Frisse hallen tussen verroeste resten megalomanie

In Timisoara, de eerste stad in Europa met elektrische straatverlichting, komt het roemrijke industriële verleden weer tot leven. Koningin Beatrix bezoekt de stad tijdens het staatsbezoek aan Roemenië dat vandaag is begonnen.

Oud en nieuw vormen een schril contrast in Timisoara in het westen van Roemenië. Tussen de verroeste resten van megalomane communistische industrie staan hier en daar fris geschilderde moderne fabriekshallen met namen als Continental, Coca-Cola, Alcatel en Solectron. Bewijzen voor het feit dat het globaliseringskapitaal zijn weg heeft gevonden naar deze tot voor kort dooie hoek van Europa.

In de hypermoderne hal van Solectron bijvoorbeeld maken duizenden vlijtige Roemeense handen alle elektronica die men zich kan wensen: voor draadloze telefoons, voor televisies en voor computers. Ze verdienen gemiddeld 145 dollar per maand en werken uitsluitend voor de internationale markt.

Vier jaar geleden ging het Amerikaanse Solectron op zoek naar een vestigingsplaats in Midden-Europa. Het bedrijf zocht de ideale mix tussen lage kosten, beschikbare arbeidskrachten en bereikbaarheid. In Timisoara stonden duizenden hoog opgeleide technici klaar die meteen konden beginnen. Bovendien stelde het regionale bestuur Solectron allerlei prettige regelingen in het vooruitzicht, zoals een belastingvoordeel voor de eerste vijf jaar en een snelle douaneafhandeling, wat voor een bedrijf dat zijn gehele productie naar het buitenland brengt erg belangrijk is.

In Nederland is Timisoara vooral bekend geworden doordat hier in december 1989 de opstand tegen de communistische dictator Ceausescu begon. In Timisoara zelf wijzen ze graag op een roemrijk verleden dat veel verder teruggaat. Op 12 november 1884 bijvoorbeeld, toen Timisoara de eerste stad van Europa werd met elektrische straatverlichting. Of op 1889, toen de eerste elektrische tram begon te rijden. De industriële revolutie heeft van Timisoara voor altijd een stad van ingenieurs en technici gemaakt.

Pasmatex is in tegenstelling tot Solectron een Roemeens bedrijf. De oudste gebouwen van het textielbedrijf dateren nog uit het begin van de vorige eeuw. Tijdens het communisme was dit een staatsbedrijf met 1.200 personeelsleden. Inmiddels is Pasmatex door het personeel zelf overgenomen. Het werd privatisering op zijn Roemeens: de directie bezit 70 procent van de aandelen. Er werken nog maar 220 arbeiders. Hun gemiddeld salaris ligt met 100 dollar per maand aanzienlijk lager dan bij Solectron.

Pasmatex produceerde in 1990 alleen voor de Roemeense markt. Inmiddels gaat bijna de helft van de productie naar het buitenland. Op een rondgang langs de hypermoderne weefgetouwen en naaimachines zien we stoelzittingen voor Ikea, dames- en herenondergoed voor Sloggi en merkjes en labels voor de meest uiteenlopende producten. Achter de machines staan en zitten voornamelijk vrouwen. Bij de weefgetouwen is het lawaai oorverdovend.

Op de vraag of zijn bedrijf dezelfde voordelen krijgt als een multinational als Solectron, haalt productiedirecteur Gheorghe Tâmpau schamper de schouders op. Belastingvoordelen zijn er voor zijn bedrijf niet bij. De rente op leningen om nieuwe machines aan te schaffen en de concurrentiepositie van Pasmatex te verbeteren, bedraagt 50 procent, zegt Tâmpau. ,,De Roemeense overheid neemt alleen maar geld. We krijgen niets terug. Het zou goed zijn als we onze winsten belastingvrij zouden kunnen investeren.''

Horia Ciocarlie is prefect van de regio Timis. Trots vertelt hij dat zijn streek na Boekarest op de tweede plaats staat als het gaat om het aantrekken van buitenlands kapitaal. Nederland, een van de grootste investeerders in Roemenië, heeft wat Timisoara en omgeving betreft nog een blinde vlek. Het Nederlands kapitaal komt pas op de twaalfde plaats. Ver na Duitsland en Italië, de grootste investeerders.

Ciocarlie heeft niet alleen hoog opgeleid technisch personeel in de aanbieding. De landbouwgronden rond Timisoara zijn buitengewoon vruchtbaar en goedkoop. ,,Een hectare kost hier gemiddeld 300 Duitse marken. In onze regio is al een kwart van de grond in buitenlandse handen. Je zult daar nergens protest over horen'', aldus de prefect. Overigens kan dat land alleen gekocht worden via een Roemeense rechtspersoon.

Timisoara probeert zichzelf te verkopen en grijpt daarbij graag terug op het roemrijke verleden toen de streek de graanschuur van het Habsburgse rijk was en de stad het centrum van technische ontwikkeling. Stad en streek waren toen met het hart van Europa verbonden via een uitgekiend stelsel van rivieren en kanalen. In 1726, kort nadat de Turken hun heerschappij over het gebied moesten opgeven, kwam de Nederlander Maximilian Fremant met plannen om een kanaal aan te leggen tussen de stad en het stroomgebied van de Tisza en de Donau.

In 1912 was het project helemaal voltooid en voeren de Habsburgse schepen af en aan met graan en industriële producten. Korte tijd later sloeg de geschiedenis om. Na de Eerste Wereldoorlog kwam Timisoara in Roemenië te liggen. In de jaren vijftig lieten de Roemeense communisten het Bega-kanaal voor een deel dichtgooien. Verdere contacten met het Joegoslavië van Tito werden door de steile communisten in Boekarest niet op prijs gesteld.

Met de val van Miloševic in Joegoslavië is een einde gekomen aan het isolement van de streek. De Banat, het grensgebied tussen Roemenië, Hongarije en Joegoslavië, is inmiddels Euroregio. Ciocarlie spreekt alle potjes aan die hij maar kan vinden. Voor de heropening van het Bega-kanaal, onderdeel van de Pan Europese corridor nummer VII van de Noordzee tot de Zwarte Zee, heeft hij een beroep gedaan op het Stabiliteitsfonds voor Zuid-Oost-Europa. Timisoara staat te springen om terug te keren in Europa.

    • Renée Postma