Naijver is ambitieuze broers vreemd

Drie broers als topruiter is al uitzonderlijk, maar het is uniek als die broers één, twee en drie worden op een internationaal concours. Vorig weekeinde won Gerco Schröder (23) de Grote Prijs van Oldenburg, voor zijn 30-jarige tweelingbroers Wim en Ben. Een duidelijker signaal van de ambities kon het broederschap niet geven.

Het zijn geen pochers, de Schröders. Dus deed de machtsgreep in Oldenburg geen afbreuk aan hun bescheidenheid. Uitbundigheid viel slechts waar te nemen aan de twinkeling in hun ogen. Wim, Ben en Gerco zijn grootgebracht op een boerderij in Tubbergen, waar begrippen als `houd het eenvoudig', `doe normaal' en `blijf bescheiden' als levensmotto's werden meegegeven. Succes maakt van de broers Schröder geen praatjesmakers.

De kiem van hun succes werd een twintigtal jaar geleden gelegd bij de ponyclub in Geesteren, waar Wim en Ben ooit door een buurjongen werden geïntroduceerd. De tweeling had reeds na één proefles de smaak te pakken. Omdat ze werden geacht te assisteren op de boerderij, stonden pa en ma Schröder schoorvoetend toe dat Wim en Ben lid werden. Maar de tweeling moest zelf maar zien hoe ze in Geesteren kwam. En dus stapten Wim en Ben jarenlang op hun pony voor het tochtje van dik anderhalf uur tussen Tubbergen en Geesteren.

,,Later kocht mijn vader een kleine trailer, die aan de tractor werd gekoppeld. Daarmee gingen we naar concoursen'', herinnert Wim zich. ,,Omdat we pas na het melken konden vertrekken en die tractor niet zo snel ging, waren we vaak net op tijd voor de wedstrijden. Inrijden was er zelden bij; we gingen zo de ring in.''

Die tijd vormde de Schröders. Het maakte hen tot doorzetters met een grote plichtsbetrachting. Maar ook tot liefhebbers, stilisten en technisch bekwame ruiters. En bovenal tot prettige mensen in de omgang.

Van de drie heet Gerco de meest talentvolle te zijn. Maar, voegen Wim en Ben daar in koor aan toe: ,,Wij hebben veel paden voor hem gebaand.'' Waar de tweeling het vak van ruiter helemaal zelf heeft moeten leren, trad zij – met alle liefde – op als leermeester van Gerco, die de teugels in zijn handen laat dansen.

Wim legt het verschil uit: ,,Wil ik goed presteren, dan moet een paard super `afgesteld' zijn. Bij Gerco niet; het gaat hem makkelijk af. Hij was nog maar 23 jaar toen hij zijn eerste wereldbekerfinale reed. Ik was dertig, snap je.''

,,Maar Gerco greep zijn kans wel'', nuanceert Ben het beeld dat zijn jonge broer in een gespreid bed terecht is gekomen. ,,Er zijn genoeg mensen van wie dat niet gezegd kan worden.'' En wat zegt Gerco? ,,Niks gaat makkelijk als je niet traint.''

Wim heeft het ruitervak geleerd bij de voormalige bondscoach Hans Horn, waar hij zes jaar lang tweede ruiter was achter Jos Lansink. Wim: ,,Er zijn weinigen die zo'n baan zo lang volhouden. Ik heb ook veel mensen na een week al huilend zien weglopen. Maar ik was vastbesloten om het vak te leren. Een harde leerschool? Nou, laat ik het zo zeggen: ik ben niet verwend.''

De beloning voor zijn doorzettingsvermogen kwam zes jaar geleden toen Wim in contact kwam met Ger Visser van Eurocommerce, een bedrijf dat kantoren verhuurt. De voormalige ruiter wilde als succesvolle zakenman graag als sponsor terugkeren bij zijn oude liefde en vond in Wim Schröder de partner die stond te popelen om een stal met springpaarden te runnen.

De in het Lochemse lover verscholen manege De Knillenberg werd gekocht en opgezet volgens de filosofie der geleidelijkheid. Visser: ,,Het was aanvankelijk de bedoeling om jonge paarden op te leiden tot nationaal niveau. Die doelstelling werd al snel bereikt, waarna we ons vorig jaar voor het eerst internationaal hebben gemeld.'' En met succes, want Wim maakte onder andere in het prestigieuze concours van Aken deel uit van de landenploeg en zou later in gezelschap van zijn broers de wereldbekerfinale in Gotenburg springen.

