Goed speurwerk

Met de onthulling van zeker één miljard gulden per jaar aan fraude met openbare aanbestedingen heeft het documentaireprogramma Zembla het ganse weekeinde het nieuws beheerst en vandaag weer. Dat is verdiend. De klokkenluider uit een bouwbedrijf die nooit wilde praten, kwam eindelijk over de brug. Over bouwcorruptie in Den Haag en Groningen. Over aannemers die rond de tafel zitten en met elkaar een prijs afspreken over een bouwwerk. Degene die de opdracht krijgt, betaalt de andere uit. Een praktijk die al sinds mensenheugenis bij de Nederlandse bouw heeft bestaan maar door Europese wetgeving illegaal is geworden.

Zembla overdrijft minder dan het eens per maand op dezelfde tijd en zender uitgezonden speurprogramma Reporter dat zich tot een breder publiek wil richten. Beperkte Zembla zich vrijdag tot beelden van bouwlocaties van verdachte aannemers, gesprekken, pagina's uit de dubbele boekhouding en een aanbesteding, Reporter zou ter verduidelijking ook lege vergadertafels hebben getoond met onheilspellende bastonen, emotioneel beschuldigend commentaar en dwarrelende briefjes van duizend. Als ik dat zie, gaat iets in mij protesteren.

Reporter neemt zijn toevlucht tot die methode omdat het zo moeilijk is om resultaten van speurwerk aan de kijker te brengen. De meeste kijkers slaan zo'n zware kwestie over en kennen het bouwfraude-schandaal niet van de uitzending zelf, maar van het Journaal.

PvdA-fractieleider Ad Melkert hoefde in Buitenhof maar te flirten met de uitdrukking ,,parlementaire enquête'' (dat is hééééél misschien en onder bepaalde voorwaarden nodig) of hij werd de opening van de meest bekeken uitzending van de week, het Journaal van zondagavond.

Dat was al te gemakkelijk scoren, want ik begreep dat zijn partijgenoot Rob van Gijzel al anderhalf jaar in gesprek is met minister Korthals maar dat Justitie niets ondernam. Niemand vroeg Van Gijzel waarom hij nú pas in het openbaar zo boos was. De PvdA had geen reden tot haast, want PvdA-minister Netelenbos heeft de portefeuille waar de meeste frauduleuze aanbestedingen zijn gedaan en waar ambtenaren zouden zijn omgekocht. Een klokkenluider van Rijkswaterstaat die de fraudes bevestigde, mocht niet voor de camera met Zembla praten. De woordvoerder van Rijkswaterstaat reageerde afwerend dat het ,,niet over de kennis of bewijsmateriaal'' beschikte waaruit van fraude of bewijsafspraken zou blijken. De uitzending van Zembla heeft de impasse doorbroken en er voor gezorgd dat Melkert moet reageren en dat er nu misschien iets gebeurt tegen de verspilling van belastinggeld. Waarmee het maatschappelijke belang van speurjournalistiek is aangetoond.

Europese instanties, die geweldige uitblinkers in democratie, openbaarheid en informatie, willen journalistiek speurwerk hinderen door elke verdachte de kans te geven om kritische vragen van verslaggevers te vermijden en zelf geheel op kosten van de zaak ruimte te claimen voor een antwoord, een gratis advertentie dus. Het zogenoemde droit de réponse, het recht van antwoord, om de verwarring te vergroten. De televisie geeft al vaak genoeg droit de réponse door een politicus die vergissingen heeft begaan of een verdachte te laten interviewen door een presentator die van toeten noch blazen weet.

Speurwerk had gisteravond ook het automagazine van SBS6, Verboden in te rijden, over het terugdraaien van autokilometertellers. Dat is in Nederland wettelijk toegestaan en het wordt zelfs gedoogd door Bovag-bedrijven. Ik had meer willen zien over de commerciële belangen achter het in stand houden van deze praktijk. Niettemin vind ik Verboden in te rijden een interessant automagazine omdat het geen sluikreclame maakt voor nieuwe modelletjes maar de harde werkelijkheid van de autohandel laat zien. Populaire kranten besteden er weinig aandacht aan, want autohandel is een belangrijk adverteerder. Verboden in te rijden werkt veel met de verborgen camera. Mannen zonder hoofden. Zegt de ene mannenbuik tegen de ander over een redelijk oude auto: ,,Die 63.000 kilometer op de teller klopt niet, maar die 100.000 kilometer op papier wel''.

    • Maarten Huygen