NANOGENERATOR WEKT DODENDE ALFASTRALING OP IN EEN KANKERCEL

Amerikaanse onderzoekers zijn erin geslaagd kankercellen te doden door er de radioactieve isotoop actinium-225 binnen te smokkelen. De tumoren worden dan van binnenuit bestraald zodat kleine hoeveelheden straling volstaan. Deze nieuwe vorm van radiotherapie is met succes getest bij muizen waarbij prostaatkankercellen of lymfomen waren geïmplanteerd (Science, 16 nov).

Veel kankertherapieën zijn ook ongezond voor gezond weefsel. Er is daarom grote belangstelling voor behandelingen die gezond weefsel ontzien. Radiotherapie waarbij de stralingsbron in de kankercellen wordt gebracht zou hiervan een voorbeeld kunnen zijn. Daar is een stralingsbron voor nodig die straling produceert die dodelijk is voor de cel, maar die ook zo zwak is dat de schade tot die ene cel beperkt blijft. De bron mag niet te lang actief blijven, om onnodige schade te vermijden. Anderzijds mag de bron ook niet zo snel `uitgestraald' zijn, dat er te weinig tijd is om grote gezwellen te bestrijden. En er is een vehikel nodig dat de stralingsbron in de kankercel aflevert en nergens anders.

De onderzoekers denken een flinke stap in de goede richting te hebben gezet door atomen actinium-225 aan een antilichaam te koppelen. Dat antilichaam kan via binding aan een bepaald eiwit een tumorcel binnen dringen. Actinium-225 produceert alfastraling (heliumkernen) en heeft een halfwaardetijd van 10 dagen. Het benadert daarmee het ideale stralingstype en de ideale werkingsduur. De onderzoekers noemen het actinium-drager-antilichaamcomplex een nanogenerator, een vorm van nanotechnologie. Zij zien de nanogenerator als een moleculaire machine, ter grootte van hooguit enkele nanometers (miljoenste millimeters).

De nanogenerator is bij verschillende vormen van kanker getest, niet alleen in de reageerbuis, maar ook in vivo bij levende muizen waarbij een stukje van een prostaattumor was geïmplanteerd. Vijftien dagen na de implantatie kreeg een deel van de muizen eenmalig een nanogenerator met een antilichaam tegen prostaatkanker. De overige muizen kregen ofwel actinium-225, gekoppeld aan een ander eiwit, of het antilichaam zonder actinium. Deze muizen waren binnen enkele weken dood. Met de nanogenerator leefde ongeveer de helft van de muizen een klein jaar later nog. Als de behandeling iets eerder werd gestart, was de overleving nog beter. Vergelijkbare resultaten werden behaald met kunstmatig opgewekte lymfomen. Hierbij ontstaat niet één solide tumor, maar verspreidt de kanker zich door het hele lichaam.

De onderzoekers hopen volgend jaar de nanogenerator te kunnen testen, in eerste instantie bij uitbehandelde kankerpatiënten. Daarbij zullen niet alleen de juiste dosering en wijze van toediening bepaald worden. Ook moet worden uitgezocht in hoeverre de behandeling leidt tot schade aan gezonde cellen, bijvoorbeeld door alfastraling die vrijkomt als de actiniumatomen onderweg zijn naar de tumor of als de kankercel inmiddels is vernietigd.

    • Huup Dassen