Frans proces tegen oud-generaal over martelen in Algerije

In Parijs is gisteren het proces begonnen tegen de Franse oud-generaal Paul Aussaresses. Hij wordt verdacht van het rechtvaardigen van oorlogsmisdaden in Algerije in de jaren vijftig.

Aussaresses, inmiddels 83 jaar, baarde begin dit jaar opzien met het boek Services Spéciaux, Algérie 1955-1957, waarin hij openlijk de martelpraktijken van het Franse leger tijdens de Algerijnse onafhankelijkheidsoorlog beschrijft. De oud-generaal schijft persoonlijk betrokken te zijn geweest en er geen spijt van te hebben.

Organisaties voor de rechten van de mens reageerden verontwaardigd op het boek en eisten vervolging van de oud-generaal. Probleem was echter dat het ging om oorlogsmisdaden en dat die vallen onder de amnestiewet van 31 juli 1968. Een alternatief zou zijn om de daden als `misdaden tegen de menselijkheid' te omschrijven, maar die omschrijving werd pas in 1994 in de Franse wetgeving ingevoerd.

Er restte de officier van justitie daarom niets anders dan een gerechtelijk vooronderzoek te beginnen om te kijken of Aussaresses vervolgd kon worden wegens `het rechtvaardigen van oorlogsmisdaden', waarvoor een maximale gevangenisstraf bestaat van vijf jaar.

Aussaresses zei gisteren in de rechtszaal dat hij weliswaar geen expliciete opdrachten voor de martelingen kreeg, maar het was iedereen duidelijk wat er moest gebeuren. Volgens hem was generaal Jacques Massu, een van de militaire leiders en een Franse held, op de hoogte van de praktijken. ,,Hij herinnerde mij eraan dat de regering wilde dat alle terroristen zouden worden uitgeroeid'', aldus Aussaresses. Hij wees er op dat de martelingen geen vergelding waren of bestraffing, maar dat het ging om het verkrijgen van informatie over hen die destijds als terroristen werden beschouwd.

Volgens de advocaat van Aussaresses biedt het proces ,,een kans om een bepaalde vorm van hypocrisie te bestrijden''. De uitgever van Aussaresses' boek en de chef van de historische afdeling van de uitgeverij, die samen met de oud-generaal terechtstaan, vinden dat ze Frankrijk helpen ,,om het verleden onder ogen te zien''. Zoals volgens uitgever Olivier Orban ,,van een militair verwacht kan worden, geeft de generaal een klinisch rapport van de gebeurtenissen, zonder emotie''. Orban noemde het zijn verantwoordelijkheid om de waarheid te vertellen ,,ook als die pijn doet of choqueert''.