Ben Schröder zocht zijn geluk verder van huis, al zegt hij Twente nog dagelijks te missen. Na eerst bij de Brabantse stal Bollvorm te hebben gewerkt, verkaste hij een jaar geleden naar het Belgische Wuustwezel, waar hij bij stal Cordia Jewels Court Stud de baan heeft overgenomen van achtereenvolgens Albert Voorn en Piet Raymakers, twee zilverenmedaillewinnaars bij de Olympische Spelen.

Wim en Ben doen hetzelfde werk. Typerend voor een tweeling, van wie beiden zeggen dat ze ook goed zouden kunnen samenwerken, maar het wijselijk niet doen. Sponsor Visser weet wel waarom: ,,Je kent ze wel, hè, die twee kapiteins op één schip.''

Gerco staat sinds tweeëneenhalf jaar onder de hoede van Wim, nadat hij eerst door Ben was begeleid en getraind. De keus voor De Knillenberg is om praktische redenen gemaakt. Wim zat om een tweede ruiter verlegen en Gerco kon beschikken over kwaliteitspaarden. Bij zijn komst mocht hij een paard kiezen. Het werd Genève, waarbij hij overigens ingefluisterd werd door Wim die vond dat die twee het best bij elkaar pasten.

Kenmerkend aan de stal van Wim en Gerco is dat zij beiden over meer dan één toppaard beschikken. Volgens eigenaar Visser een bewuste keus om kwetsbaarheid te voorkomen. Zo heeft Wim naast zijn toppaard Monaco ook nog Grand Prix-waardige paarden als Montreal, Atlanta en Deauville achter de hand. En Gerco kan bij afwezigheid van Genève moeiteloos terugvallen op Fortaleza.

Wim is bovendien een meester in het opsporen van jonge, talentvolle paarden. Hij reist er heel Europa voor door; afgelopen week was hij bijvoorbeeld in Duitse en Zweedse stallen. ,,Om de kwaliteit op peil te houden, moet je wel zo te werk gaan'', meent Visser, die Wim Schröder in die aanpak van harte steunt. ,,En nu we merken dat ons systeem werkt, weet ik zeker dat Wim en Gerco binnen drie jaar tot de beste vijftien ruiters ter wereld behoren.''

Ben Schröder werkt in Wuustwezel onder vergelijkbare omstandigheden. Hij heeft vier paarden tot zijn beschikking, waarvan hij naast zijn toppaard Pleonast er nog één heeft die internationaal inzetbaar is. Twee andere zijn in opleiding.

Ook in zijn geval geldt, dat verkoop niet aan de orde is. Een weelde, weet Ben uit ervaring. ,,Ik heb vaak meegemaakt dat een goed paard werd verkocht en ik weer opnieuw met een opleiding kon beginnen. Maar ik heb me er nooit door uit het veld laten slaan. Van redelijk getalenteerde paarden is altijd wel iets goeds te maken, dat is het probleem niet. Maar het kost veel doorzettingsvermogen om gemotiveerd te blijven.''

De opkomst van de Twentse broers stelt bondscoach Bert Romp voor een luxeprobleem. Hij heeft er drie kandidaten voor de grote kampioenswedstrijden bij. ,,De Schröders zijn al een heel eind op weg. Wat betreft niveau staan ze al op gelijke hoogte met ruiters als Jos Lansink, Jeroen Dubbeldam, Emile Hendrix of Jan Tops'', oordeelt Romp. ,,Het ontbreekt hun alleen nog aan ervaring. Om die reden viel Wim afgelopen zomer bij het EK ook net buiten de ploeg. Maar hun tijd komt nog wel.''

Wat de bondscoach bovenal aanspreekt, is de professionaliteit van de Schröder-broers. Romp: ,,Die jongens hebben echt geen aansporing nodig. Ze hebben van huis uit meegekregen om hard te werken en goed hun best te doen. Je hoeft ook nooit achter ze aan; ze hebben hun zaakjes altijd voortreffelijk geregeld. Bovendien zijn het in de omgang prettige mensen. Als de Schröders internationaal definitief doorbreken, verwacht ik dat Nederland nog vele jaren plezier van ze kan hebben.''

En de broers zelf, hebben die geen last van naijver? In koor: ,,Géén sprake van.'' Gerco: ,,Als we, zoals vorig weekeinde in Oldenburg, met zijn allen in de barrage zitten, gaan we alle drie voor de winst. Maar we wisselen ook onze ervaringen uit. Wie er wint, maakt ons echt niet uit, als het maar één van ons is. En dan is het helemáál prachtig als we de eerste drie plaatsen innemen. En dat is niet geregisseerd, hoor. De uitkomst is op sportieve wijze tot stand gekomen.''

    • Henk Stouwdam