Rameau bont en energiek tot leven gewekt

Onder Willem Mengelberg klonk nog de `tragédie en musique' Castor et Pollux van Jean-Philippe Rameau in het Amsterdamse Concertgebouw. Later dirigeerde Bernhard Haitink het Concertgebouworkest in een aantal aria's van Rameau. Maar nadat in de jaren '70 de `authentieke' muziekbeoefening een ware hype was geworden, keek het orkest wel uit om zich nog met Rameau's `musique savante' in te laten.

Het is dan ook bijzonder dat het Koninklijk Concertgebouw deze week onder leiding van de Engelse barok-dirigent Nicholas McGegan uitsluitend 18de-eeuws repertoire speelt, waaronder een door McGegan zelf samengestelde suite uit de opera Nais (1749) van Rameau.

Volgens Rameau bepaalde de harmonie het essentiële karakter en de samenhang van de muzikale expressie. Muziek was in zijn ogen afgeleid van universele, kosmische principes die ook de natuur regeren (`le principe de tout est un'). Een muzikale uitvoering ontleende haar esthetische betekenis aan de mate waarin de muziek erin slaagde iets uit te drukken, het oor te behagen en de emoties op te wekken. Ondanks alle geleerdheid van de muziektheoreticus Rameau klinkt zijn veelal op oude, gestileerde dansvormen gebaseerde muziek over het algemeen echter opmerkelijk kleurrijk en aanstekelijk.

Kwiek en energiek zette McGegan de gierende windmolen, de brutaal knetterende donderplaat en het geanimeerd spelende Concertgebouworkest in de Ouverture van zijn Rameau-suite aan tot muzikale uitbundigheid. In de acht aansluitende delen wisselden markante retoriek en wollige lyriek elkaar af in een bonte opeenvolging van stijlvolle dansen. McGegan opteerde met zwierige armbewegingen, elegante sprongetjes, stampende voeten en levendig gesticulerende handen als ideale ceremoniemeester, en zo werd Rameau met vorstelijke allure tot leven gewekt.

Na een beweeglijke orkestinleiding debuteerde de 22-jarige Georgische violiste Elisabeth Batiashvili, voorheen leerlinge van Mark Lubotsky in Hamburg, bij het Koninklijk Concertgebouworkest met een indrukwekkende ingetogenheid en een onwaarschijnlijk pure viooltoon in het Derde vioolconcert van Mozart. Zuiver van intonatie, maar ook zuiver van stijl, en zuiver van geest en gevoel: zo klonk Batiashvili's klassiek georiënteerde en opmerkelijk rijpe spel, waarmee ze zonder opsmuk of overdrijving doordrong tot de kern van Mozart.

Er volgde nog een vitale uitvoering van Haydns Symfonie nr. 99, waarin McGegan en het alert spelende Concertgebouworkest elkaar wisten te inspireren tot een sprankelende, luchtige en blijmoedige Haydn.

Het enige bezwaar was dat McGegan wel erg overhelde naar het benadrukken van de sunny side van Haydns onderhoudende muziek, zodat de kleine dramatische momenten te weinig impact hadden en het geheel wel aanstekelijk klonk, maar ook een beetje oppervlakkig.

Concert: Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Nicholas McGegan. Programma: werken van Rameau, Mozart en Haydn. Gehoord; 21-11 Concertgebouw Amsterdam. Herhaling: 22, 23, 25/11. Radio 4: 25/11 14.15 uur.

    • Wenneke Savenije