Kabinet kiest voor actieve voorlichting

Het kabinet wil het voorlichtingsapparaat van de overheid actiever betrekken in het publieke debat. Een commissie onder leiding van de Groningse burgemeester Wallage had dit eerder dit jaar in een rapport over de toekomstige rol van overheidscommunicatie zo aanbevolen.

Nu is het nog zo dat de overheid zich terughoudend opstelt in discussies over beleidsvoorstellen. De overheid mag pas actief voorlichten als deze voorstellen het parlement zijn gepasseerd. Met de commissie-Wallage zegt het kabinet nu dat deze principiële uitgangspunten aan ,,modernisering'' toe zijn. Dit staat in de reactie van het kabinet op het rapport van Wallage.

De voorgestelde beleidswijziging betekent in de praktijk dat wanneer bijvoorbeeld een organisatie als de ANWB een advertentiecampagne zou beginnen tegen een bepaald wetsvoorstel, zoals het rekeningrijden, de overheid daar een eigen campagne tegenover kan zetten.

Tot nu was het zo dat slechts de politiek verantwoordelijke bewindsman door middel van de `vrije publiciteit' de eigen plannen kon verdedigen.

Het kabinet heeft zich ook geschaard achter het voorstel van de commissie-Wallage om over te gaan tot actievere openbaarmaking van overheidsinformatie. Op een speciale website van de overheid zal de voortgang van het regeringsbeleid worden bijgehouden. Op de websites van de departmenten zal bovendien worden vermeld welke stukken openbaar zijn gemaakt als gevolg van zogeheten WOB-verzoeken, die voortvloeien uit de Wet Openbaarheid van het Bestuur.

Het kabinet doet geen uitspraak over de extra uitgaven die met de nieuwe overheidsvoorlichting zijn gemoeid. De commissie-Wallage had voorgesteld hiervoor jaarlijks een bedrag van 500 miljoen gulden extra beschikbaar te stellen. Het kabinet laat de feitelijke doorvoering van de voorstellen en dus ook de ermee gemoeide kosten over aan zijn opvolgers.