CAO Philips ijkpunt voor loonstrijd

De vakbonden en Philips onderhandelen vanaf vandaag over een nieuwe loonafspraak. De CAO wordt een ijkpunt voor de loonstijging van 2002.

Philips is een geduchte tegenstander. Dat realiseren de vakbonden zich als zij vanmiddag de strijd aangaan voor loonsverhoging in de nieuwe CAO van het elektronicaconcern. Het verleden leert dat de vakbond nogal eens een nederlaag heeft moeten slikken in de strijd met Philipsonderhandelaar Ed de Haas. De Haas onderhandelt namens Philips sinds eind jaren zeventig en geeft als directeur Sociale Zaken sinds 1992 leiding aan de Philipsdelegatie.

De automatische prijscompensatie sneuvelde bij Philips als eerste bedrijf in Nederland. ,,Die heb ik in 1982 nog afgeschaft'', bevestigt De Haas. Een 36-urige werkweek? Philips wilde er niet aan. Ook al ging medewerkgever Akzo Nobel wèl door de bocht. Pensioenen gebaseerd op het laatst verdiende loon van werknemers, zijn bij Philips als eerste grote onderneming in 1996 vervangen door een middelloonregeling – voor gepensioneerden minder lucratief. En in 1998 kwam bij Philips als een van de eerste bedrijven een zogeheten pretatiebeloning tot stand. Volgens De Haas zijn de consequenties van die laatste afspraak vooralsnog beperkt. Twee procent van de Philipswerknemers moet genoegen nemen met de helft van de afgesproken CAO-verhoging, omdat de prestaties onder de maat zijn gebleven.

Nu de vette jaren voorbij zijn staan werkgevers en werknemers weer ouderwets tegenover elkaar in de CAO-onderhandelingen. De vakbonden noemen 4 procent loonsverhoging bij Philips ,,uiterst redelijk''. De Haas spreekt daarentegen over ,,een nullijn'' waar Philips in de loonkostenontwikkeling ,,dichtbij wil blijven''.

In het zogeheten Najaarsoverleg tussen vakbonden, werkgevers en het kabinet is bijna twee weken geleden afgesproken dat de looneisen voor volgend jaar `gematigd' zullen zijn. Maar wat die abstracte uitspraak in de praktijk betekent, moet nog blijken. De Philips-CAO, waarover vanaf vandaag tot en met begin februari vier keer wordt onderhandeld, is het eerste ijkpunt. Philips stapt als eerste in de schijnwerpers doordat de huidige CAO een korte looptijd heeft en eindigt op 1 januari in plaats van de gebruikelijke 1 april.

,,Ik denk niet dat Philips blij is dat het zo prominent op de kop staat'', zegt FNV-onderhandelaar Joke Hubert. ,,De eersten zetten de toon'', zegt De Haas. ,,Maar dat maakt niet uit. Wij kijken naar de bedrijsfvoering van Philips.''

Kan Philips werkgelegenheid handhaven in ruil voor loonmatiging? De Haas stelt dat een procent loonsverhoging in de CAO Philips in Nederland vierhonderd banen zou kosten. Hubert van de FNV noemt dat uitgangspunt ,,de wereld op zijn kop''. ,,We hebben sinds het aantreden van Kleisterlee bijna wekelijks de aankondigingen van ontslagen zien langskomen'', zegt zij. ,,Het verschuiven van arbeidsplaatsen naar bijvoorbeeld Oost-Europa past in de strategie van Philips. Kleisterlee gaat daarmee onverkort door en doet dat ongeacht de loonontwikkeling in Nederland. Dan is het oneigenlijk om ten tijde van de CAO-onderhandeingen ineens een expliciet verband te leggen tussen loonsverhoging en werkgelegenheid.''

Maar volgens De Haas bestaat het verband tussen loonontwikkeling en werkgelegenheid wel degelijk. ,,CAO-loonsverhogingen zijn de laatste jaren geklommen tot 4 procent en hoger'', zegt hij. ,,Dat heeft consequenties voor de concurrentiekracht van Nederland en ook voor Philips.'' In het afgelopen jaar is de werkgelegenheid van Philips in Nederland terugelopen van circa 35.000 naar 30.000. De Haas schat dat ,,ongeveer de helft'' van deze arbeidsplaatsen echt is verdwenen en de rest is meegegaan naar nieuwe eigenaren van bedrijfsonderdelen.

    • Michiel van Nieuwstadt