Arabieren willen imago verbeteren

De Arabische Liga heeft gisteren een actieplan aangenomen om het imago van de Arabisch-islamitische beschaving te verbeteren. Dat imago is beschadigd als gevolg van de aan de Arabische moslim-extremistenleider Osama bin Laden toegeschreven aanslagen van 11 september in New York en Washington.

De secretaris-generaal van de Arabische Liga, de Egyptische ex-minister Amr Mussa, heeft dat gisteren bekendgemaakt na een tweedaagse conferentie van 75 Arabische intellectuelen uit 18 landen in Kairo.

De conferentie, die eerste van haar soort sinds de oprichting van de Arabische Liga in 1945, was bijeengeroepen door Mussa na de uitspraken van de Italiaanse premier Berlusconi over de ,,superioriteit' van de westerse beschaving. In het Midden-Oosten worden dergelijke uitlatingen en het groeiend aantal anti-arabo/islamitische incidenten over het algemeen gezien als resultaat van een westerse lastercampagne. Maar Mussa zelf riep gisteren op tot ,,zelfkritiek'. ,,Want het is onmogelijk dat wij pretenderen dat onze maatschappijen de beste zijn.'

In dat kader roept het actieplan de nationale autoriteiten op in de onderwijsprogramma's informatie op te nemen over andere beschavingen en culturen. Op een persconferentie kondigde Mussa gisteren verder de oprichting van een ,,forum' aan dat programma's moet samenstellen om het imago van de Arabieren en hun cultuur te corrigeren.

Daarnaast zullen er twee commissarissen worden benoemd, de een belast met het bevorderen van een dialoog tussen beschavingen, de ander met de zorg voor de Arabische gemeenschappen in het buitenland.

Ook zal een satelliettelevisiezender worden opgericht die in Engelstalige programma's de Arabische standpunten aan het buitenland moet duidelijk maken.

De intellectuelen namen ten slotte een communiqué aan waarin zij de aanslagen van 11 september veroordeelden en onderstreepten dat ,,extremistische gedachten en gewelddadige praktijken het resultaat zijn van een culturele, sociale en politieke zwakte die buitenlandse mogendheden evenals interne factoren hebben geholpen te creëren.'