Koning Marokko duldt sommige kritiek

Kritiek is mogelijk onder het bewind van de Marokkaanse koning Mohammed VI, maar liever niet op de koning zelf. Hervormers vinden dat hij wel daadkrachtiger zou kunnen zijn, maar het vertrouwen bestaat nog.

Marokko's eigen antrax-schandaal begon als een flauwe grap. Een zakenman stuurde een vriend een anonieme envelop met wit lijmpoeder en een dreigbrief. Het slachtoffer deed doodsbang aangifte bij de politie, maar ontdekte dat hij voor de gek was gehouden na een rondje telefoneren met vrienden, onder wie prins Moulay Hicham, de rebelse neef van koning Mohammed VI. Het slachtoffer wilde zijn aanklacht intrekken, maar de politie arresteerde de dader. ,,Je vertrekt hier niet zonder de betrokkenheid van de prins te bekennen'', kreeg de grapjas te horen.

Dat was de versie die een woedende prins Moulay Hicham vertelde aan een aantal Marokkaanse weekbladen. De prins beschuldigde de geheime dienst van een complot tegen hem. Al vanaf de troonsbestijging van koning Mohammed, nu ruim twee jaar geleden, geldt Moulay Hicham, `de rode prins' en nummer twee in de lijn voor de troonopvolging, als enfant terrible binnen de koninklijke familie. Met zijn openbare pleidooien voor een grondige hervorming van de huidige almacht van het Marokkaanse koningshuis is hij niet langer welkom bij zijn neef.

In het Marokko van Mohammed VI is kritiek meer dan ooit mogelijk, maar niet altijd welkom. En alles wat de koning raakt dient met uiterste discretie te worden behandeld. Hoofdredacteur Ali Lmrabet van het weekblad Demain, vorig jaar december tijdelijk verboden, werd veroordeeld tot vier maanden gevangenisstraf. Hij had in een artikel gesuggereerd dat de koning een van zijn 36 paleizen wilde verkopen aan een hotelketen.

Toen Mohammed in de zomer van 1999 zijn overleden vader Hassan II opvolgde waren de verwachtingen hoog gespannen. Democratie, rechten van de vrouw, de dreiging van het moslim-fundamentalisme en de corruptie van het hechte systeem van vriendendiensten, beter bekend als de Makhzen – alles zou eindelijk worden aangepakt door een moderne vorst die niet zuchtte onder een verleden van terreur en onderdrukking.

De afgelopen weken toonde vooral het buitenland zijn teleurstelling. Als gevolg van een diplomatieke ruzie tussen beide landen stortte de Spaanse pers zich met zijn volle gewicht op de jonge vorst. Mohammed (38) zou wel de slechte, maar niet de goede eigenschappen van zijn tirannieke vader Hassan hebben geërfd. Een besluiteloze koning die in plaats van te regeren liever op zijn jetski zit, in Rome naar de disco gaat en paleizen bouwt terwijl zijn volk in armoe leeft. Rijkelijk werd daarbij geput uit de eerste, weinig flatterende Mohammed-biografie, Le dernier Roi (De laatste Koning), die juist in Frankrijk is verschenen. De schrijver, Le Monde-journalist Jean Pierre Tuquoi, maande de vorst tot daadkracht bij de modernisering van zijn land.

In Marokko zelf is het enthousiasme van het begin weliswaar weggeëbd, maar blijft het vertrouwen in de nieuwe koning overeind. ,,De wil om te veranderen is er nog steeds'', meent Nouzha Skalli, een van leidende voorvechtsters van vrouwenrechten. In haar apotheek aan de voet van de Hassan II moskee in Casablanca passeren de plannen de revue om de positie van de vrouw te verbeteren zoals ze twee jaar geleden werden voorgesteld: rechten bij huwelijk en scheiding, verhoging van de huwbare leeftijd tot 18 jaar. Het riep felle protesten op bij moslim-organisaties die vreesden dat de Moudawana, de religieuze voorschriften, zouden worden gepasseerd. Na een protestmars in Casablanca afgelopen voorjaar werden de hervormingen geparkeerd bij een adviescommissie waarin ook de ulema's, de islamitische schriftgeleerden, zitting hebben. Sindsdien is er weinig meer van vernomen. Maar Skalli houdt de moed er in. ,,De koning wil de Moudawana hervormen. En wij zullen niet accepteren dat het nog een jaar gaat duren in die commissie.''

Een andere commissie buigt zich over de corruptie. ,,Veel vergaderen'', zo vat Abdesselam Aboudrar van Transparency Maroc, de bezigheden van de commissie samen. Zijn onafhankelijke vereniging strijdt sinds 1996 tegen de corruptie in Marokko. Onder de nieuwe koning is de situatie verbeterd, zegt Aboudrar: de corruptie is bespreekbaar geworden en Transparency wordt eindelijk erkend door de gezagsdragers. De douaneautoriteiten werken zelfs samen met de organisatie. Maar veel zaken blijven liggen. De politieagent, de rechter en de ambtenaar: iedereen ontvangt een kopje koffie, zoals hier het smeergeld eufemistisch wordt omschreven.

De pers schrijft meer over affaires, maar dat hoeft niet altijd positief uit te pakken. Berucht is het geval van kapitein Mustapha Adib, die zo onverstandig was een zaak van systematische brandstofroof bij de luchtmacht aan te kaarten. Toen de jonge officier na aanhoudend gedreig en getreiter besloot uit de school te klappen, verdwenen niet de corrupte stafgenoten, maar hijzelf in de gevangenis wegens het verbreken van zijn militaire zwijgplicht. Transparency Maroc heeft hem inmiddels met een prijs geëerd.

Het systeem in Marokko is taai, zeggen hervormers. Anders dan zijn vader treedt Mohammed nauwelijks naar buiten in de pers. Maar het beeld van een besluiteloze vorst behoeft volgens hen niettemin correctie. De koning reist tot in de uithoeken van het land en besteedt expliciet aandacht aan Tanger en het Rifgebergte in het noorden, achterstandsgebieden die zijn vader bewust links liet liggen. De vorst houdt er bovendien een uiterst actief benoemingenbeleid op na. Inmiddels zijn andermaal de belangrijkste wali's, de machtige gouverneurs van de provincies, vervangen. Jonge, slagvaardige technocraten en zakenlui zetten daarbij de toon. Ook wordt hoog opgegeven van de juist benoemde minister van Binnenlandse Zaken Driss Jettou, een ervaren zakenman en bestuurder, die als Mr. Clean de bezem moet halen door het almachtige ministerie.

Het komend jaar wordt gezien als een belangrijk ijkmoment. Het aangekondigde koninklijke huwelijk met een meisje van eenvoudige komaf moet duidelijk maken in hoeverre Mohammed ruimte laat voor een moderner koningshuis waarin ook de vrouw een rol speelt. Voorts zijn er verkiezingen aangekondigd. De huidige regering van de socialistische premier Youssoufi, nog tot stand gekomen onder Hassan, draagt nog het karakter van een overgangskabinet. Een nieuwe kieswet, die overigens nog moet worden vastgesteld, moet duidelijk maken of de verkiezingen een daadwerkelijk democratisch karakter dragen. En ook zal hierin opnieuw de positie van de koning, nu nog de hoogste macht als het aankomt op belangrijke wetten en benoemingen, vastgelegd moeten worden.

    • Steven Adolf