Te veel zorg per vierkante meter

De gezondheidscentra in half afgebouwde Vinex-wijken leiden een kwakkelend bestaan. Banken, huiverig geworden voor financieel wanbeleid in de gezondheidszorg, willen hen geen geld meer lenen.

Staand wachten patiënten van gezondheidscentrum Ypenburg-Rijswijk, een Vinex-wijk bij Den Haag, op hun beurt. Als de huisartsen en de verloskundige tegelijk spreekuur houden, zijn de stoelen in de wachtkamer snel vol. De ruimte is berekend op de patiënten van één praktijk. Inmiddels houden de artsen van gezondheidscentrum Ypenburg-Nootdorp, dat zich anderhalve kilometer verderop zou vestigen, hier óók praktijk, al meer dan een jaar. De logeerpartij was bedoeld als tijdelijke oplossing; het nieuwe pand van de logés zou uiterlijk afgelopen zomer klaar zijn. Maar de eerste steen is nog steeds niet gelegd. De banken weigerden het centrum een lening, aangevraagd om de nieuwbouw te financieren.

In gezondheidscentra werken huisartsen, fysiotherapeuten, maatschappelijk werkers, thuiszorg, verloskundigen en consultatiebureaumedewerkers samen onder één dak. Twee weken geleden luidde de Landelijke Vereniging van Gezondheidscentra (LVG) de noodklok. Acht centra in Vinex-wijken verkeren in financiële nood doordat zij niet voor de extra garantstelling kunnen zorgen, die de bank sinds afgelopen voorjaar van hen eist.

Einte Elsinga, bij ING Bank directeur van de marktgroep gezondheidszorg: ,,Gezondheidscentra worden steeds populairder, maar we merken dat ze in de beginjaren vaak moeite hebben om de zaak financieel rond te krijgen. De balans is wankel, door de hoge huisvestingskosten en de trage instroom van nieuwe patiënten.'' De bank eist dat een centrum binnen vijf jaar een financiële reserve opbouwt van 8 tot 10 procent van de jaaromzet. ,,Anders lopen wij te veel risico. Tenzij een derde partij een garantstelling verschaft. Of dat nu de overheid, de gemeente of een verzekeraar is.'' De financiële problemen rond het Amsterdamse Slotervaartziekenhuis en het faillissement van twee `oude' gezondheidscentra in Den Haag, maakte de ING Bank naar eigen zeggen ,,alert''.

De besturen van de acht getroffen gezondheidscentra zeggen hun werk niet naar behoren te kunnen doen. De medewerkers opereren vanuit bouwketen, werken uit ruimtegebrek op halve bezetting of zijn nooit met werken begonnen. De omzet, vaak al beperkt doordat een deel van de patiënten in de half afgebouwde Vinex-wijken er nog niet is, komt hierdoor verder in het nauw, zeggen de besturen. Op termijn zouden de acht centra circa 70.000 patiënten moeten bedienen.

In Kloosterveen, een Vinex-wijk in Assen, nam de overkoepelende Stichting Eerstelijns Gezondheidszorg Kloosterveen vijf maanden geleden een huisarts in dienst, die vanuit een noodgebouw praktijk zou houden voor de eerste tweeduizend bewoners. ,,Maar nu de bank onze lening van een half miljoen heeft afgewezen'', zegt voorzitter Nicole Senteur ,,kan onze huisarts niet aan het werk. We hebben geen geld voor een werkplek en ook niet voor de benodigde medische apparatuur.'' Bewoners die binnen Assen verhuisden, gaan volgens Senteur vaak terug naar hun oude huisartsen, ,,die zuchten onder de werkdruk''. Mensen die van buiten Assen in Kloosterveen komen wonen, moeten proberen zich een plaats te verwerven in de ,,al overvolle praktijken'' die er al zijn.

In eerste instantie trachtten de gezondheidscentra nauw bij de Vinex-wijk betrokken partijen zo ver te krijgen dat ze voor de vereiste garantstelling tekenden. Kloosterveen en Ypenburg vingen bot. ,,De gemeente Den Haag zegt dat ze armlastig is en daarom niet kan meewerken'', zegt Ronald van Breugel, directeur van de Geïntegreerde Eerstelijnszorg Randstad zuidwest (GER), dat de komende jaren zes gezondheidscentra zou gaan exploiteren. ,,Onze twee verzekeraars vertelden ons dat ze geen bank zijn en dit soort dingen niet doen.'' Elsinga van de ING Bank bevestigt ,,dat een aantal centra naarstig op zoek is naar iemand die een garantstelling wil geven. Maar de meeste gemeenten en verzekeraars willen dit risico niet nemen.''

De LVG vindt de terughoudendheid van de banken overdreven. ,,Er zijn de afgelopen 25 jaar 150 centra opgezet en die functioneren allemaal prima'', zegt beleidsmedewerker Mirjam Mus. ,,De kosten zijn alleen, logisch, de eerste periode erg hoog. Waarom kijken banken niet naar de langere termijn?'' De vergelijking met de twee Haagse centra die failliet gingen, zou mank gaan. Van Breugel: ,,Zij waren veel kleiner en dus kwetsbaarder. Delen van de wijk werden gesloopt en het aantal patiënten liep terug. Bij ons komen juist steeds meer patiënten.'' In tegenstelling tot de rest van het land hebben de gezondheidscentra in Ypenburg ook geen enkele moeite met het vinden van huisartsen. Volgens Van Breugel komt dit doordat jonge artsen vaak in deeltijd willen werken, wat in een gezondheidscentrum veel gemakkelijker kan dan in een vrijgevestigde praktijk.

Volgens het College Sanering Ziekenhuisvoorzieningen moeten de gezondheidscentra op korte termijn onder ,,een wettelijk regime'' worden geplaatst ,,dat voldoende zekerheden zal bieden aan commerciële kredietverschaffers''. Onder meer zou er een apart subsidiepotje moeten komen voor ,,de relatief hoge huisvestingskosten die het gevolg zijn van starten op een Vinexlocatie''.

Inge Reinders, als projectleider al tweeënhalf jaar druk met het uitdenken en opzetten van de zorg in Kloosterveen, is in mineur. ,,De overheid roept al jaren dat gezondheidscentra zo geweldig zijn. Zo klantvriendelijk, zo efficiënt. Maar als je als gemeente probeert een centrum van de grond te krijgen, kom je in de problemen. Met als gevolg dat we nu niet eens de allernoodzakelijkste zorg kunnen bieden aan de nieuwe bewoners van Kloosterveen. De overheid moet ingrijpen, uiteindelijk is het haar verantwoordelijkheid de kwaliteit van primaire medische zorg te garanderen.''

Gezondheidscentrum Ypenburg ,,bekwaamt zich intussen'', aldus huisarts Robert-Jan de Vos, ,,in het bedenken van creatieve noodscenario's''. De oefenapparaten van fysiotherapie staan wegens ruimtegebrek op de gang. Daar doen patiënten nu, soms enigszins gegeneerd, hun oefeningen. Bezoekers van de apotheek en het consultatiebureau, verderop in de gang, slalommen er behoedzaam omheen en slaan met nieuwsgierigheid de sportieve verrichtingen van de patiënten gade.

    • Rentsje de Gruyter