Wantrouwen overheerst

Estland voldoet volgens de Europese Commissie aan de politieke criteria, maar moet vooral op economisch en administratief gebied nog belangrijke stappen zetten. Zo schort het nog aan de uitvoering van de hervorming van het openbaar bestuur, en concreet aan de transparantie van personeelsbenoemingen en de coördinatie tussen uitvoerende organen. De burgers hebben nog onvoldoende toegang tot het juridisch systeem en de kwaliteit en uitvoering van uitspraken van rechters laat te wensen over. De Esten worden geprezen om de vooruitgang op het gebied van de integratie van de grote Russische minderheid – al sinds de onafhankelijkheid een van de gevoeligste thema's in Estland.

Op economisch gebied, zo tekent de Commissie aan, blijft het begrotingstekort te hoog en is de arbeidsmarkt te gefragmenteerd, hetgeen resulteert in hoge werkloosheid én in veel vacatures. Verder is de kwaliteit van het voedsel nog lang niet op EU-peil.

Estland is begin jaren negentig van de drie Baltische landen het snelst en het meest consequent met hervormingen begonnen. Deze maand werd zelfs het Estse privatiseringsbureau gesloten: de privatiseringen zijn afgesloten. De Esten hebben steeds veel lof geoogst uit Brussel, maar de radicale hervormingen hebben de politieke leiding in Estland er niet populairder op gemaakt – en de Europese Unie ook niet. Bij de laatste peiling, in mei van dit jaar, sprak 59 procent van de Esten zich tegen het EU-lidmaatschap uit, twee procent meer dan bij een soortgelijke peiling een maand eerder.

Het europessimisme wordt in Tallinn algemeen in verband gebracht met de lage dunk die de Esten van hun regeerders hebben. Een reeks politieke schandalen was daar debet aan. ,,De grootste bedreiging Estland komt niet uit Rusland of enig ander buitenland, maar van binnenuit: er is een identiteitscrisis, omdat de Esten niet trots zijn op hun politici, hun parlement, en hun politieke partijen en het juridische systeem en de politie wantrouwen. Politici moeten landsbelang voor eigenbelang laten gaan en zaken aldus veranderen', zei toenmalig president Lennart Meri twee jaar geleden.

Het wantrouwen jegens de regeerders – inclusief premier Mart Laar, radicaal hervormer – strekt zich uit tot de EU, die door de meeste Esten in verband wordt gebracht met nieuwe opofferingen. De regering is niet in staat haar eigen beleid en de relatie tot de EU geloofwaardig te maken of zelfs maar behoorlijk uit te leggen: zelfs als ze daar een poging toe doet, werkt dat contraproductief tegen de achtergrond van het wantrouwen van de Esten.

Eerste deel in een serie over kandidaat-lidstaten van de Europese Unie.

    • Peter Michielsen