Onzichtbare suikerooms

Het gedwongen vertrek van Karel Aalbers als voorzitter van de voetbalclub Vitesse had in januari 2000 het begin moeten worden van een normale sponsorrelatie met het energiebedrijf Nuon. Het werd het begin van aanhoudend rumoer: bedreigingen, onderzoeken door accountants en het Openbaar Ministerie, supportersrellen, gekochte getuigenissen en schertsfiguren die opduiken met nieuwe suikerooms en rumoerige persconferenties.

Over het uit de hand gelopen avontuur van het nutsbedrijf Nuon met Vitesse heeft de journalist Joost van Mierlo nu Verspeelde Energie geschreven. Van Mierlo heeft de Arnhemse voetbalclub gevolgd als verslaggever van De Gelderlander en later als redacteur van het Financieele Dagblad. Zijn eigen ervaringen heeft hij aangevuld met gesprekken met ruim dertig betrokkenen, onder wie Aalbers en Nuon-topman Tob Swelheim. De hoofdlijn van het verhaal was al bekend uit perspublicaties, namelijk hoe Aalbers zijn voetbalvriend Swelheim wist te verleiden tientallen miljoen aan gemeenschapsgeld te steken in een droom over een wereld, waarin Vitesse en Nuon internationale spelers zouden zijn. Van Mierlo heeft dit verhaal verrijkt met anekdotes en nieuwe feitjes. Zo blijkt Swelheim zijn suikerziekte te benutten om gesprekspartners te overrompelen door zichzelf tijdens onderhandelingen plotseling insuline toe te dienen met een injectienaald. Anderzijds worden sterke verhalen van Aalbers over nieuwe geldschieters definitief naar het rijk der fabelen verwezen.

Grote onthullingen staan er niet in en evenmin wordt helder hoe bijvoorbeeld Aalbers zijn vermogen heeft verworven en of hij stiekem heeft verdiend aan spelerstransfers zoals Justitie vermoedt. De grote verdienste van Van Mierlo is dat hij de affaire heeft ingebed in de revoluties die zich voltrekken in Nederland. Zo voelen door de snelle liberalisering van de nutssectoren bedrijven als Nuon en eerder ook KPN zich gedwongen om zich te profileren. Tegelijkertijd is sport in de opkomende beleveniseconomie steeds meer een product, dat instantvermaak levert en met tv-rechten en merchandising kan worden uitgebaat. Deze ontwikkelingen waren voor Swelheim en Aalbers een rechtvaardiging van hun kostbare avontuur.

Het is Van Mierlo gelukt om deze elementen samen met de wirwar aan kuiperijen en complexe financiële constructies te gieten in een zeer leesbaar verhaal. Hij doet dit door de relatie Vitesse-Nuon weer te geven als een soap: enkele hoofdpersonen met onveranderlijke karakters en motieven, een eindeloze reeks episodes en steeds weer opduikende en verdwijnende bijfiguren. In deze aanpak past de aanwezigheid van een portrettengalerij en een chronologie in plaats van een register dat helaas ontbreekt.

Deze aanpak wreekt zich echter in de duiding, die Van Mierlo vooral zoekt in de psychologie van de hoofdpersonen: de ambitieuze Aalbers die het succes van het Gelredome naar het hoofd steeg en de wantrouwige Swelheim die zich liet opvrolijken door Aalbers. Dat (politieke) toezichthouders het allemaal hebben laten gebeuren signaleert van Mierlo wel, maar zijn verklaring dat bestuursvergaderingen chaotisch verliepen en Gelderland nu eenmaal te veel geld had, is wel erg summier. Waarom de toezichthouders zoals oud-minister Jan Terlouw niet het vuur na aan de schenen gelegd of eens een cruciale Statenvergadering gereconstreerd? Dat was veelzeggender geweest dan de vermakelijke uitweidingen over Aalbers' pogingen een Indiase bierbrouwer te interesseren voor de overname van Vitesse.

Joost van Mierlo: Verspeelde energie. Vitesse en Nuon. Verslag van een explosieve relatie. SUN, 248 blz. ƒ39,67

    • Karel Berkhout