KUNST, MAAR HOE?

Culturele en Kunstzinnige Vorming bestaat nu twee jaar als verplicht vak op vwo en havo. `We moeten weg uit het geblindeerde gymnastieklokaal. Jongeren moeten reguliere voorstellingen zien.'

Met Zaanse tongval spreekt zanger Ferry Heyne van `De Kift' een tekst van Nicolai Gogol uit. ``Ik moest toegeven dat ik erg verbaasd was toen ik de hond als mens hoorde praten. Maar eerlijk gezegd verbaasde ik me nog veel meer toen de hond zei: `Ik heb je geschreven maar de postbode heeft alle brieven waarin hij droevig nieuws vermoedde verbrand'.'' De blazers en gitaren zetten een hoekig punkachtig lied in. Op de achtergrond wisselen filmbeelden van vissenogen, hollende menigtes met mensen en bruidsparen elkaar af.

Het is muisstil in de afgeladen zaal vol jongeren in de Stadsschouwburg Velsen in IJmuiden. De Kift treedt er op met hun productie De IJzeren Hond in het kader van de Jongeren Theaterdag in IJmuiden, georganiseerd door Steunpunt Kunsteducatie Noord Holland, een van de twintig steunpunten die bemiddelen tussen scholen en theaters.

Maar ondanks die geladen stilte tijdens de voorstelling zijn de reacties van de meeste jongeren na afloop negatief: `Ik snapte helemaal niet waar het over ging', `vreselijk' of `muziek voor mijn oma'. Een aantal 4-havo-leerlingen prefereren de voorgaande voorstelling Improcomedy van Sterk Water waarbij leerlingen op het podium worden gehaald, opdrachten krijgen en de hele zaal slap van de lach ligt.

Docent Arjen Stoffers van het Midden Kennemerland College in Beverwijk snapt zijn leerlingen wel. ``Ik geef zelf echter de voorkeur aan de literaire teksten van de Kift boven Improcomedy van Sterk Water. Maar een voorstelling zoals die van de Kift kun je leerlingen niet onvoorbereid voorschotelen.''

Doelgroep van de Jongeren Theaterdag zijn de leerlingen van het voortgezet onderwijs in Kennemerland die het vak Culturele Kunstzinnige Vorming I (CKV I) volgen. CKV I is sinds twee jaar een verplicht vak voor de bovenbouw van havo en vwo. Over twee jaar zal het ook een verplicht vak zijn voor klas 3 en 4 van het vmbo. De leerlingen moeten er voor CKV zelfstandig op uit naar musea en theaters. Daarvoor zijn zogenaamde CKV-bonnen in het leven geroepen waarmee leerlingen gratis of voor een gereduceerde prijs een kunstinstelling binnenkomen. Voor het eindexamen van alle opleidingen wordt een dossier met verslagen van de bezoeken verwacht.

Er zitten nog steeds veel haken en ogen aan die kennismaking. Sommige schouwburgen laten een limiet aan leerlingen toe tijdens toneelstukken om chaos te voorkomen. En slechts zeventig procent van de CKV-bonnen worden besteed en dan nog voornamelijk aan gratis filmbezoek in de plaatselijke bioscoop.

``Jongeren zijn de lastigste doelgroep die er bestaat. Je moet ze niet op rode pluche stoeltjes naar een zwaar toneelstuk te laten kijken. De eerste kennismaking moet gelijk goed zijn.'' Aan het woord is Wim Wentzel, initiatiefnemer van Bekijk 't een samenwerkingsverband van 16 toneelgroepen als Dogtroep, Orkater, Hendrick Jan de Stuntman en Toneelgroep Amsterdam en drie theaters. Het voormalige hoofd public relations van Orkater ziet het als zijn missie om jongeren de magie van het podium te leren kennen. Met subsidie de afdeling Cultuur en School van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en de gemeente Amsterdam organiseerde Wentzel aan het begin van schooljaar een scholentournee waar toneelgroep Hendrick Jan de Stuntman leerlingen van VMBO tot Gymnasium zo enthousiast kreeg dat ze meededen in een voorstelling over Blauwhelmen.

``We willen een laagdrempelige voorstelling geven zodat jongeren worden gefascineerd door toneel. Daarna kan je een stapje verder gaan''. Wentzel is echter geen voorstander van speciale jongerenvoorstellingen voor leerlingen CKV. ``Dat is kunst voor jongeren in een isolement plaatsen. We moeten juist weg uit het geblindeerde gymnastieklokaal. Jongeren moeten reguliere voorstellingen zien.'' En in plaats van het geschreven verslag wil Wentzel de leerlingen kleine kunstenaars laten zijn. ``Leerlingen schrijven zich al de tering in het studiehuis en die verslagen verdwijnen toch maar in de la van de leraar. Er is zoveel meer mogelijk. Een foto- of videoreportage, een recensie die kan worden gepubliceerd in de krant Spits, waar we een afspraak mee hebben. Je kunt ook met nieuwe media werken.'' Daarnaast wil Wentzel leerlingen een kijkje laten nemen achter de schermen om te laten zien hoe werkt. ``Bij de voorstelling Houdini van Orkater hebben we laten zien hoe een verdwijntruc werkt. Dat het dus niet echt is maar de magie van het spel. Daarmee hoop je een litteken achter te laten dat blijft jeuken.''

