Bouwfraude lastig aan te pakken

Bij aanbestedingen gaat het om vertrouwen. Als dit wordt geschonden, is hard ingrijpen het enige dat rest. En dan doet het er niet toe hoe groot de klus is, meent C.A.C.M. Nuytens.

De recente berichten over aanbestedingsfraude bij grote projecten roept bij mij in herinnering de verwikkelingen bij een klein werkje in Valkenburg aan de Geul. Er moest enkele jaren geleden wat asfaltreparatiewerk worden verricht, een werk van circa 150.000 gulden. Het bestek werd onderhands aanbesteed aan een vijftal aannemers. Vervolgens bleek dat al voor de aanbesteding de bedragen bekend waren en door een journalist bij een notaris waren vastgelegd. Reden voor de gemeente om het werk van de markt te halen.

Het noodzakelijke vertrouwen dat in concurrentie prijsaanbiedingen waren gedaan, was verloren. Het vermoeden bestond immers dat er door één of meer inschrijvers in strijd was gehandeld met diverse wettelijke bepalingen. Daarbij werd wel het standpunt gehuldigd, dat de bedrijven onschuldig bleven, tot het tegendeel door de rechter was vastgesteld. De hoofdofficier van justitie werd gevraagd een onderzoek in te stellen naar verboden prijsafspraken.

In enkele krantenartikelen werd met naam en toenaam inzicht gegeven in de wijze waarop de vermeende prijsafspraak tot stand was gekomen. Een variant op het bekende, beruchte maar volstrekt niet acceptabele vooroverleg waarbij in het plaatselijke café de werken werden verdeeld, opdat elke aannemer een goed belegde boterham kon verdienen.

Wij dachten als gemeente dan ook stevig in de schoenen te staan door het werk van de markt te halen. Valkenburg aan de Geul was in haar aanbestedingsbeleid clean en wilde clean blijven. De meest dringende en noodzakelijke reparatiewerken werden intussen door derden uitgevoerd. Een bewust genomen risico. Mocht immers de rechter naderhand oordelen dat de vijf aannemers niets te verwijten valt, dan zouden eventuele claims gerechtvaardigd zijn.

Het onderzoek door de Economische Controle Dienst (ECD) kwam op gang. Uit dat onderzoek bleek al snel dat er geen enkel spoor richting de handelswijze van Valkenburg aan de Geul liep, terwijl dat wel publiekelijk door een brancheorganisatie werd gesuggereerd. De betrokken aannemers bleven, op één na, alle feiten ontkennen. Door de laagste inschrijver werd er zelfs een procedure tegen de gemeente aangespannen bij de Raad van Arbitrage. Er werd een claim neergelegd van gederfde winst en aantasting in eer en goede naam. Het werk was hem immers niet gegund. Het bedrijf zette, toen het erop aan kwam, jammer genoeg uiteindelijk de procedure niet door.

Aanvankelijk bood het bedrijf ons aan de procedure stop te zetten, als de gemeente de toezegging deed het bedrijf in de toekomst onderhands, zonder concurrentie, werk op te dragen. De brutaliteit! Overbodig te zeggen dat die toezegging niet is gedaan. Toen trok het bedrijf de formele arbitrage in, tegen betaling aan ons van alle door de gemeente gemaakte kosten.

En dan de apotheose. Uit het onderzoek van de EC bleek inderdaad dat vertegenwoordigers van de aannemers twee dagen voor de aanbesteding bijeen zijn geweest en over het werk hebben gesproken. Daarbij werden prijzen uitgewisseld. Maar uitwisseling van prijzen is niet strafbaar. Justitie stelde, dat uit het onderzoek niet was gebleken dat de aannemers zich verbonden hebben om tegen een bepaalde prijs in te schrijven. Aanvullende belastende informatie kon de officier van justitie naar zijn zeggen niet krijgen.

Zo waren er onvoldoende concrete aanwijzingen voor verder strafrechtelijk onderzoek, wellicht ook omdat één van de vijf bedrijven halsstarrig weigerde een verklaring af te leggen.

Daar sta je dan als bestuurder van Valkenburg aan de Geul, met al je goede bedoelingen. Er is een notariële akte, opgemaakt voor de aanbesteding, er is zelfs een geluidsband van een telefoongesprek met een betrokken aannemer, en toch zijn er volgens de mededelingen van Justitie onvoldoende concrete aanwijzingen! De gemeente resteert in zo'n situatie niet meer dan bij het gerechtshof een klacht in te dienen waarin wordt verzocht de officier van justitie opdracht te geven tot nader en méér onderzoek.

Moet koste wat het kost de onderste steen boven komen, of volsta je ermee, te weten dat die steen er ligt? Wij hebben als gemeente gemeend een streep onder de affaire te moeten zetten. We weten dat we gelijk hebben, maar gelijk krijgen zou te hoge financiële consequenties met zich mee brengen en te veel personele capaciteit vergen.

Hoe je het ook doet, openbaar aanbesteden, onderhands aanbesteden, rechtstreeks opdrachten geven, het komt toch altijd weer neer op de integriteit van betrokken bestuurderen, ambtenaren en aannemers. En het vertrouwen in elkaar. Integriteit en vertrouwen laten zich niet afdwingen door een gemeentelijke aanbestedingsnota, een erecode van de aannemerij of een gezamenlijke regeling. Integriteit en vertrouwen komen uit je zelf. Je bent het, je hebt het. Of je bent het niet en je hebt het niet, en dan moet er hard worden ingegrepen. Bij een miljardenwerk, maar ook bij een klusje.

Drs. C.A.C.M. Nuytens is burgemeester van Valkenburg aan de Geul.