Mensen blijf thuis, Amsterdam is vol

Een stoet van 350 meter lang kleppert door de Amsterdamse binnenstad als de kroonprins trouwt. Zelfs voor de huisrepublikeinen is geen plaats meer.

Langzaam wordt duidelijk wat Het Huwelijk van de kroonprins op 2 februari volgend jaar gaat betekenen voor de stad Amsterdam: huisvredebreuk. Halverwege de route van de gouden koets, waarin de pasgetrouwden zaterdag door de stad rijden, willen republikeinen op het Spui een feestje houden. Een woordvoerder van het Projectbureau Koninklijk Huwelijk (PKH) zegt hier ,,heel blij'' mee te zijn. Zonder zo'n tegengeluid is Amsterdam Amsterdam niet. Maar op het Spui staan: een brandweerauto, twee ambulances, een complete noodpost van het Rode Kruis, een drumband en regiewagens van de NOS. Binnenkort krijgen de republikeinen te horen of dat feestje logistiek wel kan.

De 350 meter lange stoet, aangevoerd door negentig ruiters, kleppert en ratelt van de Nieuwe Kerk, de Nieuwezijds Voorburgwal, langs het Spui, de Singelgracht, het Muntplein, het Rokin, de Dam naar het Koninklijk Paleis op de Dam. Alleen al het aantal `professioneel aanwezige personen' op die route is tienduizend: `gebomcheckte' journalisten, politie en vele anderen. 2.200 militairen onder anderen, die om de meter langs de kant van de weg staan: militair, mupi, militair, zo schetst het Projectbureau Koninklijk Huwelijk (Mupi's zijn reclamevitrines; mobilier urbain pour plans et information). En daar komen de toeschouwers nog bij. In het uiterste geval kan de gemeente besluiten tot de oproep: `mensen, blijf thuis, kijk naar de tv, daarop zult u meer zien dan wanneer u naar Amsterdam gaat'. Langs de route zullen grote tv-schermen staan met beelden van het huwelijk, en indien nodig ook met verkeersberichten als: `De Dam is vol'.

Bij de Passenger Terminal Amsterdam aan de Oostelijke Handelskade arriveren in alle vroegte de bussen met gasten uit het land. In de Beurs zitten tweehonderd door het hof genodigden en zeshonderd anderen. Het hof heeft de provincie laten weten een voorkeur te hebben voor `gewone mensen'. Met name mensen die zich hebben ingespannen bij de kennismakingstoer. In de PTA zullen zij worden gescreend. Het mag niet zo zijn dat meneer Jansen uit Assen zijn kaartje heeft verkocht aan de buurman.

De kennismaking van het Paar met Amsterdam verliep eerder zo rimpelloos, dat men op het PKH de volgende dag tegen elkaar zei: `Dat huwelijk wordt een eitje'. Tot iemand zei: ,,Kijk eens naar de tv'' – het was 11 september. Daarna ging men weer aan tafel zitten in het besef dat het niet zo vaak voorkomt dat de fine fleur van alle koningshuizen zo dicht bijeen zit. De adel zit in de Beurs, de Nieuwe Kerk en een deel zal, voor men zich vrijdagnacht te rusten legt in Krasnapolski, het Amstel Hotel of het Paleis op de Dam, naar het volksfeest gaan dat zich die avond afspeelt in de Arena.

Vrijdag had niet de voorkeur van het SNOC, het Nationaal Oranje Comité dat samen met de gemeente het volksfeest organiseert en gauw Stichting voor haar naam heeft gezet om niet verward te worden met het Nederlands Olympisch Comité. Het SNOC wilde op zaterdag ná het huwelijk een feestje geven, maar zo werkt het niet bij de adel. Na de slotscène op het balkon van het paleis is het voor de prinsen en gravinnetjes hapje eten en wegwezen. Een feestje voor het volk op vrijdag dan? Vooruit, zei het hof, maar dan wel een feest met allure. Het SNOC wist vervolgens een zo aardig programma in elkaar te zetten, dat steeds meer adellijke gasten lieten weten ook wel geïnteresseerd te zijn. Met alle gevolgen voor de beveiliging van dien.