Gevoelige koploper

Het was een laatste poging om het tij te keren. In de weken na de aanslagen in de VS verscheen een aantal artikelen in de Turkse pers over de heikele kwestie waar Osama bin Laden zijn fortuin had geparkeerd. Voor de journalisten was het antwoord duidelijk: het geld lag allemaal in Zuid-Cyprus. De Europese Unie moest nog maar eens goed nadenken, zo was de boodschap, voordat het `Grieks-Cyprus' tot de Europese Unie toelaat.

Uit het voortgangsrapport over de Cyprische kandidatuur blijkt dat de Europese Commissie de Republiek Cyprus inderdaad goed onder de loep heeft gehouden, maar het resultaat daarvan sprak slechts weinig Turken aan. In het peloton van de kandidaat-lidstaten voor de Europese Unie ligt Cyprus voorop, zo is de conclusie van het rapport. In het zogeheten screeningproces waaraan elke kandidaat-lidstaat wordt onderworpen, zijn 23 van de 31 hoofdstukken bevredigend afgesloten. De toonzetting van het rapport is daarom bijna even stralend als de zon die twaalf maanden per jaar boven het eiland schijnt. Alleen op een paar punten (zoals de verhoging van de BTW) laat de Commissie even haar tanden zien.

Geen wonder daarom dat de reacties op het rapport vanuit Zuid-Cyprus juichend waren. Voor de vorm liet de hoofdonderhandelaar voor de Republiek, Vassiliou, nog even weten dat er nog ,,zwaar' werk voor de boeg lag omdat er in acht maanden tijd nog zo'n driehonderdvijftig wetten en maatregelen door het parlement behandeld moeten worden. Maar misschien was dat meer gespeelde bescheidenheid, want iedereen op Grieks-Cyprus weet dat de marathon naar `Brussel' eigenlijk al gelopen is.

Of toch niet? In de voortgangsrapporten oefent de Europese Commissie fikse kritiek uit op Turkije dat de afgelopen jaren niets gedaan zou hebben om de verdeling van Cyprus op te heffen. Ook herhaalt `Brussel' het dreigement dat – zelfs als de verdeling blijft bestaan – de deuren voor de Republiek Cyprus naar de EU toch open zullen gaan.

Toch zou Turkije op het allerlaatste moment nog een spaak in het wiel kunnen steken. De kwestie-Cyprus ligt in Ankara immers erg gevoelig. De huidige premier, Ecevit, was degene die in 1974 besloot om het noordelijke deel van het eiland te bezetten om zo de Turkse `broeders'te beschermen. De laatste weken heeft Ecevit steeds gedreigd dat toelating van `Grieks'-Cyprus Ankara ertoe zou kunnen brengen om het `noorden' te annexeren. In een regio die toch al fragiel is, kan de Europese Unie het zich niet permitteren om een land als Turkije duurzaam van zich te vervreemden. De toekomst van de Grieks-Cyprische kandidatuur hangt daarom van meer af dan de 350 wetten.

Of zal de Europese Unie toch instaat zijn de rol van vredessstichter te spelen die zij zichzelf in de kwestie-Cyprus had toebedacht? In het zicht van de nakende toetreding van Cyprus hebben de leiders van de beide gemeenschappen op het eiland, Denktas en Kliridis, er in toegestemd om elkaar voor het eerst sinds jaren weer te ontmoeten. De verwachtingen zijn laag, maar sommige groepen binnen de Turkse maatschappij (zoals de werkgeversorganisatie Tüsiad) hebben Denktas opgeroepen wat flexibeler te zijn, omdat zijn onbuigzaamheid wellicht ook de Turkse kandidatuur voor de EU in gevaar zal brengen.

Dit is het tiende deel in een serie die op 15 november begon. Vorige afleveringen ook op internet: www.nrc.nl

    • Bernard Bouwman