Een öpen relatie

MIAMI De vlucht op vrijdag om 13:30 van New York naar Miami zat vol. Van vliegangst was hier niets te merken. Krijsende baby's overstemden de gezagvoerder. Rechts van mij zat een man die een gedeelte van zijn rechterbeen miste.

In het voorjaar van 1999 was ik voor het laatst in Miami geweest, dat voorjaar vonden de stuiptrekkingen plaats van mijn financiële grootheidswaanzin. Een waanzin waaraan ik nog steeds afbetaal, maar geen klachten. Leven op krediet is het enige optimisme dat ik mijzelf gun.

Ik had een kamer gereserveerd in The Biltmore in Coral Gables, ver weg van het ordinaire South Beach, waar de jeugd me te jeugdig is en ook te bloot. Geen kwaad woord over bloot, maar het brengt de onschuldigen in verwarring.

Tegelijkertijd met mij arriveerde een veertigtal werknemers van een bedrijf uit Californië in The Biltmore. Het kostte enige moeite de receptioniste duidelijk te maken dat ik bij geen enkel bedrijf hoorde en geheel op eigen kracht hierheen was gekomen. Toen ze daar eenmaal van overtuigd was, keek ze veelbetekenend en zei: ,,U zult hier gaan genieten.''

Om vijf uur ging ik in de lobby zitten waar high tea werd geserveerd.

In 1999 had ik in de tuin van The Biltmore wijn gedronken met een vrouw die nu samenleeft met een dichter. Zo gaat dat. Sommige vrouwen leggen de weg af van proza naar poëzie, anderen van non-fictie naar fictie, en weer anderen blijven waar ze altijd al geweest zijn. De wegen van de vrouw zijn ondoorgrondelijk.

Nu was ik hier om een andere reden. Ik had een afspraak met een Deen die mij een zakelijk voorstel over kussenslopen wilde doen. Citaten uit de wereldliteratuur zouden worden gedrukt op kussenslopen en de ondernemer had mij gevraagd de redactie te doen. Het basisbedrag was niet erg hoog, maar als het eenmaal zou gaan lopen, kon je er aardig van rondkomen.

De Deen had per fax laten weten dat de letters op de kussenslopen geborduurd zouden worden, zodat de citaten na drie keer wassen niet verdwenen.

Van mijn moeder weet ik dat linnengoed op negentig graden moet worden gewassen en menig plakletter is niet tegen die temperatuur bestand.

De ondernemer had een baard, en zag er ook verder erg Deens uit. In een kleine zwarte koffer zat documentatiemateriaal over de literaire kussenslopen. ,,Waarom hebt u mij uitgekozen?'' vroeg ik.

,,Omdat jij open staat voor innovatie. Dat merk ik aan alles.''

,,Ik houd wel van innovatie op zijn tijd'', zei ik. ,,En wilt u vooral citaten uit de klassieke literatuur of ook iets moderns?''

,,Alles door elkaar'', zei hij. ,,Het is de bedoeling dat het tegelijkertijd uitkomt in Duitsland, Engeland, Denemarken, Italië en Frankrijk. Maar we willen de kussens aanpassen aan de smaak van het land.''

Ik geloofde in de literaire kussensloop. Het gaat toch vooral om imago en het koffietafelboek had zijn beste tijd gehad.

,,Neem me niet kwalijk'', zei ik, ,,mijn telefoon.''

Ik ben altijd voorbereid op het verlossende woord, daarom zet ik mijn telefoon nooit uit.

,,Ze zouden die Wim Kok een emmer schijt over zijn hoofd moeten gooien.''

,,Dag mama'', zei ik, ,,gaat het goed?''

,,Goed? Een emmer schijt dan zou die man tot bezinning komen.'' Ik liep naar een rustig gedeelte van de lobby. ,,En verder?''

,,En verder'', zei ze, ,,was dat meisje hier bij me eten en ze heeft zulke treurige ogen. Ze houdt nog echt van je, dat kan ik zien.''

Mijn moeder houdt ervan mijn ex-vriendinnen bij zich uit te nodigen voor het avondeten. Verbieden heeft geen zin, dan doet ze het juist.

Waarom die meisjes gehoor geven aan haar uitnodigingen is mij ook een raadsel. Een van hen is ooit tot werkster van mijn moeder gepromoveerd. Gelukkig is dat dienstverband na enige jaren niet meer gecontinueerd.

,,Ik vond haar echt de leukste van allemaal.''

,,Oh'', zei ik.

