Compensatie natuur kan veel kosten

Bij grotere, infrastructurele projecten bedragen de kosten voor natuurcompensatie gemiddeld 1 tot 5 procent van de totale bouwsom. Die kosten kunnen echter sterk oplopen.

Wanneer tijdens de aanleg van grote, infrastructurele projecten blijkt dat geen rekening is gehouden met de Europese richtlijnen voor natuurcompensatie en zulks alsnog moet gebeuren, dan lopen de kosten hoog op. Dat blijkt uit een vooronderzoek van Paralia Nature, een informeel samenwerkingsverband van Nederland, Duitsland, België en het Verenigd Koninkrijk en havens en onderzoeksinstellingen. Paralia Nature onderzoekt de effecten van de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn op een tiental grote Europese bouwprojecten, vooral uitbreidingen van havens.

Als pas in een laat stadium van de bouw rekening wordt gehouden met natuurbelangen, zijn de kosten die daarmee zijn gemoeid vaak hoger dan de compensatie zelf. Dat stelt dr. Frank Neumann, als projectmanager bij het Instituut voor Infrastructuur, Milieu en Innovatie in Brussel betrokken bij Paralia Nature.

Niet zelden moeten werkzaamheden worden stilgelegd. Gevolg hiervan is kapitaalverlies, financiële genoegdoening voor de aannemer, en kosten voor bewaking van het bouwterrein.

Neumann presenteerde de voorlopige resultaten van het onderzoek gisteren op een congres in Rotterdam. Hij noemt de kosten van compensatie als die correct wordt uitgevoerd ,,een fractie'' van de totale bouwkosten.

Een tweede conclusie uit het onderzoek is dat mitigatie, ofwel het in een vroeg stadium verzachten van de ingreep in het landschap, de voorkeur verdient boven compensatie achteraf. Deze werkwijze verhoogt bovendien het maatschappelijke draagvlak voor infrastructurele projecten, zo stelt Neumann.

Voor het project Paralia Nature worden onder meer de verdieping van de vaargeul in de Westerschelde onderzocht, de uitbreiding van de haven in Antwerpen en de landaanwinning in Le Havre.

De Europese Vogel- en Habitatrichtlijn bepalen dat er alleen in zeer hoge uitzondering schade mag worden toegebracht aan het leefmilieu van aldaar levende vogels en andere diersoorten. Wanneer wegens ,,dwingende redenen van groot openbaar belang'' deze schade toch wordt toegebracht, deze moet worden gecompenseerd in de vorm van het elders terugbrengen van een even grote, gelijkwaardige hoeveelheid natuur.