Rusland volhardt in mening olieproductie

Rusland weigert nog steeds toe te geven aan de wens van de OPEC zijn olieproductie verder te verlagen dan de kleine hoeveelheid waartoe het tot nu toe bereid is. Noorwegen en Mexico, twee andere belangrijke niet-OPEC-leden, hebben laten doorschemeren inmiddels wel verder te willen gaan, mits Rusland meedoet.

Om de olieprijzen te stabiliseren wil de OPEC zijn productie met 1 tot 1,5 miljoen vaten olie per dag verlagen. Tot ieders verrassing zag het daar vorige week, toen de OPEC-olieministers in Wenen bijeenkwamen, plotseling van af.

De OPEC zei zijn productie alleen te verlagen als de niet-OPEC-landen dat ook doen. Daarmee wil de organisatie verhinderen dat niet-OPEC-leden van haar beleid profiteren en hun marktaandeel opvoeren. Om de druk op Rusland op te voeren zinspeelden sommige olieministers op een prijsoorlog.

In reactie daarop daalden de olieprijzen flink, maar Rusland – na Saoedi-Arabië de grootste olieproducent ter wereld – liet zich niet imponeren. Van de grote Russische olieconcerns is er maar één dat wil meedoen, maar het produceert zijn meeste olie in Kazachstan. Dat land valt niet onder de niet-OPEC-landen waarop de OPEC een beroep doet.

Hoewel Noorwegen en Mexico geen concrete toezeggingen hebben gedaan, stegen de olieprijzen op de markten van Londen en New York weer enigszins. In Londen noteerde de toonaangevende Brent-olie (uit de Noordzee) voor levering in januari vanmorgen bijna 19 dollar per vat van 169 liter. De prijs hiervan lag vorige week nog onder de 17 dollar.