Ellende, braaksel en pis in saai stuk

Over het podium rolt een stroom van woorden en de luisteraar vist als hij snel is een paar van die woorden eruit. Riool, hoort hij, en junks en stront en pis en braaksel. Eén ding begrijpt hij alvast: Mind The Gap is geen vrolijke bedoening.

Dat kun je horen – en zien. Aan het zwarte toneel en het zeer spaarzame licht. Aan de actrices, de meesten ook in het zwart, die ernstig in een hoekje zitten te praten. De Nederlandse regisseur Gerardjan Rijnders behandelt de nieuwste tekst van de Vlaming Stefan Hertmans met een loden eerbied. Humor is verboden, evenals aanschouwelijkheid en actie. Decorstukken en duidelijke gebaren zijn taboe verklaard. Moet een personage pissen, dan houdt zij haar rok niet op, laat staan dat er een toiletpot in de buurt is. Moet een personage braken, dan krampt ze niet eens in spasmen boven een denkbééldige emmer of teil.

We zijn tegenwoordig wel aan wat abstractie gewend. Maar in deze co-productie van Toneelgroep Amsterdam en het Brusselse Kaaitheater ontbreken de basisgegevens. Hoe kunnen we nou weten dat deel één zich in een grot afspeelt? Alleen door het tekstboek te kopen. Hoe komen we erachter wie wie is? Alleen door stiekem een blik op de flyer te werpen. Aha, die beide identiek geklede vrouwen zijn Antigone en Mnemosyne. We moeten raden naar de naam van de vrouw in deel twee ( Klytaemnestra!) en naar die van de vrouw in deel drie (Medea!) en Rijnders verwacht niet alleen dat wij hun mythes kennen maar ook dat wij die kunnen combineren met de verhalen die Hertmans erbij verzon. Verhalen over eigentijdse ellende, zoals zinloos geweld en Servisch geweld. Geweld dat zich afspeelt op duistere metrostations en tegelijkertijd in bijvoorbeeld die grot waarin Antigone zich gaat verhangen. Stefan Hertmans vermengt een archaïsch verleden met het heden opdat wij erkennen dat de beschaving geen greintje vooruit is gegaan. De vrouwen zouden altijd het slachtoffer zijn, maar zoals al veel interpreten van de klassieke tragedies hebben gedaan geeft Hertmans hen er een rol bij: die van dwarsligster, vernietigster, wreekster. In zijn bij Meulenhoff uitgegeven boek is die gedachtengang vrij goed te volgen. Hij is ook, hoewel niet overal, heel verteerbaar: vanwege de poëzie. Wrede passages krijgen gezelschap van verzen met lyrische tederheid. In Rijnders' enscenering echter valt haast al die lyriek weg. Aan vieze woorden geen gebrek, maar mooie zinnen worden ingeslikt. Door Celia Nufaar (Klytaemnestra) en vooral door Marieke Heebink. Zij is Medea en ze zegt haar monoloog in een dreun, met hoge uithalen bij het frequente `kut' en met een hysterische eindsprint, alsof ze bang is dat einde ondanks de souffleur niet te halen. Wat een verschil met Sara de Bosschere. Die doet tenminste haar best, die leeft zich tenminste in. Haar Antigone voelt echte pijn en woede, en het langgerekte `NEEEEE' dat uit haar fragiele lichaam ontsnapt snijdt je door merg en been. Zaten er in Mind The Gap maar méér van zulke momenten. Nu moeten we het stellen met een heleboel pretentieus geraaskal, overvloedig en dodelijk saai.

Voorstelling: Mind The Gap door Toneelgroep Amsterdam en Kaaitheater. Gezien: 10/11 Kaaitheater, Brussel. Tournee t/m 15/12. Inl. (020) 5237800 of www.toneelgroepamsterdam.nl.

    • Anneriek de Jong