Autosnelweg A73 toch op oostoever van Maas

Staatssecretaris Faber (Natuurbeheer) heeft Rijkswaterstaat een ontheffing op grond van de Natuurbeschermingswet verleend voor de aanleg van de A73-zuid in Swalmen. Met deze beslissing stemt de staatssecretaris in met de aanleg van de autosnelweg op de oostoever van de Maas.

De ontheffing is verleend op voorwaarde dat compensatiemaatregelen genomen worden voor de beschermde fauna en flora, zoals de bouw van ecoducten en faunapassages. De uitvoering van die maatregelen, een taak voor Rijkswaterstaat, kost 80 miljoen gulden.

Indien mogelijk zullen beschermde soorten verplaatst worden. Het gaat onder meer om de das en om amfibieën. Voor de zeggekorfslak worden extra voorzieningen getroffen bij de rivier de Swalm.

Op grond van de Natuurbeschermingswet en de Europese Habitatrichtlijn is het verboden om beschermde dieren en planten te verstoren. Het is mogelijk hierop een uitzondering te maken als er redenen van groot openbaar belang zijn en als blijkt dat er geen bevredigende alternatieven zijn. Staatssecretaris Faber vindt dat met de aanleg van de A73-zuid op de oostoever een groot algemeen belang wordt gediend.

Onlangs laaide de discussie over het tracé van de A73 op. Natuur- en milieugroepen zijn voorstander van aanleg op de westelijke Maasoever. Dat zou goedkoper zijn, minder schade toebrengen aan de natuur en sneller zijn, omdat vanuit natuur- en milieuhoek geen bezwaren te verwachten zijn. De natuur- en milieugroepen zeggen zich tot het uiterste te zullen verzetten tegen de aanleg op de oostoever. H. Bemelmans, verklaart namens de Milieufederatie Limburg: ,,Dit wordt een slepende procedure.''