Joods weekblad krijgt verjongingskuur

,,Bent u jóóds?'' De medewerker van de advertentieafdeling van het Nieuw Israelietisch Weekblad zegt het op bijna samenzweerderige toon. Ja, hij wil best een recensie-exemplaar van `zijn' vernieuwde weekblad toesturen. ,,Maar een joodse recensent is mooi meegenomen.''

Het oudste opinieblad van Nederland mag sinds vorige week in een nieuw jasje zijn gestoken, ten burele lijkt er weinig veranderd. Net als een decennium geleden, toen ik korte tijd werkzaam was bij het NIW, is de hamvraag of je `het' bent. Zo ja, dan sta je aan de goede kant van de scheidslijn: die tussen joden en niet-joden. Niets ten nadele van die laatste categorie, maar onderscheid moet er zijn.

En toch, wie het NIW de laatste jaren gevolgd heeft moet erkennen dat de scheidslijnen vervaagd zijn. Het weekblad kreeg steeds meer oog voor de toenaderingspogingen tussen joden en christenen in Nederland en verloor gaandeweg zijn oorspronkelijke functie: een orthodox-joods offensief tegen de liberalen en zionisten, die aan het eind van de negentiende eeuw een bedreiging vormden voor `de echte leer'. Wie het NIW nu openslaat, ziet alle mogelijke joodse standpunten vertegenwoordigd. Niet tot ieders tevredenheid, maar zoals de eigenzinnige oud-hoofdredacteur Tamarah Benima ooit opmerkte: ,,Het NIW is een krant die iedereen vervloekt en waar iedereen trots op is.''

Alhoewel de oplage met 6.000 exemplaren al jaren stabiel is, was er ook reden tot zorg. Want het ledenbestand vergrijsde in rap tempo en met de werving van jonge abonnees wilde het – ondanks een nieuw maandelijks jongerenkatern – niet erg vlotten. Zelfs de speciale Hebreeuwse pagina, die de circa tienduizend in Nederland woonachtige Israëliërs had moeten bedienen, leverde nauwelijks nieuwe abonnees op.

Trouwe NIW-lezers kregen onlangs een brief in de bus met de mededeling dat het in 1865 opgerichte opinieblad ging verjongen. De redactie, zo liet de vorig jaar aangetreden hoofdredacteur Carine Cassuto (37) weten, wilde een krant maken die een groter deel van de circa 30.000 Nederlandse joden zou aanspreken. En als `constante factor in een pluriforme gemeenschap' gaan fungeren.

Het resultaat zal niet overal in goede aarde zijn gevallen. Met name de in Israël geïnteresseerde behoudende protestanten uit de EO-hoek, die ruim eenvijfde van het abonneebestand vertegenwoordigen, zullen moeite hebben met de gedaanteverwisseling. Niet alleen heeft het NIW een compleet andere opmaak – de voorpagina is in kleur, de binnenpagina's zijn ruimer opgezet – ook inhoudelijk is er veel veranderd. Het harde nieuws over Israël en de Nederlands-joodse gemeenschap heeft grotendeels plaatsgemaakt voor vermakelijke artikelen over cultuur en achtergrondreportages. En het blad kent nu zelfs een roddelrubriek, Rumoer genaamd. Privé-waardig is het `opmerkelijke nieuws uit joods Nederland en omstreken' niet, maar het leest wel lekker weg.

Toch zal één ingreep nog langer nadreunen: het ontslag van columnist Gerry Mok. Mok, die joods Nederland met zijn radicaal-rechtse standpunten ruim dertig jaar lang verdeelde, moest vorige week `voortijdig afscheid nemen' omdat hij niet meer past in het nieuwe lezersprofiel: jongeren en geassimileerde joden. In de brievenrubriek wordt hevig protest aangetekend. ,,Bij alle zoetgevooisde linkse inzendingen die veel ruimte krijgen, is het goed om opinies van een andere kant te lezen'', stelt een lezer. ,,Hij was waarlijk het steunpunt van uw blad'', schrijft een ander.

Of de verjonging nieuwe abonnees oplevert valt te bezien. Sam en Moos, die op de achterpagina prijken, lijken niet zeker van hun zaak. Sam: ,,Wat vind jij nou van dat nieuwe NIW?'' Moos: ,,Je moet geen vragen stellen waar je het antwoord niet op wilt horen.''

    • Danielle Pinedo