Rode rozen op het Vlaamse platteland

Kan een op het Vlaamse platteland gesitueerde speelfilm over een onnozele vrouw van achter in de zestig en haar drie zusters het moderne bioscooppubliek bekoren? Natuurlijk niet, dachten de meeste Belgische distributeurs en lieten Lieven Debrauwers speelfilmdebuut Pauline & Paulette aanvankelijk links liggen. Maar de film werd geselecteerd voor de Quinzaine des Réalisateurs in Cannes, kreeg daar ovaties en de publieksprijs en vond, door bemiddeling van de Nederlandse coproducent Emjay Rechsteiner, een Benelux-uitbreng. Inmiddels is Pauline & Paulette een hit in België, won alle nationale filmprijzen op die voor de mannelijke hoofdrol na (mannen spelen slechts bijrollen in het universum van Debrauwer), werd ingezonden naar de Oscars en zal in Amerika uitgebracht worden door Sony Classics.

Het geheim van het succes van Pauline & Paulette is niet alleen de magistrale hoofdrol van Dora van der Groen (74) als een geraffineerd-ondeugend klein meisje in het lichaam van een oude vrouw. Er wordt over de hele linie goed geacteerd in dit zorgvuldig vormgegeven kleinood, dat meer ambieert dan overtuigend realisme. De jonge regisseur, die al een tijdje veelbelovende korte films maakt (Leonie won in 1997 in Cannes de juryprijs), laat zien dat hij de kunst van het doseren tot in de puntjes beheerst. Het zou niet zo moeilijk zijn geweest om van dit verhaal, dat de regisseur samen met Jaak Boon schreef, een sentimentele 'feelgood movie' te maken, met een lach en een traan, en veel vette effecten gegenereerd door misverstanden rond een kindse bejaarde. Debrauwer houdt zich echter in, en kapt hilarische scènes op het hoogtepunt af, voordat de kijker zijn schouders ook maar kan beginnen op te halen. Als Pauline (Van der Groen) met een hand vol dozen op een trapje staat in de winkel van haar zuster Paulette (Ann Petersen), kun je wachten op het moment dat ze die uit haar handen laat vallen. Debrauwer weet het beter gemaakt: Pauline gooit ze woedend zelf op de grond, als het haar zo uitkomt.

De film gaat slechts nominaal over de vraag wat er met Pauline moet gebeuren, nadat de zuster bij wie ze inwoonde plotseling overlijdt. Het testament vermaakt huis en geld aan de beide overgebleven zusters, als een van beiden de verzorging van Pauline op zich neemt. Meer belang hecht de regie aan de spanning tussen grauwe alledaagsheid en de in mierzoete operettekleuren gedoopte droomwereld van de door Pauline verafgode Paulette. De twee werelden lopen voortdurend onverwachts in elkaar over. Pauline besproeit met een enorme gieter euforisch de kiespijnverwekkende tuin op de klanken van Tsjaikovski's Bloemenwals, en plakt uitgescheurde stukjes pakpapier in een schrift. Maar op het hoogtepunt van Paulette's optreden als diva van de plaatselijke operettevereniging betreedt Pauline het toneel, omdat de ster haar veters moet strikken. En de muziek van die operette (`Honderd rozen') is niet van Strauss of Léhar, maar een speciaal voor de film door Frédéric Devreese gecomponeerde dwarse melodie.In de verte is Pauline & Paulette verwant aan het Belgische surrealisme van filmer Jaco van Dormael (Le huitième jour, Toto le héros) of van strips als Suske & Wiske of Kuifje, maar die typering doet nauwelijks recht aan het originele, nu al zeer volwassen talent van Lieven Debrauwer.

Pauline & Paulette. Regie: Lieven Debrauwer. Met: Dora van der Groen, Ann Petersen, Rosemarie Bergmans, Julienne de Bruyn, Idwig Stéphane, Camilia Blereau, Nand Buyl, François Beukelaers, Koen Crucke. In 12 bioscopen.

    • Hans Beerekamp