Voorwaarden teruggave Toorop versoepeld

Namens de Stichting Museum Boijmans van Beuningen zal bestuursvoorzitter Joop van Caldenborgh Jan Toorops tekening Godsvertrouwen (1907) morgen in New York overhandigen aan de bankier Walter Eberstadt. In januari 1999 diende Eberstadt een claim in voor de tekening, die kort voor de oorlog door de nazi's werd geroofd van zijn Duits-joodse grootouders. De voorwaarden waaronder de tekening nu, na bijna drie jaar touwtrekken, wordt afgestaan zijn aanzienlijk versoepeld vergeleken bij het voorstel dat de Stichting in augustus aan Eberstadt deed.

Volgens de nu gesloten overeenkomst betaalt Eberstadt het symbolische bedrag van 2.000 gulden aan de Stichting en zullen hij of zijn erfgenamen de tekening uitsluitend aan de Stichting mogen terugverkopen voor hetzelfde bedrag. Maar het staat hen vrij om de tekening in de toekomst te schenken aan een Amerikaans Museum.

Volgens het voorstel dat de Stichting in augustus aan Eberstadt deed zou de tekening alleen geschonken mogen worden aan het Rotterdamse Museum Boijmans van Beuningen. Deze voorwaarde zou voor altijd geldig zijn. Eberstadt wees het voorstel van de hand omdat het volgens hem neerkwam op een `eeuwigdurend bruikleen' en het inhield dat hij of zijn erfgenamen niet vrij over de tekening kunnen beschikken. Hij wilde dat zijn erfgenamen de mogelijkheid zouden hebben Godsvertrouwen te doneren aan een Amerikaans museum. Aan deze wens is de stichting nu tegemoetgekomen.

Bestuursvoorzitter Van Caldenborgh, die eerder deze week liet weten geen mededelingen te willen doen over de voorwaarden die aan de overdracht van de tekening zijn verbonden, was niet bereikbaar voor commentaar. Godsvertrouwen werd in 1943 aangekocht voor 2.000 gulden door twee toenmalige bestuursleden van de stichting, de Rotterdamse zakenlieden W. van der Vorm en H. van Beek. Zij schonken het kunstwerk aan de stichting, die het ter beschikking stelde aan Museum Boijmans van Beuningen. Museumdirecteur Chris Dercon kondigde dit voorjaar aan de tekening aan de stichting te willen retourneren als die niet werd teruggegeven aan Eberstadt.