Kamer wil meer weten over dood van Papoea-leider

Minister Van Aartsen (Buitenlandse Zaken) moet de Indonesische regering om opheldering vragen over de omstandigheden die hebben geleid tot de dood, afgelopen zaterdag in Indonesië, van Papoea-leider Theys Eluay. Op initiatief van ChristenUnie-woordvoerder Eimert van Middelkoop hebben alle fracties in de Tweede Kamer de minister hiertoe aangespoord.

De charismatische leider Theys Eluay (63) streefde zeer tegen de zin van autoriteiten in Jakarta sinds de val van Soeharto in 1998 naar een onafhankelijk West-Papoea. Hij was sinds vorig jaar voorzitter van het naar onafhankelijkheid strevende Papoea Presidium, gekozen door vierhonderd lokale notabelen.

Zaterdagavond werd Eluay na de viering van de nationale Heldendag in gezelschap van enkele hoge militairen ontvoerd. Zondagochtend werd zijn lichaam levenloos aangetroffen in zijn auto met sporen van wurging. De reacties van Indonesische autoriteiten lopen uiteen van bezorgdheid (president Megawati Soekarnoputri), ontkenning van betrokkenheid (luitenant-kolonel Hartomo, chef van de lokale eenheid van de elitetroepen in Jayapura) en verdachtmaking van radicale medestanders van Eluay (politiewoordvoerder brigade-generaal Saleh Saaf).

De Tweede Kamer vraagt Van Aartsen of het mogelijk is dat de Indonesische militaire autoriteiten de hand gehad hebben in de moord op Eluay. Ook moet de minister de Indonesische regering vragen om berechting van de dader of daders en maatregelen om ,,een wellicht dreigend bloedbad'' te voorkomen. Ten slotte verzoekt de Tweede Kamer Van Aartsen om zijn demarche in Europees verband te doen.

Van Middelkoop zei vanochtend dat de Tweede Kamer een ,,krachtig signaal'' wil afgeven. De leden van de commissie voor Buitenlandse Zaken hebben twee jaar geleden bij een werkbezoek aan Papoea gesproken met Eluay. Volgens Van Middelkoop is er geen sprake van inmenging in binnenlandse aangelegenheden ,,gezien onze historische betrokkenheid bij het lot van het volk van Papoea''.