemming in de Arabische landen, die de crisis tussen Israël en de Palestijnen alleen maar verder zou compliceren, en van een ernstige destabilisatie in het Golfgebied.

Saltanov had zonder meer gelijk wat de Arabische wereld betreft (al hield hij natuurlijk ook de Russische economische belangen in Irak in de gaten). Maar het ziet ernaar uit dat de soep niet zo heet zal worden gegeten. Witte Huis-woordvoerder Ari Fleischman, belegerd door journalisten over de betekenis van Bush' uitspraken, zei enkele uren later dat de president slechts de ,,lang bestaande Amerikaanse politiek'' ten aanzien van Irak had bevestigd: de drie jaar geleden uit Irak vertrokken wapeninspecteurs van de VN moeten terug, of anders... ,,Er is een lange lijst citaten van de president voorafgaand aan 11 september, zeer vergelijkbaar.''

Gisteren volgde het bericht dat de VS en Rusland een compromis hebben bereikt over verlenging van het humanitaire programma van de Verenigde Naties in Irak binnen het kader van het olie-voor-voedselprogramma, zodanig dat een herziening van het hele sanctieregime volgend jaar tot de mogelijkheden gaat behoren. Het gaat daarbij om de `slimme sancties' die de VS en Groot-Brittannië al geruime tijd propageren – aanscherping van het verbod op de levering van militaire goederen en van de controle op oliesmokkel, maar versoepeling van de toevoer van civiele goederen naar Irak – maar die tot dusverre stuitten op een Russische blokkade.

Irak wil helemaal niets weten van `slimme sancties'; het houdt al jaren vol dat het helemaal geen massavernietigingswapens meer bezit. Elke toenadering tussen zijn vriend Rusland en de VS op dit terrein is dus slecht nieuws voor Bagdad.

Maar deze toenadering geeft ook aan dat de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Powell, geen liefhebber van aanvallen op Irak, nog steeds de overhand heeft op de groep rond onderminister van Defensie Paul Wolfowitz, die dat wèl is. En dat is weer goed nieuws voor Saddam. Zoals de commentator van de Iraakse krant Al-Jumhuriyah het gisteren uitdrukte: ,,Het Iraakse volk kan onmogelijk worden geraakt door een wind die alleen een beetje stof doet opwaaien.''