Elvis

Meester V. was zeer geliefd. Zijn mes sneed aan twee kanten. Wat nu groep 7 heet, heette toen nog klas 5. Een onderwijzer heette niet meneer, maar meester. Hoe dan ook, meester V. was behalve onderwijzer van klas 5 ook de trainer van het C1 elftal van FC Ysselsteyn. Onder zijn bezielende leiding ontwikkelde ik me razendsnel tot een effectieve centrumspits. En op school deed ik mijn razende best. Voor hem.

De grasmat begon me spoedig te benauwen. Na schooltijd ondernam ik lange fietstochten naar dorpen in de omtrek – en weer terug. Meester V. wees me fijntjes op de desastreuze gevolgen: fietsspieren zijn geen voetbalspieren. Mijn schotvaardigheid kwam in het geding. Kortom, al op jonge leeftijd groeide mijn lichaam om de fiets. Vanonder soepel en fijngevoelig, van boven een onderontwikkelde schlemiel.

Een laatste poging ondernam meester V. om me weer op het rechte pad te brengen. Op een zondagmiddag nam hij me mee naar het voetbalstadion van Eindhoven. PSV moest tegen Feyenoord. We kwamen terecht in een onrustig vak.

,,Ajje godverdomme nie je kop hou schiet ik een krammetje in je reet!'' Deze zin herinner ik me tot op de dag van vandaag. De hooligan kauwde propjes papier tot een balletje waarin hij vervolgens een naald stak. Met behulp van een elastiek schoot hij de `krammetjes' in de reten van een ieder die zijn kop niet hield. Die middag verloor ik mijn enthousiasme voor de voetbalsport definitief. Koning Voetbal maakte niet datgene in me los waarvoor ik bereid was in het wilde weg krammetjes om me heen te schieten. Hoewel, het moet ook gezegd, Ove Kindvall als een prachtige blonde haas door het stadion spurtte.

Voetbal. Een paar individuen heb ik sindsdien gevolgd. Cruijff, omdat die als een ware zenmeester op de wind bewoog. Linskens, omdat die uit mijn gemeente kwam. Stoitsjkov, omdat dat me een type leek die in de rust zijn dorst leste door een fles wodka aan zijn lippen te zetten. Bergkamp, balletdanser. Romario, Ronaldo en Maradona, omdat ik ze door die namen nooit uit elkaar kon houden.

Nou ja, wie Maradonna is weet ik natuurlijk wel sinds dat campingpotje van het afgelopen weekeinde. Hij schijnt ooit een technisch begaafd voetballer te zijn geweest. Ik las in de krant dat hij de beeltenis van Fidel Castro op zijn been heeft laten tatoeëren. En dat hij eigenlijk een seks-drugs-and-rock & roll-geschiedenis heeft. Interessant. De koosnaam `Pluisje' leek me geniaal gekozen. Maradona speelde als een panklaar kerstkonijn. Maar in mijn hoofd vormden zich spontaan letters tot een andere, misschien nog wel veel treffender koosnaam: Elvis.