Niemand is gediend met een Europees arrestatiebevel

Als redelijk direct betrokkene ben ik blij dat ook NRC Handelsblad reageert op het komende Europese Aanhoudingsbevel (NRC Handelsblad, 19 november). De onderhandelingen daarover vinden in het geheim in Brussel plaats. Enige vorm van publieke discussie is daardoor onmogelijk, terwijl het concept vergaande gevolgen kan hebben voor het Nederlandse rechtsklimaat.

Intussen is de onderhandelaars zelfs een termijn gesteld: daags na Sinterklaas moet de zaak klaar zijn.

Pogingen het Europese Aanhoudingsbevel (EAB) te beperken tot terroristische en aanverwante criminaliteit zijn mislukt. Het dreigt te gaan gelden voor een flinke lijst `gewone' delecten.

Gevolg van het EAB is dat de klassieke uitleveringsprocedure voor `Europese' zaken komt te vervallen met betrekking tot alle delicten die op die lijst staan.

In die procedure komen vragen aan de orde als: is het feit waarvoor uitlevering gevraagd wordt ook naar Nederlands recht strafbaar, is er gevaar voor dubbele berechting voor dezelfde feiten of is er sprake van een ernstige dreiging van een flagrante schending van het Europese recht op een eerlijk proces.

En die toetsing kan tot ontoelaatbaarverklaring van de uitlevering leiden. Die toetsing wordt afgeschaft, waarbij de gedachte zal zijn dat in alle landen die bij het EVRM zijn aangesloten dezelfde bescherming van het Europese Hof geldt, desnoods via het individueel klachtrecht.

In de praktijk is die rechtsbescherming in de verschillende Europese landen zeer verschillend, kijk maar naar de jurisprudentie van dat Hof. Bovendien is het Hof reeds overbelast en zal dat allicht nu nog wel meer worden. En bij het uitleveren van onderdanen kan het voor de betrokkenen enorm verschil maken waar zij worden berecht.

Er zijn Europese landen, Frankrijk is een voorbeeld, die zichzelf rechtsmacht toekennen voor feiten, waar ook ter wereld door wie ook gepleegd, als door die feiten een Frans belang wordt geschaad.

Dat zou kunnen betekenen dat een in Nederland praktiserend arts, die lege artis euthanasie uitvoert op een Frans onderdaan, misschien moet worden overgedragen aan Frankrijk, terwijl hij in Nederland niet strafbaar is. Dat hangt af van de vraag of euthanasie valt onder het Franse begrip `doodslag'. Er schijnt wel een soort speciale regel te komen voor overdracht van onderdanen, maar de beschermende werking daarvan hangt weer af van de vraag hoe het begrip onderdaan in de regeling wordt gedefinieerd.

Een Nederlander zal daar onder vallen, maar een in Nederland praktiserende Franse arts? In elk geval lijkt doodslag op de lijst te komen, evenals drugshandel.

Kan nu voortaan (dat wl zegen waarschijnlijk vanaf 2004) een Nederlandse coffeeshophouder die zich aan de gedoogcriteria houdt, zonder meer aan Duitsland worden overgedragen omdat hij in zijn coffeeshop aan Duitsers heeft verkocht? Terwijl Duitsland bovendien een andere opvatting heeft over dubbele berechting (Duitsland doet het nog een keer over als het een reeds elders opgelegde straf te laag vindt, maar trekt die dan weer wel van het totaal af).

Ik weet wel dat één van de voorwaarden voor overdracht van onderdanen is dat de betrokkene na veroordeling zijn straf weer in Nederland mag uitzitten en dat die straf zelfs aan Nederlandse maatstaven mag worden aangepast, maar in deze voorbeelden helpt dat niet.

En in het algemeen duurt het erg lang en intussen zit je een straf uit die in Nederland misschien niet had kunnen worden opgelegd.

Het lijkt – met alle reserve omdat wij niet mogen weten waar wij over debatteren – een ongelukkige ontwikkeling.

Mr. R. Blekxtoon is voorzitter van de Internationale Strafrechtkamer van de rechtbank in Amsterdam.