`Authentiek' is niet daarom ook `barok'

Al speelt het Weense strijkkwartet Quatuor Mosaïques op darmsnaren, dan nog is de muziek van Beethoven en Schubert geen `barok'. Toch presenteerde het Concertgebouw zaterdag als tweede concert in de serie `Barok in de Kleine Zaal' een programma met uitsluitend klassieke en romantische werken, waarin de barok zowel in jaren als noten ver verwijderd was.

Het misverstand is niet geheel onbegrijpelijk. Het Quatuor Mosaïques ontstond in 1984 uit de geledingen van Concentus Musicus Wien, het orkest van Nikolaus Harnoncourt. Drie Oostenrijkse musici besloten de beginselen van de authentieke uitvoeringspraktijk ook toe te passen in kamermuzikaal verband, waarbij de Franse cellist Christophe Coin zich aansloot.

Door zijn vrijzinnige `authentieke' grondhouding, bekleedt het Quatuor Mosaïques een unieke positie in de kamermuziek. Wat het kwartet zo bijzonder maakt, is een uitsluitend vanuit de muziek beredeneerde aanpak waarin het goede van twee muzikale werelden wordt verenigd. Aan de ene kant zijn er de strakke fraseringen en de heldere, in open akkoorden haast orgelachtige klank van de darmsnaren. Aan de andere kant kiezen de musici ervoor vibrato niet uit te sluiten, maar gedoseerd en weloverwogen toe te passen. Resultaat is een inderdaad mozaïek-achtig amalgaam van vier spelers die op een organische manier intelligente en zeer levendige uitvoeringen realiseren.

Het Quatuor Mosaïques richt zich vooral op klassieke componisten en begon hier met een onstuimige visie op Beethovens vroege Strijkkwartet in F (op. 18, nr.1). Het spelen op darmsnaren kan soms leiden tot een wat felle klank, zoals bij primarius Erich Höbarth het geval was in Schuberts Strijkkwartet in a (`Rosamunde'). Maar in het openingsdeel van Beethovens kwartet klonk het samenspel juist opvallend mild, romig en rond, en werd de opbouw van het stuk blootgelegd op een stromende, nergens dwingende manier.

Nog minder barok dan Beethoven bleek Schuberts Quartettsatz (D.703), dat rijk is aan eigenzinnigheden en onheilspellende tremoli. Hoewel de grondslagen van het Quatuor Mosaïques op papier misschien meer geschikt lijken voor het barokke en klassieke repertoire, verrasten zij ook hier met een verfrissend lyrische Schubert-klank in de smeltende sequenzen van de Quartettsatz en de wisselende vergezichten van het Rosamunde-kwartet. Uiteindelijk is het bij het Quatuor Mosaïques vooral de integriteit van hun intrepretaties en de vitaliteit van hun spel die de uitvoeringen – klassiek of romantisch – een `authentieke' kleur verleent.

Concert: Quatuor Mosaïques met Beethoven en Schubert. Gehoord: 10/11 Concertgebouw Amsterdam. Radio 4: 16/11, 10 uur.

    • Mischa Spel