Morris-prijzen uitgereikt, maar niet voor dans

Beeldend kunstenaar Mark Manders en klarinettiste Céleste Zewald hebben gisteren in Amstelveen de Philip Morris Kunstprijs 2002 gekregen, bedoeld ter bevordering van de carrières van talentvolle jonge kunstenaars. De trofee bestaat uit 25.000 euro (55.000 gulden) waarmee de winnaars een door henzelf gekozen project kunnen financieren. In de categorie dans is dit jaar voor het eerst sinds 1993 geen prijs uitgereikt. De voordracht werd op procedurele gronden afgewezen, verklaarde het bestuur bij monde van voorzitter Jules Wilhelmus. De afwijzing is niet nader toegelicht, maar de voorzitter van de adviescommissie dans, Francine van der Wiel wilde wel kwijt dat het een meervoudige voordracht betrof. Navraag leert dat choreograaf Toer van Schayk een van de kandidaten was. Deze nam onlangs na dertig jaar afscheid van Het Nationale Ballet en valt niet in de categorie `jong talent'. De naam van de tweede kandidaat – uit het moderne-danscircuit – is niet prijsgegeven. Behalve Van der Wiel bestaat de jury uit Astrid van Leeuwen, Leo Spreksel en Ton Lutgerink. Hoewel zij niet tot een eenstemmige voordracht konden komen, heeft dit niet tot een breuk geleid. Winnende choreografen uit voorgaande jaren waren onder andere Bruno Listopad, Dylan Newcomb en Emio Greco.

Mark Manders (1968) verdient de prijs volgens de jury voor de manier waarop hij `in een opmerkelijke veelzijdigheid omspringt met de ruimte en met het karakter van materialen en vormen'. Céleste Zewald (1973) om de `uitzonderlijke technische beheersing van haar instrument'.

Gerectificeerd

Toer van Schayk

In het bericht Morris-prijzen uitgereikt, maar niet voor dans (in de krant van woensdag 14 november, pagina 11) wordt choreograaf Toer van Schayk genoemd als een van de twee voorgedragen kandidaten, die om procedurele redenen werden afgewezen. Het blijkt echter te gaan om Krysztov Pastor (1956). Net zo min als Van Schayk behoort Pastor tot de categorie `jong talent' waarvoor de Philip Morris-prijs is bedoeld.