McConnell nieuwe premier Schotland

De leider van de Schotse Labour-partij, Jack McConnell, is gisteren gekozen tot eerste minister van Schotland.

McConnell (41) is de derde `premier' in de drie jaar dat het semi-autonome zelfbestuur bestaat. Hij volgt Henry McLeish op, die eerder deze maand opstapte na een financieel schandaal. McLeish was aangetreden na de plotselinge dood van Donald Dewar, in oktober vorig jaar.

De Schotse regeringscrisis overstijgt het lokale belang, omdat het een grote slag is voor het door landspremier Tony Blair begonnen proces van `devolutie', waarbij macht vanuit Londen wordt overgeheveld naar de regio's. De slepende zaak rond McLeish, die belasting ontdook door zijn officiële kantoor onderhands te verhuren, heeft de statuur van het prille Schotse parlement ernstig beschadigd, zowel bij de Schotten als in Westminster.

McConnell beloofde gisteren prioriteit te geven aan het bestrijden van ,,vriendjespolitiek'', die ,,het hart van het bestuur kan corroderen''. Hij zei ook dat het na de consolideringsfase van het zelfbestuur nu ,,tijd wordt voor de verbetering van de gezondheidszorg en het openbaar vervoer en de afname van de misdaad, die Schotten eisen''.

Om een geloofwaardige premier te zijn moet McConnell de komende tijd wel zijn gladde en arrogante imago ongedaan zien te maken, dat hem de bijnaam Jumping Jack Flash bezorgde. Hij raakte eerder in diskrediet door de zogeheten Lobbygate-affaire, waarin hij als ex-consultant van een mediabedrijf toegang tot politici zou hebben verschaft. Vorige week belegde hij een persconferentie met zijn vrouw, waarin hij toegaf een buitenechtelijke verhouding te hebben gehad. Geruchten daarover zongen al een paar jaar rond en bedreigden zijn ambities.

Zijn voorganger bezorgde McConnell de portefeuille Onderwijs, die binnen de Schotse verhoudingen als een gifbeker bekend stond. Ruzie over normen van eindexamens en het heffen van collegegeld dreigden de coalitie met de Liberal-Democrats op te blazen. Met een aantal gewiekste compromissen maakte McConnell die echter onschadelijk.

Politieke analisten vermoeden dat McConnell, die nooit een landelijke parlementszetel heeft bekleed en uitsluitend Schotse politieke wortels heeft, op een ramkoers met Westminster ligt, ook al is hij lid van de regeringspartij. Anders dan McLeish geldt de onafhankelijke McConnell noch als protégé van premier Blair, noch van Gordon Brown, de minister van Financiën die zijn Schotse machtsbasis zou willen gebruiken voor zijn ambitie om Tony Blair op te volgen. Volgens Neil Ascherson, schrijver en voormalig Schots politicus, is het goed mogelijk dat ,,McConnell populair wil worden door Schotland weg te sturen van Westminster en [de Labour-partij]''.

Dankzij de steun van zijn partij en coalitiepartner Liberal-Democrats kreeg McConnell meer stemmen dan de tegenkandidaten van de drie oppositiepartijen bij elkaar. John Swinney, leider van de nationalistische SNP, die Schotland uit de Britse Unie wil afscheiden, was daarvan de belangrijkste. Twee andere Labour-kandidaten hadden zich eerder teruggetrokken.