Overgave en verzet in Kunduz

Groepjes Talibaan in Kunduz hebben zich nog altijd niet overgegeven. De Noordelijke Alliantie heeft vanuit de stad gemeld dat enkele straten nog inhanden zijn van buitenlandse moslim-extremisten.

Troepen van de Noordelijke Alliantie hebben vandaag huiszoekingen gehouden op zoek naar Talibaan en hun buitenlandse bondgenoten. Tevens plunderden zij de bezittingen van gevluchtte Talibaan. Inwoners van de stad, waar voor de oorlog tussen de 100.000 en 200.000 mensen leefden, gingen vandaag voor het eerst de straat op. De Talibaan had de bevolking tijdens de belegering van de stad een straatverbod opgelegd.

Berichten over de inname van de stad zijn uiterst tegenstrijdig geweest. Zo werd vanmorgen nog gemeld, ten onrechte naar later bleek, dat de legers van de verschillende krijgsheren van de Noordelijke Alliantie met elkaar slaags waren geraakt over de verdeling van Kunduz. En ondanks de verklaring van de Alliantie dat Kunduz is ingenomen, hield het verzet in de stad aan. Met name de buitenlandse aanhang van de Talibaan, extremistische strijders uit Saoedi-Arabië, Tsjetsjenië en Pakistan, zouden niet bereid zijn tot overgave uit vrees voor wraakacties.

Zeker is dat in de afgelopen dagen duizenden Talibaan in de stad hebben gecapituleerd. Alim Razim, adviseur van de commandant Rashid Dostam, heeft gezegd dat ten minste vijfduizend Talibaan zich hebben overgegeven op het moment dat de Noordelijke Alliantie de aanval op de stad begon.

De meeste van die gevangenen waren lokale Talibaan en werden meteen weer vrijgelaten. 750 anderen bleken van buitenlandse afkomst en zijn gevangen gezet. Volgens de regeling van overgave die vorige week werd bereikt, mogen de Talibaan vrijuit gaan. Hun buitenlandse bondgenoten zullen worden berecht.