Ava Gardner als een Cinderella zonder ziel

Het gerucht ging dat er in Madrid een beeldschone danseres op blote voeten zou optreden, dus toog filmregisseur Harry Dawes naar de Spaanse nachtclub om haar met eigen ogen te bekijken. Alle bezoekers zijn laaiend enthousiast, maar wij, de kijker, krijgen het dansende fenomeen maar niet te zien. Pas in de kleedkamer, als Dawes (Humphrey Bogart) haar achter een kastdeur in de armen van een minnaar aantreft, zien we deze Maria voor het eerst: haar blote voeten steken onder de deur uit.

Ook als Maria dankzij Harry Dawes een grote filmster in Amerika is geworden, zien we haar nooit aan het werk, niet op de set of op het witte doek. Regisseur Joseph L. Mankiewicz wilde in The Barefoot Contessa (1954) dan ook de andere kant van de roem laten zien, niet de spotlights maar de schemering. Een beetje zoals in All About Eve (1950), zijn villeine portret van de ijdele theaterwereld.

In The Barefoot Contessa heeft de extravagantie en de humor uit die klassieker plaatsgemaakt voor meer rust. Dat is knap, als je bedenkt dat Ava Gardner de rol van Maria speelt. Gardner, de boerendochter die door MGM ontdekt werd doordat haar zwager een foto van haar in zijn etalage had hangen, groeide uit tot de verleidelijkheid zelve. In The Barefoot Contessa doet ze denken aan de altijd dominant aanwezige Angelica Huston.

Gardner draagt een bloem in haar ravenzwarte haar, een zuurtjesrode kralenketting en een jurk met pofmouwen en roesjes. Toch is Mankiewicz niet enkel in haar wespentaille geïnteresseerd. Maria is een tragisch geval, een meisje dat niet wil opgroeien en nog steeds in sprookjes gelooft.

Een tijdlang verblijft ze aan de Rivièra, waar ze als een geest ronddoolt tussen allerlei doorgedraaide rijkaards die hun leven slijten in casino's. Ze toont geen pijn, geen vreugde, geen interesse in wat er om haar heen gebeurt. Ze is slechts `eye candy', een Cinderella zonder ziel.

Een van de mooiste scènes breekt aan als ze Dawes gedag zwaait vanuit haar sprookjeskasteel, dat bij nader inzien wel wat wegheeft van een sinister House of Usher. Ze lacht haar tanden bloot, maar echt vrolijk kijkt ze niet terwijl het kleine luikje in de grote deur precies haar hoofd omsluit.

Door de raamvertelling in Mankiewicz' met bloemrijke dialogen doorspekte scenario weten we al aan het begin dat het slecht met Maria afloopt: Dawes staat bij haar begrafenis, en zijn regenjas wordt steeds natter terwijl verschillende rouwenden herinneringen aan haar ophalen. Maria's relatie met Dawes is op zijn zachts gezegd onduidelijk. In het begin gluurt Dawes nog achter haar kamerscherm in de kleedkamer, en probeert hij haar het hof te maken door te zeggen dat ,,het licht speciaal op haar schijnt'', maar uiteindelijk blijkt hij niet haar minnaar maar een vaderfiguur te zijn. Dawes is de eeuwige toeschouwer. Hij krijgt het verwijt dat hij niet weet wanneer het filmscript ophoudt en het echte leven begint. Zelf ziet hij het onderscheid wel: ,,A script makes sense, life doesn't.''

The Barefoot Contessa (Joseph L. Mankiewicz, VS, 1954), maandag, BBC2, 14.10-16.20u.