Zorg na beroerte kan veel beter

De hulp die iemand na een beroerte krijgt kan veel beter worden georganiseerd. Een betere coördinatie tussen betrokken diensten (huisarts, ziekenhuis, verpleeghuis, thuiszorg en maatschappelijk werk) leidt tot hogere kwaliteit tegen lagere kosten. De patiënt ligt veel korter in het ziekenhuis en is tevredener over de geboden hulp dan bij de traditionele zorg. Ook de hulpverleners zijn er tevredener over, ofschoon het werk daardoor wat zwaarder wordt.

Dit blijkt uit een onderzoek naar drie experimenten met een betere organisatie van de hulpverlening aan patiënten met een herseninfarct. De uitkomsten van het onderzoek zijn vandaag door de onderzoeksorganisatie ZonMW aangeboden aan minister Borst (Volksgezondheid). Zij had in 1998 de regio's Delft, Haarlem en Nijmegen opdracht gegeven tot een proef met een andere aanpak van deze patiënten.

Jaarlijks krijgen 27.000 mensen in Nederland een cerebro vasculair accident (CVA), ofwel een herseninfarct of beroerte. Van deze patiënten wordt 70 procent in het ziekenhuis opgenomen. Eenderde overlijdt binnen zes maanden. Dit verandert niet aanzienlijk door de andere organisatie van de zorg, aldus ZonMW.

Wel sterven er daardoor minder patiënten in het – relatief dure – ziekenhuis, en meer in het – goedkopere – verpleeghuis.

In de `normale' praktijk is de organisatie niet ingespeeld op de wensen van deze patiënten die voor hun behandeling een lange mars door de instituties moeten maken, waarbij de hulpverlening tussen de schakels hapert.

Volgens ZonMW levert een strak gecoördineerde aanpak van alle stappen in de hulpverlening zoals die in Delft werd beproefd, de beste resultaten op. Daar verblijft een patiënt gemiddeld 13 dagen in het ziekenhuis tegen gemiddeld 29 elders in het land. Daardoor kent het Delftse ziekenhuis ook een veel lagere bezetting van ziekenhuisbedden door patiënten die medisch bezien uitbehandeld zijn.

Zo'n 60 procent van de patiënten ondervindt een half jaar na het infarct nog matige tot ernstige hinder. In met name de Delftse regio resteren dan minder (zware) beperkingen.

Uiteindelijk pakt het Delftse experiment ook nog goedkoper uit. Volgens ZonMW kost de zorg in de hele keten van een CVA-patiënt in de eerste zes maanden in Nederland gemiddeld 35.000 gulden. In Delft is dat 29.000 gulden, een bedrag dat volgens de onderzoekers nog omlaag kan door het aantal verpleegdagen in het ziekenhuis verder te beperken. Volgens ZonMW is dat mogelijk, omdat er ook in Delft geen ,,harde medische redenen'' zijn om alle patiënten 13 dagen in het ziekenhuis op te nemen.