Een tijd om te vechten voor God

Het is weer Ramadan, tijd om te vasten voor de moslims. Maar de heilige vastenmaand is meer dan dat. Voor veel moslims is het ook een geschikte tijd voor de strijd.

In de meeste islamitische landen is gisteravond de nieuwe maan gesignaleerd, en dat betekent dat daar vandaag de vastenmaand Ramadan is begonnen. De overige landen – met name Oman en de Islamitische Republiek Iran onderscheiden zich op deze manier van de rest – volgen morgen, en dan zijn de 1,2 miljard moslims in de wereld aan het vasten. Dat wil zeggen dat zij tussen zonsopgang en zonsondergang worden geacht niet te eten of te drinken, te roken of seksueel actief te zijn. In de uren daarna halen zij dit vaak royaal in, reden waarom de Ramadan voor velen een maand van gewichtstoename is.

De Ramadan, een van de vijf zuilen van de islam – de basisvoorwaarden waaraan een moslim dient te voldoen is de maand waarin de Koran door God aan de profeet Mohammed werd onthuld. De verplichting tot het nakomen van de vasten wordt verklaard in het tweede hoofdstuk van de Koran, soera 184-186: ,,O, gij gelovigen! Het vasten is u voorgeschreven, zoals het degenen die vóór u waren was voorgeschreven, op dat gij vroom zult zijn [..] De maand Ramadan is die waarin de Koran als een richtsnoer voor de mensen werd neergezonden en als duidelijke bewijzen van leiding en onderscheid [tussen goed en kwaad, red.]. Wie onder u daarom deze maand beleeft, laat hem daarin vasten''.

Niet iedereen is verplicht te vasten. Voor wie ziek, te jong, te oud of zwanger is, of op reis, wordt een uitzondering gemaakt, mits hij of zij het later goedmaakt. En er wordt nog een categorie uitgezonderd: zij die oorlogvoeren.

Voor wie denkt aan de dringende oproepen van verscheidene leiders van islamitische landen, zoals de Pakistaanse president Musharraf, aan Washington om de oorlog in Afghanistan voor de duur van de Ramadan op te schorten, is dit een opmerkelijke categorie. Maar meer geëngageerde moslims zien de vastenmaand juist als geëigende periode voor een andere verplichting, namelijk de jihad, de heilige oorlog. Voerde de profeet Mohammed zelf niet succesvol oorlog tijdens de Ramadan? In het jaar 624 boekte hij in deze periode de eerste grote overwinning van de moslims in de slag bij Badr tegen de inwoners van Mekka.

Lees sjeik Abullah Hakim Quick er maar op na, in zijn artikel Ramadan in History in The Message, maandblad van de Islamic Circle of North America (te vinden op internet: www.icna.com/tm). Moslims moeten niet verzinken in een halve winterslaap tijdens de Ramadan, schrijft hij. ,,Ramadan is in feite een tijd van toegenomen activiteit waarin de gelovige, verlost van de last van voortdurend eten en drinken, meer bereid moet zijn om te vechten voor God.'' De profeet, zo schrijft hij, maakte ongeveer negen Ramadans mee, die waren vervuld van ,,beslissende momenten''. Hij somt ze op, van de verwoesting van de valse moskee van de ,,hypocrieten van Medina'' tot en met de verovering van dat bolwerk van ongeloof, de stad Mekka. ,,Zo was de maand Ramadan in de tijd van de profeet!''

Ook daarna bleef de Ramadan een bron van successen voor de islam. De grote held Saladin bijvoorbeeld verdreef de kruisvaarders na jaren strijd tijdens de Ramadan uit Syrië en de bezette gebieden. Ook de verschrikkelijke Mongolen werden tijdens de Ramadan verslagen.

Vandaag, aldus sjeik Abullah Hakim Quick, wordt de islamitische wereld geconfronteerd met droogte, militaire agressie, wijdverspreide corruptie en verlokkend materialisme. ,,Stellig hebben we gelovigen nodig die in de voetsporen kunnen treden van onze geliefde profeet (..) en de talloze helden van de islam.''

Dat is inderdaad altijd een aansporing geweest voor de moslim-extremisten in Algerije om hun bloedbaden in het kader van hun machtsstrijd tegen de regering in Algiers met des te meer kracht en gruwelijkheid voort te zetten. Een betere plaats in het paradijs is daarmee te winnen, geloven zij ook. Tijdens het hoogtepunt van die oorlog in de jaren negentig vielen er door hun toedoen tijdens de Ramadan dan ook steevast vele honderden doden, onder wie talrijke burgers. Dat laatste was overigens geen vergissing. Voor dit soort extremisten is iedereen die niet naast hen staat een namaakmoslim die misschien nog erger is dan een ongelovige en dus mag worden afgemaakt.

Israël wijst erop dat de Arabische landen de Yom Kippuroorlog in 1973 op de eerste dag van de Ramadan lanceerden – de Ramadanoorlog noemen de Arabieren deze oorlog dan ook wel. En ook in de Iraans-Iraakse oorlog (1980-'88) werd tijdens de Ramadan heftig gevochten.

Maar het is waar: het is één ding of moslims tijdens de Ramadan de aanval openen op hun vijanden en een heel andere zaak als ongelovigen moslims aanvallen.

    • Carolien Roelants