DNA-profiel afgestraften in databank

Criminelen die zich schuldig hebben gemaakt aan zware delicten en inmiddels op vrije voeten zijn, moeten alsnog celmateriaal afstaan voor de landelijke DNA-bank.

Een meerderheid in de Tweede Kamer wil de wet wijzigen om dat mogelijk te maken. Ze reageren daarmee op het drama in Groningen waar de voormalige TBS'er Willem van E. (60) na zijn vrijlating tien jaar geleden drie moorden heeft gepleegd.

Vorige maand bepleitte de VVD een dergelijke aanpak in het kader van voorstellen om recidivisme tegen te gaan. Wettelijk is het nu al mogelijk om criminelen die tot meer dan vier jaar veroordeeld zijn, te verplichten om DNA-materiaal af te staan voor de landelijke DNA-bank. Na de Groninger moord zeggen ook D66 en CDA voorstander te zijn van het VVD-voorstel. Minister Korthals van Justitie voelt vooralsnog weinig voor uitbreiding van de mogelijkheden.

Met name bij onderzoek naar zedenmisdrijven biedt die landelijke DNA-bank de recherche meer armslag bij de opsporing van de dader. Nederland maakt in vergelijking met andere landen, zoals Duitsland weinig gebruik van de opsporingsmogelijkheden via een DNA-bank.

Van E. die dinsdag de moorden bekende op de Groningse prostituees Michelle Fatol (1992), Annelies Reinders (1995) en Sasja Schenker in juli dit jaar, werd vanmorgen voorgeleid voor de Groningse rechter-commissaris. Die besloot dat hij in elk geval nog tien dagen vast blijft zitten.

In de jaren zeventig werd Van E. tot achttien jaar cel plus tbs wegens verkrachting van en moord op een 15-jarig meisje en een 44-jarige vrouw. In 1990 werd hij ontslagen uit de Groninger Van Mesdagkliniek. Van E. is ,,bijzonder ontevreden'' over ,,het resultaat van de behandeling'', aldus zijn advocaat F. Landstra. ,,Al die deskundigen vragen van alles, maar vertellen je niet hoe je een en ander kunt voorkomen, zei hij me.'' Volgens de advocaat is Van E. ,,opgelucht'' dat hij bekend heeft. Hij had dat eerder willen doen, maar de in zijn ogen negatieve ervaringen in de tbs-kliniek weerhielden hem ervan. Van E. zou volgens zijn raadsman ,,in een opwelling'' gehandeld hebben. ,,Er was absoluut geen sprake van voorbedachte rade''. De verdachte zou ,,een black out'', hebben gekregen toen hij de vrouwen wurgde.