uitdagen

Het gaat er om of je kunst aanpast op de leefwereld of aan de belevingswereld van jongeren, zegt Cor Geljon. Hij is is medeauteur van Palet voor CKV van uitgeverij ThiemeMeulenhoff, de best verkochte lesmethode. ``Hoe jongeren kunst beleven is vaak een stapje verder dan hun dagelijkse leefwereld. Die stap moet niet te groot zijn maar wel weer groot genoeg om uit te dagen.''. Hij ziet een groot verschil tussen de scholen. ``De ene school organiseert een hele week rond een kunstthema. De andere school vraagt een moeder met een dansopleiding om een les te geven en gaat een dagje naar het museum.''

Daarnaast worstelen veel scholen volgens Geljon met het verplichte kunstdossier waarin de verslagen moeten worden opgenomen. ``De eisen zijn te vaag. Ze moeten volgens de `naar behoren' zijn uitgevoerd. Maar wat is 'naar behoren'? Bij de ene school is een A4 met een verslag voldoende. Bij de andere school moet je mee doen aan een videoproductie die als verslag geldt.''

extra suppoosten

De verplichte bezoeken aan het theater zijn ook niet zonder slag of stoot gegaan. Geljon: ``De kunstinstellingen zijn te laat op de ontwikkelingen ingesprongen en werden overvallen door groepen jongeren in hun gebouw. Vijfhonderd leerlingen onvoorbereid in een theater stoppen, is vragen om moeilijkheden. In de Leidse Schouwburg zijn afgelopen jaar enkele extra suppoosten in de zaal gezet als men veel leerlingen verwachtte, waardoor de voorstellingen veel beter verliepen.''

Ook Wentzel ziet dat probleem: ``Het heeft best lang geduurd tot dat de gezelschappen en instellingen door kregen dat ze iets met die jongeren moesten. Van oudsher hebben alleen de grote gezelschappen een educatieve dienst. De kleine gezelschappen hebben daar geen geld voor.''

Muziekgroep de Kift heeft sinds een jaar structurele subsidie voor haar projecten waarbij ze per jaar ongeveer twintig optredens voor scholen moeten doen. De Kift vaart mee op de golven van het cultuurbeleid van de huidige staatssecretaris van Cultuur Rick van der Ploeg waarbij kunst en cultuur meer op jongeren is gericht. Volgens het advies van de Raad van Cultuur maakt de Kift met een vrolijke mix van popmuziek met jazzinvloeden literaire teksten toegankelijker voor jongeren tot dertig, veertig jaar. Zanger en bandleider Ferry Heyne: ``Een optreden zoals in IJmuiden levert ons inziens niet veel op. De jongeren snappen er dan niets van. Zo'n optreden moet goed voorbereid worden. Dan begint het pas te leven.'' Speciaal voor de lessen op school heeft de Kift daarom een lespakket uitgegeven. De leerlingenhandleiding begint zo: ``Jouw gedachten, gevoelens en associaties staat in dit project voorop. (...) Bij de praktische opdracht maak je hetzelfde creatieve proces door als de makers van de voorstelling van de Kift.''

Een geheel nieuw hoofdstuk vormt de invoering van het vak CKV in het vmbo in 2003. Het totaal aantal havo- en vwo-leerlingen dat nu CKV volgt bedraagt 80.000. Over twee jaar komen daar nog eens 120.000 leerlingen van klas 3 en 4 van het vmbo (het oude vbo en mavo) bij. Wim Wentzel houdt zijn hart vast: : Laten we nu eerst zorgen dat we CKV voor Havo en Atheneum voor elkaar hebben.'' Cor Geljon bemerkt echter dat er bijzonder veel enthousiasme is bij de docenten van het vmbo. ``Er bestaat geen traditie met kunstonderwijs in het vmbo en misschien dat CKV daarom wel aanslaat. Het lesboek voor het vmbo loopt als een trein. En het pilotproject met een aantal vmbo-scholen is veelbelovend.'' Geljon noemt als voorbeeld een les met een groep leerling metselaars die naar een kerk gingen. ``Ze hebben eerst gekeken hoe de kerk was gebouwd en daarna het orgel helemaal uitgelegd gekregen. Toen ze op het orgel mochten spelen was hun ochtend niet meer stuk te krijgen. Of een klas kapsters die in een museum de verschillende kapsels van Jezus op de schilderijen gingen bekijken. En de vraag stellen hoe het nu komt dat de ene schilder het haar van Jezus zo schildert en de ander zus.''

www.bekijkt.nl, www.dekift.nl, www.cultuurenschool.nl, www.cultonline.nl

    • Anja Vink