,,Ze zei, dat ze nog wel eens iets wilde afspreken, met zijn drieën, als jij weer in Nederland bent en toen dacht ik, misschien kunnen we met zijn drieën op reis van de zomer.''

,,Waar heb je het over, mama? Dat meisje is eindelijk gelukkig, laat haar met rust. En waarom moeten we in godsnaam met zijn drieën op reis, ze heeft een vriend, ze heeft een baan.''

,,Ze kan heel goed autorijden.''

,,Nou en, dat is toch geen criterium, alleen al in Amsterdam lopen tienduizenden vrouwen die goed kunnen autorijden. Als je een vrouw nodig hebt die goed kan autorijden, dan wil ik dat wel voor je regelen.''

,,En ze was ook altijd zo aardig voor me, en ze had precies het goede lichaam om kinderen te krijgen. Ja, daar Iet ik altijd op. Zal ik haar nog eens bellen?''

,,Bel haar niet. Laat haar met rust. Gewoon met rust laten.'' Ik hing op.

We kregen kleine sandwiches bij de thee. De ondernemer logeerde in South Beach. Hij was met het openbaar vervoer naar Coral Gables gekomen.

,,Ja, het duurt wel twee uur'', zei hij, ,,eerst de bus, dan de metro, dan een eind lopen, maar dan zie je ook wat.''

Ik kende aardig wat mensen in Miami, maar geen van hen had ooit de metro in Miami genomen. Deze Deen was een interessante figuur.

,,Neem me niet kwalijk'', zei ik, ,,het kan dringend zijn.'' Ik pakte mijn telefoon.

,,Ja, met Aap, heb je met haar geneukt?'' ,,Wat?''

,,Ik heb je stuk in de krant gelezen. Heb je met die Cléo geneukt?'' Ik liep naar het zwembad.

,,Nee natuurlijk niet. Hoe kom je daarbij?''

,,Dat staat er, dat je fysiek contact hebt gehad.''

,,Dat suggereer ik, maar dat is een literair middel.''

,,Wat? Neuken is een literair middel?''

,,Dat niet. Mijn zinnen zijn literaire middelen. Het is geen CNN.''

,,En straks gaan al mijn vrienden me bellen.''

,,Ik kan er niks aan doen dat die mensen niets beters te doen hebben. Of moet ik er de volgende keer boven zetten: dit stuk is niet geschikt voor Blonde Aap en haar vrienden?''

,,Soms denk ik echt datje zo'n sukkel bent.''

,,Ik heb haar met geen vinger aangeraakt en zelfs als. We hebben een öpen relatie.''

,,Een wat?''

,,Een öpen relatie, dat is een Zweedse relatie, dat is dubbel-open. Een soort houthakkersrelatie, als je samen bent heb je plezier en voor de rest hakt iedereen zijn eigen hout.''

,,Ga toch weg man.''

De Deense zakenman en ik praatten nog een paar uur genoeglijk over het kussensloopproject. Daarna las ik bij het zwembad De Immoralist van André Gide. Maandag vloog ik terug.

Ik zwom nog een laatste keer. Daarna hoorde ik dat een toestel van American Airlines in New York was neergestort.

Ik zou die middag met American Airlines terugvliegen.

Toen ik om zes uur een taxi nam, zei de chauffeur: ,,Naar het vliegveld? Veel geluk.'' Op de aanvoerweg naar het vliegveld stond een checkpoint met militairen. Amerika begon meer en meer op Tel Aviv te lijken. Voor ik opsteeg belde ik Blonde Aap.

,,Met mij'', zei ik, ,,ik kan toch terugvliegen, dus ik dacht ik bel nog even om telefooncoïtus te hebben. Voor de zekerheid.''

,,Wat?''

,,Dat andere woord kan ik niet zeggen, ik zit hier tussen allemaal mensen.''

,,Ik zit nu op de sportschool, dus het kan niet. En met jou wil ik helemaal geen telefooncoïtus hebben, want je gebruikt alles tegen me.''

,,Dan bel ik later, sport ze.''

Vanwege alle geannuleerde vluchten was mijn vlucht overboekt.

Uiteindelijk kwam ik te zitten naast een mevrouw die deel had genomen aan een aerobic-congres in Miami.

,,Wat is dit eigenlijk voor toestel'', vroeg ze.

,,Een Airbus 300'', zei ik.

,,Jezus'', zei ze en begon haar vingers verwoed te knakken

,,Er storten er niet twee neer op een dag'', zei ik. ,,Dat is statistisch onmogelijk.''

    • Arnon Grunberg