Olieprijs gestegen na dreiging VS tegen Irak

De olieprijs is vanmorgen stegen in de verwachting dat de olie-export van Irak mogelijk kan stilvallen. Dit zou kunnen gebeuren door een Amerikaanse aanval of een nieuwe confrontatie met de Verenigde Naties over het olie-voor-voedselprogramma.

De prijs van een vat Brent, olie uit de Noordzee, steeg vanmorgen rond het middaguur naar 18,60 dollar vergeleken met 18,36 dollar gisteren. De olieprijs heeft de laatste maanden onder grote druk gestaan door de afnemende vraag en de onmacht van olieproducerende landen om afspraken te maken over een productiebeperking.

De Amerikaanse president Bush zei gisteren dat Irak weer wapeninspecties moet toestaan. De Iraakse leider Saddam Hussein heeft sinds december 1998 geen inspecties door VN-inspecteuren geduld. Bush zei niet wat de VS zal doen als Saddam weigert wapeninspecties toe te staan. ,,Dat merkt hij wel'', zei Bush.

Daarnaast moet het olie-voor-voedselprogramma van de Verenigde Naties eind deze maand worden vernieuwd. Dit programma, ingesteld na de Golf-oorlog, biedt Irak de mogelijkheid om olie te verkopen en voedsel en medicijnen te kopen met de opbrengst ervan. De Verenigde Staten en Groot-Brittannië willen de sancties veranderen, waardoor er scherper wordt gelet op het wapenembargo tegen Irak. Irak legde in juni de productie stil, omdat er een conflict was over de verlenging van het programma.

Het stilvallen van de productie van Irak zou de organisatie van olie-exporterende landen (OPEC) in de kaart spelen. Hierdoor zouden bijna twee miljoen vaten olie per dag uit de markt worden genomen: het aantal waarmee OPEC en niet-OPEC-olielanden proberen hun productie te verminderen om de prijs op te drijven.