Jan Pronk trekt na VROM weer de wijde wereld in

`Veteraan en hofnar van het kabinet' Jan Pronk neemt alvast afstand van `groen polderoverleg' en slaat zijn agenda na op buitenlandse tripjes.

Alsof hij het er om deed, zo uitdagend was het tafereel. De Tweede Kamer roept minister Jan Pronk (Ruimtelijke ordening en milieu) op het matje voor zijn uitspraken over de Amerikaanse bombardementen in Afghanistan en hij bestudeert intussen zijn agenda. Die staat vol met vluchten naar alle uithoeken van de wereld. Volgende week Indonesië, bijna aansluitend naar Canada.

Enkele uren na het spoeddebatje over de voor Pronk moeilijk te verteren bombardementen begon de Tweede Kamer dinsdagmiddag aan de behandeling van zijn begroting voor het volgende jaar.

Altijd een goed moment om even achterom te kijken, vinden de Kamerleden. Het gemiddelde oordeel over zijn inspanningen in de afgelopen vier jaar viel Pronk niet tegen. Het was, zo vatte hij samen, ,,een genuanceerd positieve beschouwing geworden met enkele kanttekeningen''.

Een vergelijking met de uitkomsten van de drie klimaatconferenties die in krap twaalf maanden zijn gehouden, dringt zich op. Pronk, die twee van de drie conferenties leidde, spreekt – met anderen – van een succes ,,als even buiten beschouwing blijft dat de VS niet meedoet aan terugdringing van de broeikasgassen''. Niet buiten beschouwing kan blijven dat juist hierdoor de vermindering van de mondiale uitstoot van CO2 en andere gassen zwaar onder de maat blijft.

En evenzo maakt de PvdA nog altijd prominent deel uit van de Tweede Kamer. Wanneer je zoals Pronk helemaal geen aandacht besteedt aan het feit dat deze fractie onder aanvoering van zijn partijgenoot Duivesteijn gehakt heeft gemaakt van de vijfde nota ruimtelijke ordening, inclusief de direct al omstreden rode en groene contouren waar wel of juist niet mag worden gebouwd, ja dan kan het oordeel `genuanceerd positief' worden gehandhaafd.

Maar Duivesteijn en een speciaal hiervoor samengestelde commissie onder voorzitterschap van Bram Peper haalden ruim een maand geleden nu juist enkele belangrijke elementen uit die vijfde nota, waar het kabinet overigens juist vandaag weer over zou discussieren, geheel onderuit.

Pronk is tegelijk de veteraan en – volgens PvdA-prominent Bart Tromp – ook de hofnar van het kabinet-Kok. Na negen jaar op Ontwikkelingssamenwerking werd hij in 1998 benoemd op het ministerie van VROM. Hij maakte daar een verdwaalde indruk en critici meenden dat de 61-jarige Scheveninger zo verzot was op het pluche dat hij elke nog beschikbare post had aanvaard. In ieder geval duurde het niet lang voordat hij aankondigde dat één periode op VROM mooi genoeg was en dat klonk zeer beslist. De vraag is dus wat Pronk volgend jaar na de verkiezingen gaat doen. Komt hij terug in de binnenlandse politiek? ,,Ik ga met liefde terug naar de Tweede Kamer, niets mooier dan dat'', zei Pronk in de afgelopen weken meer dan eens. Zijn benoeming tot speciaal gezant van de Verenigde Naties voor zaken die verband houden met duurzame ontwikkeling had hij toen al binnen. Pronk gaat de grote conferentie daarover in Johannesburg volgend jaar voorbereiden. Echt een klus voor hem, maar de Tweede Kamer, vooral de VVD, maakte deze week duidelijk wel bezwaren te hebben tegen het feit dat hij deze drukke baan met vele vliegreizen over de wereld in ieder geval tot volgend jaar mei gaat combineren met het ministerschap.

Jan Pronk zegt het te kunnen omdat zijn werkdagen bestaan uit ,,twee keer 24 uur''. Is dat zelfoverschatting? Tot nu toe heeft hij, bijvoorbeeld op de internationale klimaatconferenties, laten zien met gemak nachten door te kunnen vergaderen zonder al te veel schade op te lopen. Hij noemt zichzelf graag een ``uyliaan'', navolger van Joop den Uyl of de beheerder van diens erfenis. Hij is `dus' gedreven, spreekt Kamerleden of elk ander gehoor belerend toe, ondertussen bewegend als een bokser in de ring op zoek naar de zwakke plek van zijn tegenstander.

Zijn aanpak is: uitdagen, zoals hij gisteren tijdens de begrotingsbehandeling zei. Dus begint de beantwoording met een uitputtende opsomming van plannen en nota's (Nationaal Milieubeleidsplan, Nota Ruimtelijke Ordening, voorontwerp van wet op de Ruimtelijke Ordening, nota over grondpolitiek) die zonder enige bescheidenheid `doorbraken' worden genoemd. Het werd zelfs Kamervoorzitter Van Nieuwenhoven een beetje te gortig. Ze vroeg: ,,Is het niet jammer, minister, dat we dit straks allemaal niet meer bij de vijfde nota kunnen behandelen?'' Pronk ging echter onverstoorbaar door.

Toch kwam hij aan het slot van zijn betoog met enige politieke ontboezemingen, waarin hij iets van de onmacht en teleurstelling over de afgelopen vier jaar etaleerde. In de toekomst is het ,,misschien toch wenselijk om VROM van meer financiële middelen te voorzien'', zei Pronk en hij liet er direct op volgen: ,,Je mist toch iets van hardware, je bent altijd maar met de zachte kant van het beleid bezig, de besluiten volgend die door andere departementen zijn genomen''.

Zonder overgang meldde hij een andere frustratie en bekende ,,een beetje te zijn teruggekomen van het groene polderoverleg''. Dat praten, met onder meer milieugroepen en maatschappelijke organisaties, bemoeilijkt ,,het snel nemen van politieke besluiten'', waardoor volgens Pronk niet adequaat genoeg kan worden gereageerd op actuele ontwikkelingen.